Geheim CPB-project dwingt partijen tot harde keuzes

Doorrekeningen partijprogramma’s

Het CPB presenteert donderdag de doorrekening van de plannen van de politieke partijen. Er ging een spannend proces aan vooraf.

Veel algemener is een verkiezingsbelofte niet te formuleren. De VVD van premier Rutte schreef begin oktober in haar conceptverkiezingsprogramma: „Daarom willen wij de belasting verlagen, zodat mensen meer geld overhouden om uit te geven aan de dingen die zij belangrijk of gewoon leuk vinden.”

Met dit soort algemeenheden neemt Laura van Geest, de strenge directeur van het Centraal Planbureau (CPB), geen genoegen. Welke tariefswijziging had u in gedachten, meneer Rutte? En hoe gaat u dat betalen?

Politieke partijen die besloten hun verkiezingsprogramma’s te laten doorrekenen, wisten waar ze aan begonnen: ze moeten met de billen bloot. Voor hun politieke keuzes hebben ze zich volledig moeten conformeren aan de macro-economische modellen van het planbureau, waar ze niet zelden flinke kritiek op hebben geuit. CDA en SGP waren begin vorig jaar zo ontevreden over de „modelwerkelijkheid” van het CPB dat ze dreigden niet mee te doen.

Voor de deelnemers aan het doorrekenproces begon half oktober een spannend en supergeheim project. Het CPB hanteert strikte vertrouwelijkheid. Het is er beducht voor dat partijen elkaars gevoelige informatie te weten komen en daar in de campagne misbruik van maken. Zelfs de namen van de deelnemende partijen werden niet gedeeld. De partijen kregen tot eind januari immers nog de kans om er geruisloos en zonder gezichtsverlies uit te stappen als de uitkomsten slecht zouden bevallen.

Gedurende de rit was er geregeld overleg tussen de programmateams van de partijen – meestal onder leiding van de financiële woordvoerder van de Tweede Kamerfractie – en hun contactpersonen bij het CPB. Ook op het kantoor van het planbureau stonden stevige Chinese muren. CPB-medewerkers die ‘op een partij’ zaten, mochten er onderling niet over spreken. Volgens een strak schema hebben de uiteindelijk tien deelnemers – PVV, Partij voor de Dieren en 50Plus doen niet mee – de afgelopen drie maanden gedetailleerde informatie moeten verschaffen die de los geformuleerde beleidsvoornemens uit hun program concreet maken.

Elke keer als het CPB de uitkomsten van zijn modelberekeningen in concept naar de partijen stuurde, mochten zij hun cijfermatige inbreng aanpassen. Dat kan ertoe leiden dat partijen gaandeweg hun voorgenomen maatregelen afzwakken of juist versterken. Niet dat het hele programma nu overboord is gegaan, maar een bijsturing van een paar honderd miljoen op vergroening of onderwijs is mogelijk.

Om bij het VVD-voorbeeld te blijven: willen de liberalen de derde schijf van de inkomstenbelasting met 2 procentpunt laten dalen, dan kost dat ruim 1,2 miljard euro. Dat geld moet ergens vandaan komen. Staat er een verlaging van de WW-uitkeringen tegenover? Of laat de VVD de staatsschuld hiervoor wat oplopen?