Recensie

Een geheim leven als spook

Het Toneelhuis maakte een vrolijke voorstelling naar het werk van César Bruto.

Benjamin Verdonck (l.) en Willy Thomas Foto Kurt van der Elst

Kunstsneeuw dwarrelt onophoudelijk, stort soms als een lawine neer. Bijvoorbeeld als een van de spelers voorgeeft zich als een „kasteelspook” te vermommen, dan verdwijnt hij in het schimmige sneeuwwit. Acteurs Willy Thomas en Benjamin Verdonck van het Antwerpse Toneelhuis noemen hun voorstelling Wat ik graag zou zijn als ik niet was wat ik ben.

Hun inspiratiebron ligt bij de vrolijk-absurdistische verhalen van de Argentijnse journalist en columnist César Bruto (1905-1984) die, op opzettelijk naïeve wijze, schrijft over alle mogelijkheden die een mensenleven bezit - op voorwaarde dat hij of zij iemand anders kan zijn.

Bijvoorbeeld een geheim leven leiden als spook, als een gelukkige dief die met zijn daad rechtvaardigheid brengt, als iemand die nooit meer de huur betaalt, als „verrassingsuitvinder” die per toeval wereldschokkende uitvindingen doet. De ogenschijnlijk losse manier van theater maken is even avontuurlijk als charmant. Het is de eerste keer dat werk van César Bruto, wiens echte naam Carlos Warnes is, werd vertaald en op toneel gebracht. En terecht.

Ondanks alle vrolijkheid straalt het een fraaie melancholie uit: al zouden we willen, we kunnen niet ontsnappen aan onszelf. Ter illustratie knipt Verdonck foto’s uit de Vogue uit en schuift die over elkaar, via een overheadprojector. Een daar transformeert een blonde dame met juwelen in een Afrikaans meisje of een moslimvrouw. Zo veranderlijk is iemands identiteit.