Nervositeit over Le Pen neemt toe

Franse presidentsverkiezingen

De toenemende kans op een presidentschap van Le Pen schept economische onzekerheid. En daar houden markten niet van.

Marine Le Pen wil terug naar de Franse franc. Foto Michael Probst/AP

Binnen maar vooral ook buiten Frankrijk nemen de zorgen toe over de economische gevolgen van de Franse presidentsverkiezingen van dit voorjaar. Geen opiniepeiler twijfelt nog of de eurosceptische nationaal-populist Marine Le Pen eind april de eerste kiesronde kan winnen. En hoewel het voor haar lastig blijft om twee weken later een absolute meerderheid te halen, zijn volgens de logica van de markten haar kansen toegenomen.

Dat is het best te zien aan de hogere rente op tienjarige staatsleningen voor Frankrijk ten opzichte van Duitsland. Die spread is sinds 2012, het jaar dat president Hollande aantrad, niet zo groot geweest. Dat heeft in de eerste plaats te maken met de val van de door affaires geplaagde centrum-rechtse kandidaat François Fillon. Daarvan profiteert Le Pen. Haar plannen voor staatsdirigisme en een terugkeer van de frank maken beleggers onrustig. Winst van Le Pen zou volgens zakenbank JP Morgan „in enkele weken” tot een val de euro met 10 procent leiden.

Tijdens een partijcongres in Lyon ontvouwde Le Pen vorige week haar programma van „144 engagements présidentiels”. Centraal staat het „teruggeven van de soevereiniteit aan het Franse volk”. Dat gebeurt niet alleen door het zoveel mogelijk sluiten van grenzen, maar ook door Frankrijk los te koppelen van globalisering.

Via „intelligent protectionisme” (onder andere 3 procent importheffing, belasting op niet-Franse werknemers, uitsluitend Franse bedrijven voor publieke aanbestedingen) wil ze de eigen industrie aanzwengelen. „Ik zou hetzelfde doen als Monsieur Trump die erin geslaagd is Amerikaanse bedrijven te laten terugkeren”, zei ze op tv.

Het programma van Marine Le Pen: 144 engagements présidentiels

Na haar verkiezing wil Le Pen onderhandelen „met onze Europese partners” over „monetaire zelfstandigheid”. Komt binnen zes maanden geen overeenstemming, dan schrijft ze een referendum uit over vertrek uit de Europese Unie en de euro. Zelf zal ze dan de ‘Frexit’-campagne leiden.

„Maar ik denk niet dat het zover hoeft te komen”, sust haar economisch adviseur en europarlementslid Bernard Monot. „Als Frankrijk uit de EU stapt is dat het eind van de EU. Dan kunnen ze beter Frankrijk wat meer monetaire vrijheid geven”, zegt hij. Hij wil dat de „nieuwe Franse franc” gekoppeld wordt aan de euro via het EU-wisselkoersmechanisme (‘ERM II’) zoals nu al gebeurt met de Deense kroon. Die mag tegenover de euro tot 15 procent fluctueren. Monot hoopt daarbij op steun uit landen als Italië en Griekenland. Dat zijn, zegt hij verwijzend naar IMF-berekeningen, „allemaal landen die lijden onder Duits concurrentievoordeel” doordat de euro voor Duitsland „ondergewaardeerd” is.

Om de export te bevorderen bepleitte Marine Le Pen tot nu ook een devaluatie van „20 tot 25 procent”. Maar dat is niet meer aan de orde, zegt Monot, omdat de euro de laatste jaren al veel waarde heeft verloren. Om kapitaalvlucht (en door de Franse pers gevreesde „Argentijnse toestanden”) te voorkomen rekent hij op „een stabiele Franse munt”. Naast de franc zou voor het bedrijfsleven een Europese rekenmunt moeten blijven bestaan, zoals de ‘ecu’ voorafgaand aan het invoeren van de euro.

Maar kunnen de Fransen hun euroschulden (97,6 procent van het bbp) wel in francs terugbetalen? Nee, schreef hoofd Moritz Kraemer van kredietbeoordelaar Standard & Poor’s onlangs „zonder enige aarzeling” in een ingezonden brief in The Economist. Als een land zich bij terugbetaling niet aan de in het contract afgesproken munteenheid houdt, dan is er volgens S&P automatisch sprake van een default.

Onzin, denkt Monot. „97 procent van de Franse schuld is onder Frans recht afgesproken. Dus daar hebben anderen niets over te zeggen. Wij willen die gewoon terugbetalen, maar we doen dat met onze nieuwe eigen munt. En zolang er geen devaluatie komt, merkt niemand daar iets van.”

Door stijgende rentetarieven, waarschuwde de Franse bankpresident François Villeroy de Galhau maandag, zal de Franse schuld bij vertrek uit de euro jaarlijks wel 30 miljard euro meer kosten.