Recensie

Melancholicus en optimist kibbelen over dood of doorgaan

237 redenen om door te gaan

Orkater maakt een toneelstuk over een melancholicus en een optimist. „Kijk naar haar buik! Maagoperatie?”, vraagt de een. „Nee, zwanger!”, antwoordt de ander.

Geert Lageveen (links) en Leopold Witte. Foto Ben van Duin

De voorstelling zou eerst 237 redenen om dood te gaan heten. Althans, dat was de wens van acteur Leopold Witte: een stemmige, contemplatieve oefening in de dood. Witte en collega Geert Lageveen naderen immers de zestig en daarmee de herfst van hun leven. Ze krijgen kwaaltjes, vrienden gaan dood; goed om daar in het theater bij stil te staan. Maar Lageveen wil er niks van weten. Die fietst en danst en hupt over toneel, topfit en in de bloei van zijn leven. De melancholicus versus de optimist.

Hun verschillende standpunten worden geestig duidelijk in een dialoogje over een vijftigjarige kennis. Lageveen: „Kijk naar haar buik!” Witte concludeert: maagoperatie? Nee, roept Lageveen, zwanger!

De optimist kreeg zijn zin met de titel, maar uiteindelijk is dit wel degelijk een voorstelling over afscheid, verlies en vergankelijkheid, en de (237?) manieren om daarmee om te gaan.

Losjes associëren de twee rond het thema, terwijl ze plaatjes draaien van overleden helden en leeftijdgenoten (Prince, George Michael). Witte beschrijft met smaak het ontbindingsproces van een lijk, en Lageveen klampt zich vast aan een ambitieuze to do-list voor de rest van zijn leven. Op prettig persoonlijke toon kabbelt de voorstelling zo voort, zonder duidelijke richting of doel; gewoon twee vrienden die kletsen en kibbelen. Inhoudelijk blijft de tekst gezien de grote existentiële ambitie aan de veilige kant. Mooi is wel de kentering richting het eind, als melancholicus Witte wel erg zelfgenoegzaam blijkt te zwelgen in het sentiment, zonder werkelijk geraakt te worden, en Lageveen onder al zijn bravoure juist een kwetsbaar, doodsbang jongetje blijkt te zijn.