Mogelijk geen hoofdpijn meer door VR-brillen

Virtual reality zorgt nu vaak nog voor hoofdpijn, maar een nieuw prototype bril moet dit voorkomen.

Foto Benoit Tessier/Reuters

Een VR-bril kan meevoeren naar virtuele werelden, maar ook naar daverende hoofdpijn. De hersenen weten niet of ze nu moeten scherpstellen op het virtuele beeld, of op het schermpje in de bril.

Onderzoekers van Stanford University hebben voor dit probleem een oplossing, melden ze in het Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS). Hun ontwerp, voorlopig nog een tamelijk omslachtig prototype vastgeschroefd op een laboratoriumtafel, zou kunnen leiden tot VR-brillen die natuurlijker aanvoelen.

Wie diepte ziet, kijkt naar twee afbeeldingen van hetzelfde tafereel, met een klein verschil in invalshoek. De hersenen combineren de twee beelden naadloos tot één 3D-waarneming.

Daarvoor moeten de ogen wél scherpstellen, afhankelijk van de afstand tot het voorwerp. En om het voorwerp centraal in beeld te krijgen, moeten de ogen ook draaien, onder een iets verschillende hoek (‘scheel kijken’).

VR-brillen bootsen dat hele proces heel aardig na, maar niet perfect: de ogen moeten scherpstellen op beeldscherm, terwijl de scheelkijk-hoek juist afhankelijk is van het virtuele voorwerp.

Daar hebben de hersenen moeite mee, wat hoofdpijn en vermoeidheid oplevert.

De VR-bril van Gordon Wetzstein en collega’s heeft twee automatisch afstelbare lenzen, één per oog, wat op zichzelf al eerder vertoond is. Daarnaast is een ingebouwde gaze tracker, die detecteert naar welk virtuele voorwerp de gebruiker kijkt. Afhankelijk daarvan past software past de sterkte van de lenzen aan, en ook wordt het beeldscherm dichterbij of verderaf gezet met hulp van een motortje.

Op die manier zijn de scherpstelafstand en de scheelkijkafstanden weer netjes met elkaar in overeenstemming te brengen. Proefpersonen melden dat de bril inderdaad lekkerder kijkt bij onderwerpen veel dieptewerking, en dat het linker en -rechterbeeld gemakkelijker samensmelten tot één 3D-beeld.