Wat roken de samenleving kost

Nieuw onderzoek

Roken kost de Nederlandse samenleving gemiddeld 2.000 euro per inwoner per jaar. Maar als iedereen stopt, stijgen de zorgkosten.

Foto Marco de Swart/ANP

De roker zegt: de maatschappij mag mij dankbaar zijn want ik betaal veel belasting over mijn sigaretten. Dat weegt ruim op tegen mijn dokterskosten. De niet-roker zegt: ja, maar rokers zijn vaker ziek en daardoor minder productief. Het is een eeuwige discussie. Wie er gelijk heeft is niet makkelijk op de achterkant van een sigarendoosje uit te rekenen.

In harde euro’s ontlopen de kosten en baten van roken elkaar niet veel. Aan beide kanten van de balans staat ieder jaar ongeveer 24 miljard euro. Maar er zijn ook toerekenbare kosten, die niet echt worden gemaakt: de zachte euro’s. Dat zijn bijvoorbeeld de kosten van verloren levensjaren. Dat is de schade die iemand lijdt doordat hij vroeger overlijdt – door het roken. Zo is er ook een kostenpost voor in ziekte doorgebrachte jaren.

Harde en zachte euro’s bij elkaar opgeteld kost roken de Nederlandse samenleving dan jaarlijks per saldo 33 miljard euro. Het komt neer op 2.000 euro per Nederlander per jaar.

Dat schreven vijf gezondheidseconomen donderdag in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. In het artikel ‘De rekening van roken’ becommentarieerden ze twee recente rapporten over de kosten van roken, waaraan een paar NTvG-auteurs overigens zelf meeschreven. Het gaat om een onderzoek van onderzoeksbureau SEO in opdracht van de Stichting Eindspel Tabak dat in februari 2016 verscheen en een toekomststudie van het RIVM, de Universiteit Maastricht en het Trimbos-instituut uit juni 2016. De rapporten vullen elkaar aan, schrijven de economen.

850 miljoen pakjes

Bijna een kwart van de Nederlanders rookt, zo’n 850 miljoen pakjes per jaar. Jaarlijks int de overheid daarop 3,4 miljard euro aan belastingen op tabakswaren (accijns en btw). De zorgkosten van rokers zijn op jaarbasis 3,5 miljard euro hoger dan die van niet-rokers. Maar een man die levenslang rookt vanaf zijn jeugd, leeft gemiddeld 7,5 jaar korter. Een rokende vrouw verliest 5 jaar. Daardoor zijn de zorgkosten van niet-rokers over de hele levensloop fors hoger, ook al omdat rokers minder vaak langdurig in een verpleeghuis zijn opgenomen. Ouderenzorg (8,6 miljard euro) en mantelzorg (1,4 miljard euro) leggen hier dus gewicht in de schaal.

Voor een eerlijke vergelijking moeten daartegenover de verloren levensjaren en de verloren kwaliteit van leven van rokers ook in rekening worden gebracht. Die bedragen komen uit op respectievelijk 24,3 en 11 miljard euro. Dat geeft het grote verschil in de maatschappelijke kosten van roken.

Stoppen met roken

Als alle Nederlanders zouden stoppen met roken, stijgen de zorgkosten flink, is de snelle conclusie uit deze cijfers. Maar daar staat een gezondere bevolking tegenover. Ook het bedrijfsleven profiteert, doordat mensen die niet roken productiever zijn.

Om het roken verder te ontmoedigen werkt accijnsverhoging het best: het grootste effect voor het minste geld, concluderen de gezondheidseconomen. Dat zet meer zoden aan de dijk dan voorlichtingscampagnes. Accijnsverhoging in combinatie met rookverboden, reclameverboden, hulp bij stoppen met roken en voorlichtingscampagnes is het effectiefst. Dat levert over vijftien jaar een gezondheidswinst van 273 miljoen euro. Dat is een schijntje vergeleken met het gezondheidsverlies van 35 miljard euro door roken. In deze berekening rookt in 2030 nog altijd 15 procent van de bevolking. Veel mensen stoppen bij accijnsverhoging niet met roken, maar ze roken minder. En de gezondheidswinst daarvan is niet zo groot.

Om het rendement te verbeteren is er volgens de gezondheidseconomen „een krachtig overheidsbeleid nodig dat de accijnswinst direct omzet in gezondheidswinst”. De inkomsten moeten gebruikt worden om te voorkomen dat jongeren gaan roken en om te bevorderen dat rokers helemaal stoppen.