Interview

‘De moderne zeeman heeft meer last van overgewicht dan van geslachtsziekten’

Havenarts Lucas Viruly De moderne zeeman/-vrouw heeft meer last van stress en overgewicht dan van seksueel overdraagbare aandoeningen. Havenarts Lucas Viruly ziet ze langskomen in zijn Amsterdamse praktijk. Ook geeft hij medisch advies aan zeevarende bellers vanaf alle wereldzeeën.

Lucas Viruly: „Als een Nederlands gezin de wereld overzeilt en hun jongste kind krijgt oorontsteking, dan mogen ze bellen.” Foto Merlijn Doomernik

Heel af en toe staat er een jong stel op de stoep, aarzelend informerend naar de mogelijkheden omtrent kunstmatige inseminatie. Lucas Viruly (59) lacht. „De naam van de praktijk is wat misleidend. Medical Centre for Seamen… Maar we leveren hier geen zaad.” Viruly ontfermt zich al ruim 25 jaar over heel andere seamen. Hij is havenarts voor de zeelieden op de zeeschepen die Amsterdam aandoen.

Zelf heeft Viruly absoluut geen zeebenen. „Zet mij op een stormachtige dag op de veerpont hier over ‘t IJ en ik word al zeeziek.” Aanvankelijk had hij een carrière als tropenarts voor ogen, maar dat kwam er niet van. „Toen die vacature voor een havenarts langskwam, dacht ik: als ik niet naar de tropische ziektes kan, dan komen de tropische ziektes maar naar mij.”

Sinds 2002 reist Viruly alsnog de wereld over. Zijn stem, althans. Hij werkt ook als arts voor de Radio Medische Dienst (RMD). Nederlandse zeelieden, waar ook ter wereld, kunnen er met hun medische klachten terecht. Eens in de vijf weken heeft hij dienst, van maandagochtend 08.00 uur tot de maandagochtend erop – dag én nacht. Zijn werk als huis- en havenarts gaat tegelijkertijd gewoon door.

Dus iedere zeeman met een griepje kan u bellen?

„De RMD is er in principe voor iedereen die vaart - van de kleinste zeilboot tot het grootste containerschip. Alleen cruiseschepen doen we niet; die hebben hun eigen scheepsarts aan boord. Als een Nederlands gezin de wereld overzeilt en het jongste kind krijgt opeens oorontsteking, dan mogen ze bellen. Maar in de professionele zeevaart bellen ze ons alleen als er iets ernstigs aan de hand is. Op elk schip is de eerste stuurman bevoegd om medische zorg te verlenen: hechten, infusen zetten, injecties geven… Pas als hij er niet uitkomt, neemt hij met ons contact op. De RMD krijgt gemiddeld twee telefoontjes per dag.”

Hoe verleent u hulp als u zich op duizenden zeemijlen afstand van het schip bevindt?

„Zo’n eerste stuurman kan gelukkig een hoop zelf – het vak ‘medische zorg op zee’ is berucht onder zeevaartschoolstudenten. Wij zijn er als vraagbaak, en om te adviseren. Welk protocol moet worden gevolgd, welke medicijnen kunnen worden toegediend… De medische kit aan boord van schepen bevat zo’n zestig standaardmedicamenten, waaronder zes soorten antibiotica, morfine, en een middel tegen bloedverlies bij miskramen. Vaak kunnen we op afstand een diagnose stellen. Zo was er een olietanker op weg van Rotterdam naar Houston, waar de matroos jeuk op zijn rug kreeg en de officier over de radio een groep blaasjes en korstjes beschreef. Het schip stuurde vervolgens een digitale foto: onmiskenbaar gordelroos. Daarvoor waren medicijnen aan boord.”

Wat wel opvalt, is dat de hoeveelheid psychische klachten sterk toeneemt.

Vorige maand werd een Nederlandse vrouw vanaf een cruiseschip nabij Antarctica geëvacueerd na een vermoedelijke hersenbloeding. Is evacuatie niet altijd het handigst?

„Mits het schip redelijk nabij de kust is kunnen we er voor zorgen dat iemand per helikopter of reddingsboot naar land wordt gebracht. Zo was er een vissersboot waarbij een bemanningslid van 180 kilo in het vriesruim was gevallen. Hij was gewond aan beide benen en kon niet opstaan. Zijn collega’s wisten hem met vereende krachten aan dek te krijgen, maar hem naar binnen dragen was ondoenlijk. De patiënt raakte onderkoeld en dus werd er een helikopter ingezet om hem naar Ierland te transporteren. Varen zou nog veertien uur duren. In dat geval gaat alles in overleg met de plaatselijke kustwacht. Ook de Nederlandse Kustwacht is er altijd bij betrokken – al onze communicatie verloopt via hun servers.”

Zo’n internationaal telefonisch consult zal behoorlijk prijzig zijn…

„Het gebruik van de RMD is gratis, maar we vragen mensen die we geholpen hebben wel om KNRM-donateur te worden.” Viruly wijst naar de bootvormige spaarpot op zijn bureau, met in grote letters KNRM op de zijkant. „De RMD is een onderdeel van de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij. De grote scheepvaartmaatschappijen zijn sowieso donateur – en meestal niet voor drie tientjes. Voor medische zorg in de haven moeten de rederijen wel zelf betalen – de meeste zijn ervoor verzekerd. Het kan een duur grapje worden als de kapitein of eerste machinist zelf ziek is. Dan kan het schip niet uitvaren en dat kost algauw een ton per dag.

„Het zijn overigens niet alleen Nederlandse zeelieden die bellen. Een tijd lang werden we regelmatig gebeld door Indiase schepen - die hebben geen eigen radio medische dienst. Maar het zijn toch hoofdzakelijk Nederlanders die ons bellen. In je moederstaal communiceert het toch makkelijker. Ik kan inmiddels met alle vissersdialecten wel overweg. Al heb ik met het Katwijks en het Urks soms nog wat problemen. En dat terwijl er juist in de zeevisserij redelijk vaak nare ongelukken gebeuren. Dan heb ik het niet over een graatje dat in de keel blijft steken, al hebben we dat ook wel eens gehad. De eerste stuurman moest het met een pincet verwijderen.”

Wat gebeurt daar dan? Vishaken in ogen?

„Bijvoorbeeld. Bekijk de documentairereeks Cold Water Gold van National Geographic maar eens. Dan zie je dat het leven op zee keihard is. Enorme golven die over het voordek slaan, zware deuren die dichtklappen tijdens een storm, gladde trappetjes waar je makkelijk je nek kunt breken. En als dat halverwege de Atlantische Oceaan gebeurt, ben je letterlijk ver van huis. Het komt voor dat er dooien vallen. Vorig jaar nog publiceerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid het rapport ‘Zorg tussen wal en schip’, naar aanleiding van het overlijden van een Nederlandse duikster in 2015. Daarin werd ook gekeken naar de rol van de RMD – was alle communicatie goed verlopen? Uit het rapport bleek helaas hoe moeilijk het is voor alle betrokken partijen om op afstand een medische evacuatie goed te laten verlopen. Dat kan zeker nog beter op elkaar worden afgestemd.”

Bij een depressie stuur je een zeeman niet het water op – maar wat als hij juist hunkert naar de zee, en depressief wordt door zijn verblijf aan land?

Welke kwalen heersen er veel op zee?

„Zeelieden hebben steeds vaker last van overgewicht – veel werk is tegenwoordig gemechaniseerd; het werken aan boord is in toenemende mate een kwestie van knopjes indrukken en papierwerk. Elke zeeman moet eens in de twee jaar een uitgebreide medische keuring ondergaan – een soort APK, waarbij we vaak ook wat achterstallig onderhoud plegen – en daarbij is tegenwoordig ook de Body Mass Index onderwerp van gesprek. Wel wordt er tegenwoordig aanzienlijk minder gerookt en valt het mee met de alcoholproblemen. De meeste schepen staan feitelijk droog.”

En, om er maar even een zeemanscliché bij te halen: soa?

„Seksueel overdraagbare aandoeningen kom ik als havenarts nauwelijks nog tegen. Ik heb in geen tijden een druiper gezien. Door toenemend gebruik van voorbehoedsmiddelen, maar ook doordat zeelieden nauwelijks nog de kans krijgen ‘al hun benen’ te strekken aan de wal. De tijd in de haven wordt vanwege de efficiency tot een minimum beperkt, de veiligheidseisen zijn strenger sinds 9/11 en de meeste terminals bevinden zich tegenwoordig ver buiten de stad en achter hoge hekken en prikkeldraad. Ik zeg niet dat er een oorzakelijk verband is, maar wat wel opvalt, is dat de hoeveelheid psychische klachten sterk toeneemt. Laatst nog is er een jonge knul in de mast van een schip geklommen om de radar onklaar te maken. Hij had last van de straling, zei-ie.”

Moet iemand met psychische klachten aan wal blijven?

„Dat hangt van de aard en de ernst van die klachten af. Ik heb eigenlijk een dubbele pet op: ik ben niet alleen de behandelaar, maar moet ook beslissen of iemand wordt afgekeurd, al dan niet tijdelijk. Dat is soms moeilijk. Bij een depressie stuur je een zeeman niet het water op – maar wat als hij juist hunkert naar de zee, en depressief wordt door zijn verblijf aan land? Ook de diagnose ADHD geeft problemen. Tegenwoordig mag je dan niet varen, terwijl in het verleden misschien juist veel jongens met ADHD-gerelateerde klachten het ruime sop kozen. Waar ze het, onder een leiding van een strenge kapitein met liefdevolle tucht, prima deden.”