‘Je hebt veel geluk als je in dit land bent geboren’

Spitsuur

Gerda Bosdriesz (61) zet zich al sinds haar veertiende maatschappelijk in. Eerst bij de Wereldwinkel, later in de politiek: „Ik heb altijd meegekregen dat het niet rechtvaardig is dat wij het goed hebben en anderen niet.”

Gerda: „Ik ga elke donderdag met mijn vrienden van GroenLinks naar het café. Dan nemen we de toestand in de wereld door.” Foto David Galjaard

Gerda: „Ik was veertien toen ik maatschappelijk actief werd. Aanvankelijk was dat in de Wereldwinkel, omdat ik onrecht in de wereld wilde aanpakken. Rond mijn achttiende zat ik in diverse actiegroepen, zoals ‘Dodewaard moet dicht’, een comité voor jongerenhuisvesting en een vrouwengroep. Op mijn 22ste werd ik lid van de PSP [Pacifistisch Socialistische Partij, red.]. Ik had toen net de Sociale Academie gedaan en kwam terecht in het jongerenwerk in een buurthuis in Ede. Aanvankelijk deed ik niet veel meer dan vechtende jongeren uit elkaar houden. In Dordrecht ging ik daarna vormingstheater en filmhuisactiviteiten voor een breder publiek organiseren. Zo ben ik de programmering ingerold. Ik doe dat nog steeds bij ProDemos, een organisatie die zich inzet voor democratie en de rechtsstaat. Als hoofd van de ProDemos Academie houd ik me bezig met de educatieve programma’s voor volwassenen, zoals het organiseren van lezingen, colleges en politieke cafés in wijken.

„Ik heb in mijn opvoeding sterk meegekregen dat je je ergens voor in moet zetten, dat het niet rechtvaardig is dat wij het goed hebben en anderen niet. Dat gevoel vond ik ook bij de PSP. Op mijn 25ste ben ik bij de PSP-fractie in de Tweede Kamer gaan werken. Voor Andrée van Es, Fred van der Spek en Wilbert Willems.

„Ondertussen was ik ook actief geworden voor de PSP in de gemeenteraad van Dordrecht. Daar heb ik van 1988 tot 2002 in gezeten, waarvan de laatste vier jaar als wethouder van GroenLinks. In die periode kreeg ik met mijn vriend een zoon. We woonden apart in hetzelfde huis en verdeelden de taken. Na twaalf jaar zijn we uit elkaar gegaan, maar ook daarna zijn we de opvoeding altijd samen blijven doen.”

Verkiezingstijd

„Ik vind het belangrijk om anderen mee te geven hoe waardevol het is dat we in Nederland in een democratie leven. Hoe blij men mag zijn dat je hier je mening kunt uiten, dat je kunt meepraten en dat er rekening wordt gehouden met minderheden. Ik zou willen dat iedereen zich realiseerde dat je veel geluk hebt als je hier bent geboren. Uit onderzoek blijkt dat Nederlanders positief zijn over de democratie, maar in de media merk ik daar weinig van. Bij ProDemos ontvangen we elke dag 24 schoolklassen voor een actief dagprogramma inclusief bezoek aan het Binnenhof. Dan praten we met hen over democratie en de rechtsstaat. Daarna zijn ze vaak een stuk positiever over de politiek.

„We organiseren elk jaar een Nacht van de Dictatuur. We proberen dan de sfeer van een dictatuur neer te zetten, onder meer door vluchtelingen persoonlijke verhalen te laten vertellen. Door de verkiezingen hebben we het nu extra druk. Allerlei organisaties vragen onze hulp bij verkiezingsdebatten en er zijn veel informatiebijeenkomsten in het land voor nieuwe Nederlanders en jongeren die voor het eerst mogen stemmen.

„Mijn zoon woont in Dubai en mijn familie woont ook ver weg, dus ik ben heel vrij in mijn tijdsplanning. Ik heb een fulltimebaan en ik werk graag lang door. Toch zie ik er niet tegenop om over een paar jaar met pensioen te gaan. Ik vind het zonde dat mensen steeds later met pensioen moeten en banen van jongeren vasthouden.

„Ik zou me prima vermaken als ik niet meer zou werken. Ik zou vrijwillligerswerk blijven doen en ik zou meer creatief bezig willen zijn: een muziekinstrument leren bespelen, zingen, tekenen, schilderen, dansen. Ik denk dat ik me geen moment zou vervelen.”

Multicultureel vrouwenkoor

„Ik breng veel tijd door met vrienden. Zo ga ik elke donderdag met mijn vrienden van GroenLinks naar het café. Dan nemen we de toestand in de wereld door. Verder doe ik eenmaal per week aan yogalates, omdat ik iets aan lichaamsbeweging wil doen. Voorheen deed ik aan Afrikaans dansen, maar dat is gestopt. En ik begin binnenkort hopelijk weer met zingen. Ik was lang lid van een multicultureel vrouwenkoor en stap nu over naar een ander koor. Verder houd ik van tuinieren: ik heb samen met een vriendin een volkstuintje met een tuinhuisje, omdat we als bewoners van de binnenstad geen van beiden een echt buiten hebben. We zijn daar vaak, vooral in de zomer. In mijn vakantie fiets ik meestal met mijn nicht. En eens in de vijf jaar bezoek ik een vriendin in Armenië. Maar ik blijf ook lekker in eigen land: naar zee of naar musea.”

Openstaan voor elkaar

„Ik geef veel geld uit aan mijn huis en aan de boodschappen, maar niet aan buitenissigheden. Ik steun goede doelen, zoals een kinderdagverblijf in Armenië en vluchtelingenorganisaties. Als ik dan nog geld overheb, probeer ik wat van mijn hypotheek af te lossen.

„Grote dromen heb ik eigenlijk niet. Op dit moment ben ik single, dus wie weet komt er nog eens een man op mijn pad. Maar ik hoef niet zo nodig samen te wonen. Dat heb ik trouwens nooit echt gedaan, behalve met mijn poes. Ik ben erg gesteld op het feit dat ik mijn eigen gang kan gaan. Verder hoop ik wel dat onze samenleving weer wat vriendelijker wordt. Ik hoop dat we in de toekomst wat meer openstaan voor elkaar en elkaar niet meteen afmaken op sociale media.”