Column

Boze vriendin

Waarom worden al die honken van diverse motorclubs dichtgetimmerd omdat het criminele organisaties zijn, terwijl kerken hun deuren gewoon wagenwijd open mogen houden? Youp van ‘t Hek vraagt het zich af.

Donderdag aan het eind van de middag klopte een vriendin van mij op mijn kleedkamerdeur in Carré waar ik deze maand mijn kunstje vertoon. Ze was die avond mijn gast in het theater. Ik had haar een klein jaar niet gezien en we namen even snel ons beider levens door. Ik pakte mijn telefoon en vroeg haar of ze een leuk filmpje wilde zien.

En toen gebeurde het. Ze schreeuwde als een door een haai gebeten Freek Vonk. Of ik gek geworden was? Dat al die andere zielige internetgrazers, die de hele dag op Twitter en Facebook bivakkeren omdat ze zich op hun saaie werk kapot vervelen, naar dit soort onzin zitten te loeren, moeten zij weten! Maar dat ik, die kan leven van mijn botte pen en mijn grote mond, nu ook al zo’n sneue Dumpert-verslaafde was geworden! Dat had ze toch echt niet verwacht. En dat filmpje van die strak gespoten bejaarde botoxsnol hoefde ze niet te zien.

Ik zei dat ik de strak gespoten bejaarde botoxsnol niet zo aardig vond, maar ze luisterde niet. Ze schreeuwde dat het tegenwoordig nog maar om één ding gaat en dat is seks, seks en nog eens seks. Of ik had gelezen dat ene Kim Holland in Tilburg onlangs in een biechtstoel van een rooms-katholieke kerk stiekem een pornofilmpje had opgenomen. Verschrikkelijk toch? Ik stelde haar gerust met dat er in een gemiddelde Roomse biechtstoel wel ergere dingen zijn gebeurd. Zowel verbaal als praktisch. En ik wees haar nog even fijntjes op het rapport dat deze week verschenen is over de Australische papen. Vierduizendvierhonderdvierenveertig misbruikgevallen.

En ik herinnerde haar nog even aan onze eigen commissie-Deetman, de zaak Boston, het gevalletje met de bisschop van het Belgische Brugge die van zijn neefjes nichten probeerde te maken plus alle andere kindermisbruikaffaires. Het zaad druipt waar het niet gaan kan. Allemaal gevolgen van dat idiote celibaat. Tienduizenden misdienaartjes en kostschoolknaapjes gaan onherstelbaar verminkt door de rest van hun levens omdat die vieze zwartrokken aan ze hebben zitten wriemelen. Dus ze moest niet zeuren over een pornofilmpje.

Meteen vroeg ik haar waarom al die honken van diverse motorclubs regelmatig worden dichtgetimmerd omdat het criminele organisaties zijn en waarom kerken hun deuren gewoon wagenwijd open mogen houden? Terwijl we het toch over kinderporno hebben. Ze luisterde niet en schreeuwde dat het een schande was dat ik haar dit filmpje wilde laten zien. Zij had het inmiddels ook al bekeken. En ze vond het vooral zielig. Maar dit hoort nou eenmaal bij oude mensen. Bejaarden doen soms raar. Vooral met hun plas en hun poep. Daarna begon ze over haar demente vader die vlak voor zijn dood regelmatig in de kamerpalm begon te plassen. Die palm heeft dat dan ook niet overleefd. En de broer van haar moeder liep op zijn achtentachtigste spiernaakt door de Jumbo in Veghel en vroeg aan de caissière of ze met hem het legeflessenhok in wilde. Dit soort treurige dingen hoorde volgens mijn vriendin allemaal bij de tragiek van de ouderdom, maar om dat nou te filmen en daar met het hele land besmuikt om te gaan lachen…

Ik stond nog steeds met mijn telefoon in mijn hand en wilde eigenlijk dolgraag mijn filmpje starten. Maar daar kwam niks van in. Ik was een viespeuk, een smeerlap en ze had ook al helemaal geen zin meer om met mij en de jongens van mijn circus te dineren en de voorstelling van die avond kon ik ook in mijn reet steken. Woedend beende ze weg en sloeg hard met de deur. Keihard zelfs.

Beetje ontredderd liep ik twee minuten later het verlaten toneel van Carré op. Ik staarde naar de lege stoelen die ’s avonds allemaal gevuld zouden zijn. Ik had zin om te spelen. Opeens liep er een beeldschoon meisje het podium op. In haar armen droeg ze een grote bos bloemen. Die waren voor na de voorstelling. Waar ze ze moest neerzetten? Ik vroeg of ze met mij naar een filmpje op mijn telefoon wilde kijken. Dat wilde ze wel. En toen keken we samen naar de eerste losse stapjes van mijn dertien maanden oude kleindochter. Verse beelden van die donderdagochtend.

„Is ze al zindelijk?”, vroeg het vertederde meisje.

„Nee”, lachte ik, „dat duurt nog even. Ze plast nog overal!”