Artsen: te lage drempel euthanasie bij dementerenden

Levensbeëindiging

Met een advertentie hopen artsen een discussie te starten over euthanasie bij dementerenden. „We willen een dam opwerpen.”

Een grote groep Nederlandse artsen vindt dat mensen met een vergevorderde vorm van dementie te eenvoudig euthanasie kunnen krijgen. In een advertentie die deze vrijdag in onder meer NRC Handelsblad en nrc.next verschijnt, keren bijna 220 artsen zich tegen euthanasie bij dementerenden als die alleen op basis van een wilsverklaring wordt verleend.

Opvallend is dat de advertentie ondertekend is door veel SCEN-artsen. Dat zijn artsen die patiënten mede begeleiden bij het euthanasieproces. Ze zijn oproepbaar als ‘tweede beoordelaar’ bij euthanasieverzoeken. Deze artsen zijn dus niet principieel tegen euthanasie en hebben vaak ook euthanasietrajecten begeleid. Ook Bert Keizer, een arts werkzaam bij de Levenseindekliniek, heeft de advertentie ondertekend. Niet eerder kwamen artsen zo massaal in opstand vanwege morele bezwaren bij euthanasie.

„Een dodelijke injectie geven aan een patiënt met vergevorderde dementie op grond van een wilsverklaring?”, begint de verklaring. „Aan iemand die niet kan bevestigen dat hij dood wil? Nee, dat gaan wij niet doen. Onze morele weerzin om het leven van een weerloos mens te beëindigen is te groot.”

Het probleem is dat patiënten met vergevorderde dementie niet altijd meer duidelijk kunnen vertellen of hun verzoek nog vrijwillig is. Dat zorgt bij veel artsen voor ernstige twijfel en gewetensbezwaren. „Met deze actie willen we een dam opwerpen naar een fundamentele grensoverschrijding die we constateren”, zegt huisarts Jaap Schuurmans, een van de initiatiefnemers van de advertentie. „Iemand die dement is zegt de ene keer dit, de andere keer dat. Als er al enige onduidelijkheid is, dan kun je in onze ogen een leven niet beëindigen. Het schept maatschappelijke onduidelijkheid en onzekerheid bij artsen.”

Een opvallend voorbeeld is de euthanasie van een vrouw in de documentaire Levenseindekliniek. Zij was dementerend, had een wilsverklaring, maar kon door de ziekte niet meer praten. Ze zei telkens „huppekee”, wat de dienstdoende arts – die haar had leren kennen – interpreteerde als de bevestiging van haar euthanasieverzoek. Nadat de documentaire werd uitgezonden, leverde dat geschokte reacties op van kijkers die niet begrepen hoe de arts bij deze mevrouw nog kon constateren of ze vrijwillig om euthanasie verzocht.

Met de advertentie willen de initiatiefnemers binnen de beroepsgroep een nieuwe discussie starten over het onderwerp. Ouderenpsychiater Boudewijn Chabot, mede-initiatiefnemer, noemt het een „zorgwekkende ontwikkeling” dat vorig jaar drie keer euthanasie is toegepast bij ernstig demente personen. Hij hoopt dat het Openbaar Ministerie vervolging instelt tegen een arts over wie de toetsingscommissie oordeelde dat deze onzorgvuldig heeft gehandeld. Dat betrof een arts die „niet ondubbelzinnig tot de overtuiging [kon] komen dat sprake was van een vrijwillig en weloverwogen verzoek om levensbeëindiging” bij een ernstig demente, wilsonbekwame vrouw. „Patiënte heeft nimmer mondeling om euthanasie verzocht en er lag geen duidelijke schriftelijke wilsverklaring”, aldus het oordeel. Chabot: „Het OM leunt altijd achterover. Maar dit is zo’n principiële zaak dat het OM nu eindelijk eens zijn rol binnen ons rechtssysteem moet waarmaken.”