Column

Als de omroep een zwaar beladen film tot ‘na de verkiezingen’ uitstelt

Deze week: waarom een film over screening van verdachte vluchtelingen na de verkiezingen wordt uitgezonden. Ofwel: betwistbare omroepkeuzes in verkiezingstijd.

Tekst

De liberale democratie – het blijft een prachtig idee. En je weet dat er iets niet klopt als je dit moet zeggen.

Zo heb je radicale terrorismebestrijders die wereldwijd hun hoofd weer om de deur steken. De mensen die de democratie willen beschermen tegen terrorisme en dan de democratie gedeeltelijk afschaffen. Hele groepen religieuze rechten ontnemen. Martelen propageren.

Tegelijk, en daar gaat dit stuk over, heb je mensen die ongemakkelijke en pijnlijke beelden buiten de campagne houden. Ook al gaat het om beelden die kiezers zéér beroeren. Beelden die de rauwe werkelijkheid van een onmachtige overheid in een onveilige wereld illustreren.

Besluiten zulke beelden pas na de verkiezingen uit te zenden, terwijl ze gepland stonden in campagnetijd, lijkt me evengoed wezensvreemd aan de liberale democratie. Die moet bestand zijn tegen álle feiten, dacht ik.

De tip kwam een paar weken terug. Er was een documentaire film gemaakt over de unit 1F van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) van Veiligheid en Justitie.

‘1F’, zoals ze de afdeling op Justitie noemen, verricht de ondankbaarste van alle immigratietaken. Als na eerste IND-screening van nieuwkomers – meestal asielzoekers – het vermoeden rijst dat er een oorlogsmisdadiger tussen zit, bij voorbeeld een IS-terrorist, dan is het de taak van 1F die persoon in onderzoek te nemen.

De tipgever, die later betrouwbaar bleek, meldde me dat de film in detail laat zien dat het in de praktijk vrijwel onmogelijk is zulke verdachte asielzoekers, vooral Syriërs, toegang tot het land te ontzeggen. Koren op de molen van de PVV.

Tot voor enkele weken was het de bedoeling, hoorde ik, de documentaire 14 februari uit te zenden – volgende week dinsdag. Er was contact met Veiligheid en Justitie of staatssecretaris Dijkhoff die avond aan een aanvullende discussie wilde meedoen.

Maar in de laatste week van januari werd een streep door dit plan gehaald. De film wordt nu uitgezonden in april, zei de tipgever.

Ik trok het verhaal na, en begon bij Veiligheid en Justitie. Yvonne Wiggers, de woordvoerder van Dijkhoff, legde me aan de telefoon uit dat een filmmaker, Gouden Kalf-winnaar René Roelofs, een jaar was toegelaten tot ‘1F’.

Wiggers had daar binnen het departement voor gepleit, zei ze, en Dijkhoff was het er helemaal mee eens: „Laat maar zien hoe moeilijk dit werk is.”

Nadat ze eind december met de IND-leiding een voorbezichtiging kreeg, was inderdaad ter sprake gekomen of Dijkhoff 14 februari aan een televisiediscussie na afloop wilde meedoen. „Ik heb gezegd dat hij dit waarschijnlijk wel wilde, mits hij de film eerst mocht zien.”

Dat moest nog geregeld worden, en toen ineens, inderdaad in de laatste week van januari, kreeg ze bericht van de filmproducent. „Ze zeiden dat de film ‘na de verkiezingen’ zou worden uitgezonden.”

Bij zo’n film zijn verrassend veel (omroep)mensen betrokken. Je hebt de maker, in dit geval Roelofs. Dan is er de producent, in dit geval Selfmade Films. Vervolgens de afnemer, in dit geval 2Doc van KRO-NCRV. En dan de zendgemachtigde, in dit geval de netmanager van NPO2.

Dus ik belde al die mensen af om te vragen wat hier was gebeurd. Ze legden me uit: niets aan de hand, koude drukte.

Jelle Peter de Ruiter van KRO-NCRV, eindredacteur van 2Doc, benadrukte dat hij „heel blij” met de film is. Hij nam zelf het initiatief en vond het jammer, zei hij, dat uitzending op 14 februari aanvankelijk zo laat gepland stond: 22.55 uur.

Daarom had hij verplaatsing naar primetime bepleit, ook gezien dat nagesprek met onder meer Dijkhoff. „We hebben nooit gezegd dat de film ‘na de verkiezingen’ uitgezonden moet worden. Een onjuiste term.”

Hans Laroes, hoofdredacteur journalistiek van KRO-NCRV, sloot zich in grote lijnen aan. „Denk dat het idee van ‘over de verkiezingen heen tillen’ echt Justitie- of VVD-spin is”, mailde hij me. Niek Koppen, de producent van Selfmade Films, beaamde ook dat de kwaliteit van de film en het nagesprek met Dijkhoff aanleiding voor verplaatsing naar primetime was.

De netmanager, Gijs van Beuzekom van NPO2, liet via NPO-woordvoerder Jacek Magala in essentie hetzelfde weten. De film is „voor een breder publiek interessant”, sms’te die. Maar „de ruimte op primetime is er pas op 10/4 (...) en dus is de uitzenddatum verplaatst.” Elk verband met de verkiezingen „is onzin”.

Intussen kreeg ik inzage in correspondentie tussen omroep, producent, filmmaker en soms netmanager. Er bleek uit dat het vaak nét anders zat dan in de officiële verklaringen was gezegd. (En ook dat zenderprogrammering een eindeloos gepuzzel is, waarbij uitzendmomenten voortdurend veranderen.)

Aanvankelijk, vorig jaar november, stond de film gepland op 13 februari – komende maandag. Dat bood ruimte voor uitzending op primetime, ware het niet dat de netmanager koos voor themadebatten, gerelateerd aan de verkiezingen, van het programma De Monitor.

Zodoende ging de film half december in het uitzendschema naar 14 februari, 22.55 uur. Maar in januari begonnen betrokkenen, vooral 2Doc-eindredacteur Jelle Peter de Ruiter, te pleiten voor uitzending op primetime. Een (ongedateerd) persbericht over de film circuleerde. Omroepleidinggevenden zouden de film de tweede week van januari bezichtigen.

Beslissingen bleven daarna uit. Totdat Leonie van Zanten, productie-assistente van 2Doc, 24 januari vijf collega’s binnen KRO-NCRV een tweeregelig mailtje („Hallo allemaal”) stuurde. De documentaire verviel voor 14 februari, stond er. „Er wordt een plek gezocht na de verkiezingen, in april.”

Het verband met de verkiezingen werd kortom binnen KRO-NCRV gelegd, hoewel de verantwoordelijken me stuk voor stuk vertelden dat de verkiezingen geen rol speelden.

En het verband werd óók, in exact dezelfde formulering, met anderen gedeeld. Bij voorbeeld met Yvonne Wiggers van Veiligheid van Justitie.

En René Roelofs, nota bene de filmmaker, vertelde me dat geen van de verantwoordelijken hem informeerde dat ze over uitstel spraken. „Daar wist ik niets van”, zei hij. En ook hij kreeg, tot zijn verrassing zei hij, „in een mail van de producent te horen dat de documentaire was uitgesteld tot ‘na de verkiezingen’.”

Dus die formulering van Leonie van Zanten – ‘na de verkiezingen’ – was achteraf erg invloedrijk. Vandaar dat ik haar deze week mailde: kon ik haar spreken?

Hierop meldde zich Jaap Friso, ‘communicatieadviseur’ van KRO-NCRV. Veel communicatie leverde dit niet op. Hij herhaalde de lezing van omroepmensen die ik al gesproken had – de film moest naar primetime –, en liet me merken dat hij weinig achting voor mijn vragen had: „Dit gaat nergens over.”

Evengoed bleek me dat er nóg iets niet klopte: verantwoordelijken bij KRO-NCRV en de producent vertelden me steeds zij óók voor verplaatsing naar primetime waren om een aanvullend debat met Dijkhoff te kunnen voeren.

Totdat het erop aankwam. In een mail, vorige week verstuurd aan VenJ, staat dat Dijkhoff op 10 april „na afloop niet [zal] worden gevraagd op televisie (...) te reageren”.

Dus officieel zeiden alle verantwoordelijken dat het uitstel van deze gevoelige film niets met de verkiezingen uitstaande had. Toch werd vanuit KRO-NCRV aan betrokkenen gemeld dat de film ‘na de verkiezingen’ werd uitgezonden.

Als je welwillend was kon je dan nog zeggen: strikt genomen staat niet vast dat de film is uitgesteld door de verkiezingen: ‘na de verkiezingen’ is een tijdsaanduiding, geen inhoudelijke keuze.

Dan nog lijkt zo’n uitstel me amper verdedigbaar: het is niet echt een geheim dat immigratie en asiel voor kiezers grote campagnethema’s zijn.

Onder die omstandigheden deze film, met deze gevoelige materie, tot na de verkiezingen aan de burger onthouden, is zoiets als zeggen: leuk dat er democratie is, maar wij trekken ons eigen plan.