Rijksrecherche onderzocht vermoeden corruptie in OM

Rotterdamse haven

Uit een afgetapt gesprek zou blijken dat drugscriminelen hulp kregen van een officier van justitie, „een FIOD-man” en een agent. Maar de rijksrecherche vond niks.

Een grote drugsvangst in de haven van Rotterdam. Foto ANP

De Rijksrecherche heeft onderzoek gedaan naar een vermoeden van corruptie binnen het Openbaar Ministerie, naar aanleiding van afgeluisterde gesprekken in het Rotterdamse havenschandaal rond douanier Gerrit G.

In het lijvige onderzoeksdossier naar de corrupte douanier zit een verslag waarin drugscriminelen zeggen dat ze contact hadden met „een officier van justitie”, „een man van de FIOD” en „een agent”.

De Rijksrecherche doet standaard onderzoek naar dit soort zaken en heeft de identiteit van deze personen niet vast kunnen stellen, zo stelt een woordvoerder van het OM. Jan Boone, de advocaat van een van de verdachten, was niet op de hoogte van het Rijksrecherche-onderzoek. „Mijn cliënt heeft geen bezoek gehad van de Rijksrecherche”, aldus Boone. „Overigens kan hij zich het gewraakte gesprek niet herinneren.”

Dat gesprek is heimelijk opgenomen in een woning in Rotterdam op 18 december 2014. „Die officier van justitie heb een miljoen gehad”, zegt Marco E. tegen zijn vader Henk E., een beruchte drugscrimineel uit de Rotterdamse onderwereld. Vader en zoon hebben het ook over een bezoek aan „die man van de FIOD”, en „een agent” die een „heel dossier” moet regelen.

Honderden kilo’s cocaïne

Henk E. en zijn zoon Marco worden verdacht van het invoeren van honderden kilo’s cocaïne en het omkopen van Gerrit G. De douanier zou tegen betaling hebben geholpen met het ongezien door de haven loodsen van duizenden kilo’s cocaïne. Op 20 januari 2017 eiste de officier van justitie 16 jaar celstraf tegen Henk E. en 12 jaar tegen zijn zoon Marco. In een aanpalende strafzaak is ook 16 jaar celstraf geëist tegen douanier Gerrit G. Hij heeft een bekentenis afgelegd.

De gewraakte opnames zijn tijdens de behandeling van de strafzaak tegen Henk en Marco E. niet besproken. Er zijn geen vragen over gesteld, stelt de woordvoerder van het OM: „De uitkomst van dit Rijksrecherche- onderzoek is niet relevant voor het verdere verloop van de strafzaak.”

De inhoud van de afgeluisterde gesprekken is eerder door het Openbaar Ministerie als waarachtig beoordeeld omdat de verdachten zich onbespied waanden en niet wisten dat ze werden afgeluisterd. Omdat de verdachten zichzelf op sommige momenten belasten zijn de gesprekken gebruikt als bewijs in de strafzaak.

Al sinds het begin van het onderzoek zijn er signalen dat er meer mensen zijn gecorrumpeerd door de cocaïnemaffia. Gerrit G. verklaarde kort na zijn aanhouding in het voorjaar van 2015 dat hij niet de enige corrupte medewerker was in de Rotterdamse haven.

Begin 2016 is een collega van Gerrit G. aanhouden: Gertie V. Hij wordt eveneens verdacht van corruptie en betrokkenheid bij cocaïnesmokkel. Het onderzoek naar zijn rol loopt nog altijd. Gertie V. ontkent betrokkenheid bij corruptie.