‘In de geestelijke gezondheidszorg is niets wat het lijkt’

Verwarde personen

Problematiek rond psychische stoornissen wordt niet meer, maar juist minder, stelt Bauke Koekkoek.

Een opvangkamer op de afdeling Opvang Verwarde Personen op het hoofdbureau van de Politie in Den Haag. Foto Bart Maat / ANP

Wéér zo’n cijfer dat niet strookt met het algemeen geldende beeld van de werkelijkheid, constateert ggz-onderzoeker Bauke Koekkoek. Hij is eraan gewend geraakt dat in de geestelijke gezondheidszorg ‘niets is wat het lijkt’.

De kwestie: het aantal keer dat de crisisdienst voor mensen met een psychische stoornis in ingezet, daalde de afgelopen drie jaar aanzienlijk, blijkt uit nieuwe cijfers van de Nederlandse zorgverzekeraars. In 2016 werd de crisisdienst nog ongeveer 56.000 keer ingezet, tegenover 68.000 keer in 2013: een afname van achttien procent. Meestal wordt de dienst opgeroepen door de huisarts of de politie, in het geval van een „acute situatie die direct ingrijpen noodzakelijk maakt om direct gevaar voor de persoon of de omgeving af te wenden”.

Koekkoek vermoedt dat deze cijfers niet passen bij het heersende beeld. „Mensen denken juist dat de problematiek rondom mensen met psychische stoornissen steeds erger wordt.” Vorige week verscheen zijn boek Verward in Nederland, waarinhij misverstanden over de ggz uit de wereld wil helpen. „Psychische stoornissen blijven al jaren even frequent voorkomen, het aantal mensen dat een TBS-waardig misdrijf pleegt neemt ook af. Suïcides zijn wel toegenomen, maar dat heeft waarschijnlijk veel te maken met de economische crisis – Nederland blijft bovendien een land met relatief weinig zelfdodingen.” De gedachte dat het steeds erger en steeds meer wordt, is gebaseerd op selectieve informatie, concludeert Koekkoek. „Het is een complex werkgebied en op de meeste vragen is nu eenmaal geen eenduidig antwoord.”

Wat doet de crisisdienst precies?

„Veel sociaal-psychiatrisch verpleegkundigen en andere professionals doen, net als ik, naast hun normale werk ook crisisdiensten. Die is voor een deel reactief, we wachten op wat er binnenkomt. Huisartsen doen het vaakst meldingen, gevolgd door politie. De meeste meldingen gaan over suïcidaliteit, mensen die er een einde aan willen maken. Er zijn ook veel mensen met psychotische problemen en meldingen over agressie. Daarnaast bieden we steeds meer acute thuiszorg, daarin is de laatste jaren veel geïnvesteerd.”

De crisisdienst wordt minder ingezet. Raken mensen met psychische stoornissen minder vaak in de problemen?

„Ik denk dat relatief meer crisissituaties worden opgelost door teams waarin cliënten al langdurig behandeld worden. Als die eerder worden gebeld – door de cliënt, naasten, de huisarts of de politie – krijgt het crisisteam er niet mee te maken. Dat zou voordelig zijn, want zij kennen de patiënt veel beter. Maar het is moeilijk om dat precies te duiden: er zijn cijfers waaruit blijkt dat de crisisdienst minder vaak wordt opgeroepen, maar in het registratiesysteem van verzekeraars kun je het niet aflezen als een ander team in een crisissituatie heeft gehandeld. Als we dat anders zouden registreren, zouden we meer weten.

„Het lijkt me niet per se aannemelijk, maar het kan zijn dat er minder mensen door het lint gaan. Misschien krijgt de groep mensen die een grote kans loopt in crisis te raken nu meer continue zorg en raken minder mensen in crisis.”

De politie meldt al enkele jaren dat zij meer ‘verwarde personen’ van straat haalt. Waar komt dit door?

„Dat blijft toch de grote vraag. Misschien zijn er meer meldingen omdat de samenleving minder tolerantie heeft voor wat afwijkend is. Misschien vallen meer mensen buiten het sociale vangnet.” Koekkoek benadruk dat de ‘personen met verward’ gedrag die de politie registreert maar deels mensen met psyche stoornissen betreft: ongeveer 45 procent waarvan de helft met acute problemen uiteindelijk bij de crisisdienst terechtkomt. Mensen die middelen hebben gebruikt of aan dementie lijden, kunnen bijvoorbeeld onder dezelfde noemer geregistreerd worden. „Er wordt vaak een verband gelegd tussen bezuinigingen op ‘bedden’ in de ggz en verwarde mensen op straat, maar ik plaats daar vraagtekens bij. Als je kijkt naar het totale budget van de geestelijke gezondheidszorg, is dat de afgelopen tijd niet afgenomen. Er is intensievere ambulante zorg gekomen, zorg bij mensen thuis in plaats van in een instelling.” Bauke Koekkoek zou graag zien dat er meer preventieve zorg wordt aangeboden, om te voorkomen dat mensen ernstige problemen krijgen. „Laten we minder vaak wachten tot de telefoon van de crisisdienst gaat.”