Geen zorgen, de beren houden winterslaap

Wie wintersport in Canada, ziet wilde dieren en sneeuw tot in het oneindige. Het land viert zijn 150 jarig bestaan uitbundig.

Coyotes kom je niet gauw tegen tijdens de wintersport in Zwitserland of Oostenrijk. foto Getty Images/Istock

Twee coyotes kuieren langzaam over de dorre ijsvlakte. Met lichte tred, alsof ze bij elke stap de zwaartekracht even loslaten. Dan kijken ze om, alsof ze ons ruiken. Ze lopen door. De bomen zijn wit van de rijp, de sneeuw luchtig als champagne en tot aan de einder is het leeg, stil en verlaten. Geen mens te bekennen.

Later die dag, terug in het Fairmont Lodge hotel, hoor ik een hol geluid dat ik niet kan thuisbrengen en zie, vlak voor mijn raam, twee wapiti-herten die het met elkaar aan de stok hebben gekregen, hun machtige geweien op elkaar inbeukend, tot ze in elkaar verstrengeld zitten en hijgend op adem staan te komen, klaar voor de volgende slag. Hun hete adem beslaat mijn raam.

Dit kom je niet gauw tegen tijdens de wintersport in Zwitserland of Oostenrijk. Net zo min als het bord waarop staat wat te doen als je een grizzlybeer tegenkomt (kalm blijven, praat zachtjes tegen de beer en loop langzaam achteruit en – als de beer dichterbij komt – doe alsof je dood bent en wacht tot de beer wegloopt). En wat als hij dan niet wegloopt?

„No worries”, zegt de hotelmanager, „beren houden nu hun winterslaap.”

Wintersport in Jasper is skiën buiten je comfortzone. Geen overvolle pistes met commerciële koek-en-zopies. Geen rijen bij de liften en geen kaasfondue. Geen stamcafé waar je de waard nog kent van vorig jaar.

Wie ooit naar Canada wilde, moet het nu doen. Het land bestaat 150 jaar en viert dat uitbundig. Zo zijn alle nationale parken dit jaar gratis te bezoeken (Jasper ligt in zo’n UNESCO World Heritage nationaal park), worden overal festivals en feesten georganiseerd en zijn de vakantieaanbiedingen niet van de lucht (ze zijn verzameld op sneeuwzekerdeals.nl). Zeker nu buurland Amerika moeilijk doet aan de grens, probeert Canada daar een slaatje uit te slaan door zijn befaamde tolerantie en open grenzenbeleid te benadrukken. ‘We Welcome The World’, staat op een vlag die op het dichtstbijzijnde vliegveld van Edmonton wappert.

Enig opportunisme steekt om de hoek: in een zaal van het hotel komt Edmontons Kamer van Koophandel samen om de voordelen van de door Trump gewenste Keystone XL pijpleiding te wikken en wegen, want door de almaar zakkende olieprijzen is de oliestreek Alberta nogal zieltogend, dus schreeuwt een bannier bij de ingang The New Trump Regime: Can There Be An Alberta Advantage?

En terwijl men daarover beneden vergadert, speelt country en westernzanger Neil Harnett boven in de lobby bij de knisperende openhaard, en knabbelen de gasten aan bisonsnacks, typisch Canadese poutine (frites met geraspte kaas in eendenjus) en Chocolate Chips Ice Cream Cookies Sandwiches. Ook qua muziek en happen & snappen is après ski hier anders dan in Europa.

Lievelingsdier

Chris is een nature nerd. Zo stelt hij zichzelf voor: „Hi, I’m Chris, I’m a nature nerd”. Op zijn iPhone prijkt („een vriendin heb ik niet, de natuur is mijn geliefde”) een foto van een American dipper, een waterspreeuw, zijn lievelingsdier dat hij later – als we er een tegenkomen – verliefde blikken toewerpt. Hij is onze gids tijdens de Maligne Canyon Ice Walk die we gaan ondernemen, in waterdichte laarzen met spikes, want we duiken diep de spleten en ravijnen van de canyons in, lopen over metersdik ijs en duiken onder tientallen meters hoge bevroren watervallen door, die hemelsblauw schitteren in de zon. Kunnen we in Europa nauwelijks meer zonder kunstmatige sneeuw op de pistes, hier kennen ze geen sneeuwloze winters. Met zijn pikhouweel hakt Chris gaten in het ijs om te laten zien hoe dik het is. „Wow”, doet hij ons voor, alsof hij het voor het eerst ziet. Wij zeggen ook braaf „wow”, niet alleen omdat het inderdaad indrukwekkend is, maar ook om Chris niet teleur te stellen. Zo zeg ik ook niet dat ik de waterspreeuw een oninteressant ding vind.

’s Middags moet ik kiezen. Ga ik skiën of Canadees hakbijlwerpen? Snowboarden of sneeuwschoenwandelen (met van die tennisrackets onder je schoenen)? Hondensleeën of fat biking, met enorme rupsbanden fietsen over sneeuwvlaktes? Ik ben onsportief, dus kies voor een ritje met de jeep over de ontzagwekkend mooie Icefields Parkway, een tot boven de boomgrens stijgende, tweehonderd kilometer lange weg dwars door gletsjers en kuddes berggeiten en kariboes. Mijn doel is de Glacier Skywalk, een halve cirkel met glazen bodem die 280 meter boven een ravijn hangt. Maar die blijkt ’s winters dicht.

Geschreven schilderijen

Terug in het hotel bestel ik een gin & tonic (natuurlijk van het merk Canada Dry), wat me doet denken aan het schilderij van Richard Prince dat eind vorig jaar voor een recordbedrag van ruim drie miljoen euro werd afgehamerd bij Christies. Prince is beroemd om zijn ‘geschreven’ schilderijen, en deze luidt zo: My father was never home, he was always drinking booze. He saw a sign saying Drink Canada Dry. So he went up there.

Wij Hollanders zijn ook naar Canada gegaan, in groten getale. De meesten in de jaren vijftig, door de Nederlandse staat financieel geholpen door een equivalent van de huidige oprotpremie. Maar de eerste landgenoten stichtten hier al in de zeventiende eeuw zogenaamde New Netherlands koloniën, lang voordat Canada een land werd. Het is dan ook lastig roddelen hier want onverwacht veel Canadezen hebben vaderlandse wortels en spreken Nederlands. Ik wil net van wal steken over een potsierlijk geklede vrouw met yoga-matje onder de arm en Uggs in een hemeltergende kleur paars, als ze glimlachend op ons afkomt en met Engelse tongval vraagt of we uit Nederland komen.

En dan steekt ze van wal. Over haar voorouders en hoe die hier kwamen, en wanneer en waarom, en dat ze thuis altijd Nederlands zijn blijven spreken en dat ze best weer eens Gouda wil bezoeken waar haar familie vandaan komt, maar dat het zo ver is, en ze ratelt maar door, want ze is uiteindelijk toch Canadees en Canadezen zijn oprecht aardig en vriendelijk en toegankelijk, maar Prince’s vader had gelijk, je moet er wat bij te drinken hebben.