Column

Campagne

Het zijn interessante tijden, want zelfs het populisme is niet meer wat het is geweest. Dat is een stroming die we altijd hebben geassocieerd met volksmenners op massabijeenkomsten en met een onstilbare honger naar macht die wordt gevoed met woedende bijval van schreeuwende menigten. De populisten uit het verleden hebben zich altijd gemanifesteerd op pleinen, in overvolle arena’s en in galmende hallen. Populist zijn was een vak, waar heel wat organisatorische en retorische talenten bij kwamen kijken. En in het verleden had het populisme altijd een duidelijk doel en dat doel was om via democratisch ogende middelen een machtsovername te bewerkstelligen.

Wanneer we de strategieën van de moderne populisten beschouwen, valt op dat beide kenmerken achterhaald zijn. Het meest verbluffende voorbeeld treffen we aan in ons eigen land. Het geniale van de thans op volle sterkte voortdenderende verkiezingscampagne van Geert Wilders is dat zij niet plaatsvindt. PVV’ers treden nergens op. Ze mogen zelfs niet met journalisten praten. De persvoorlichter van de partij neemt zijn telefoon nooit op. Oké, daarvan kunnen we nog zeggen dat het een klassiek patroon volgt. Het gaat om de leider, de Grote Roerganger, de Uitverkorene, zoals Wilders zichzelf een keer heeft genoemd, en de rest van de beweging bestaat alleen maar om aan democratische regels te voldoen die bij succes als eerste zullen worden afgeschaft.

Maar zelfs Wilders is onzichtbaar. Geen enkele keer heeft hij een zaal toegesproken. Uiterst zelden staat hij de pers te woord. Hij twittert alleen en niet eens overdreven vaak. Maar hij heeft gelijk. Het werkt. Hij kan het zich gemakkelijk permitteren om zelfs de grote televisiedebatten te boycotten. Hij is een merk geworden dat geen reclame meer behoeft. Iedereen weet waarvoor hij staat en ieder publiek optreden zou daar afbreuk aan kunnen doen, ieder debat zou daar onwenselijke nuances aan kunnen toevoegen. Intussen domineert hij het nieuws omdat anderen hem bestrijden. PVV-Kamerlid Martin Bosma heeft gelijk als hij zegt: „Waarom moet hij bij al die debatten aanwezig zijn? Het gaat toch wel over ons.”

Wilders heeft niets te winnen bij een verkiezingscampagne. Dat komt doordat hij onmogelijk kan verliezen. Ook als hij de grootste wordt, zal hij niet kunnen regeren, als de andere partijen zich tenminste aan hun beloften houden. Maar dat is geen handicap, integendeel, dat is een droomscenario voor hem. Dat betekent dat hij in zijn slachtofferrol kan kruipen, de elite de schuld kan geven en zich nog overtuigender kan presenteren als de anti-politicus die hij wil zijn.

Dat de populisten in Engeland het referendum over de Brexit wonnen, was helemaal niet de bedoeling. Ze schrokken zich rot.

De moderne populisten willen helemaal de macht niet overnemen, althans niet in de klassieke zin dat ze regeringsverantwoordelijkheid gaan dragen. Dat zou de doodsteek zijn voor hun anti-politieke succesformule en hen noodzakelijkerwijs deel maken van het door hen verfoeide establishment. Dan zouden ze hun slogans aan de realiteit moeten toetsen en de realiteit is, zoals bekend, geen pretje. Dat de populisten van MoVimento 5 Stelle de burgemeestersverkiezingen van Rome hebben gewonnen, heeft hun partij aanzienlijke schade berokkend, want hun kandidaat ziet er oog in oog met de weerbarstige werkelijkheid opeens verdacht veel uit als een van de gevestigde politici tegen wie ze altijd hebben gestreden. Dat de populisten in Engeland het referendum over de Brexit wonnen, was helemaal niet de bedoeling. Ze schrokken zich rot. Zelfs Trump krijgt het moeilijk met de rotrealiteit, dat zie je nu al.

Wilders heeft meer invloed op het beleid wanneer hij níet regeert en wanneer de andere partijen uit angst voor hem zijn standpunten overnemen. Daarom kan hij niet verliezen.

Dit is de laatste column van Ilja Leonard Pfeijffer op deze plek. Hij zal voortaan om de week op vrijdag in de bijlage Boeken te lezen zijn.