Aantal abortussen groeide in 2015 voor het eerst sinds jaren

Opvallend is vooral dat in 2015 voor het eerst de meeste abortussen zijn uitgevoerd bij vrouwen tussen de 25 en 30 jaar.

Foto Koen Suyk / ANP

Voor het eerst sinds 2008 werden in 2015 in Nederland meer abortussen uitgevoerd dan het jaar ervoor, blijkt uit cijfers van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. In 2015 werden in Nederland 30.803 zwangerschapsafbrekingen uitgevoerd, 442 meer dan in het voorgaande jaar.

Opvallend is vooral dat in 2015 voor het eerst de meeste abortussen zijn uitgevoerd bij vrouwen tussen de 25 en 30 jaar. Voorheen werden de meeste zwangerschappen afgebroken in de leeftijdscategorie 20 tot 25 jaar. Het aantal abortussen in die leeftijdsgroep blijft sinds 2012 echter dalen, terwijl de groep 25 tot 30 jaar een lichtelijke stijging kent sinds 2007. Het aantal abortussen bij tienerzwangerschappen neemt juist al sinds 2002 af en blijft dalen, vorig jaar met 3 procent.

Een verklaring voor de cijfers heeft de inspectie niet. “Wij registeren alleen de cijfers die alle vijftien abortusklinieken en alle ziekenhuizen ons leveren”, zegt een woordvoerder. Ook het Nederlands Genootschap van Abortusartsen tast in het duister over de oorzaken voor de lichte stijging in het algemeen. “Wij weten niets zeker”, zegt abortusarts Annet Jansen, voorzitter van het genootschap en werkzaam bij de CASA kliniek in Amsterdam.

Als “mogelijke verklaring” voor het stijgende aantal abortussen onder vrouwen van 25-30 jaar noemt zij wel dat in deze leeftijdscategorie veel meer zwangerschappen en geboorten voorkomen dan bij de jongere vrouwen. “Je zou zeggen: hoe meer zwangerschappen, des te meer kans dat er een ongewenste zwangerschap tussen zit.”

Bovendien stijgt het aantal zwangerschappen en geboorten in deze leeftijdscategorie relatief. “Nederlandse vrouwen krijgen op steeds latere leeftijd hun eerste kind.” Jongere vrouwen tot 25 jaar oud hebben wellicht ook gemakkelijker toegang tot een gratis advies en een tegemoetkoming in de kosten van anticonceptie via de organisatie Sense. “Misschien heeft dat ook invloed”, zegt abortusarts Jansen voorzichtig.

Bij 4,6 procent van de uitgevoerde abortussen was er een relatie met prenatale diagnostiek, waarbij een onderzoek wordt gedaan naar de gezondheid van het ongeboren kind. 13 procent van de abortussen werd uitgevoerd bij vrouwen die in het buitenland wonen en voor de behandeling naar Nederland kwamen.

Abortuspil

In december van vorig jaar liet minister van Gezondheid Edith Schippers (VVD) in een interview met het Nederlands Dagblad weten dat ze wil dat het aantal abortussen omlaag gaat. Door huisartsen een grotere rol te geven in de hulp aan ongewenst zwangere vrouwen zei de minister te hopen het aantal abortussen omlaag te krijgen.

Vorige week liet de Raad van State zich echter kritisch uit over het wetsvoorstel waarmee de rol van de huisarts bij abortus vergroot zou worden. Volgens de de Raad van State is de rol van de huisarts al groot genoeg. Daarnaast denkt de adviesraad dat het juist goed is als meerdere hulpverleners betrokken zijn bij een zwangerschapsonderbreking, omdat dat de ‘zorgvuldigheid van de te nemen beslissing ten goede komt’. Ook abortusartsen spraken zich afgelopen week uit tegen het plan om huisartsen de mogelijkheid te geven om abortuspillen voor te schrijven.