Wat maakt deze ‘loners’ fascinerend?

Jarmusch’ helden

Dichtende buschauffeur Paterson in de nieuwe film van Jim Jarmusch is de optelsom van al zijn personages: een sympathieke dromer zonder veel ondernemingszin.

Slungels zijn het. Flegmatieke slungels. De hoofdpersonen uit de films van Jim Jarmusch lijken allemaal uit dezelfde mal gegoten. Of het nu de hipsters avant la lettre Willie en Eddie zijn uit zijn officiële debuutfilm Stranger Than Paradise (1984) – begeleid door de minimalistische blues van Screamin’ Jay Hawkins’ ‘I Put A Spell On You’ ondernemen ze een troosteloze roadtrip van New York naar winters Florida – of al die andere personages die in zijn films een kleine odyssee maken. Denk maar aan het episodische Mystery Train (1989), een hommage aan Elvis’ geboorteplaats Memphis. Of Night on Earth (1991), waarin vijf taxichauffeurs de nacht doorkruisen van Jarmusch’ woonplaats New York tot Rome en Parijs.

Jarmusch houdt van die fragmentarische verhalen. Ze passen bij de flaneurs die door zijn films dwalen. Of ze nu heimwee of Fernweh hebben, altijd verlangen ze naar ergens wat niet hier is. Al is het maar op de vierkante meter, zoals maffiahuurmoordenaar Ghost Dog in de gelijknamige film uit 1999, die op zijn dakterras traint om een hedendaagse samoerai te worden.

Timide dichters

Outsiders zijn de hoofdfiguren van Jarmusch. Sympathieke outsiders. Misschien zijn ze op zoek naar zichzelf, maar dat zul je de regisseur nooit met zoveel woorden horen zeggen, want al zijn films zijn zowel road movies als anti-actiefilms. Terwijl de personages die hij ten tonele voert voortdurend in beweging zijn, lijkt maar heel weinig hén te bewegen.

Wat dat betreft is de dichtende buschauffeur uit zijn nieuwe film Paterson exemplarisch voor al die Jarmusch-mannen. Want mannen zijn het, soms vergezeld door mooie verlepte vrouwen of doortastende meisjes met zoveel plannen dat er ook nooit iets van komt. Kijk maar naar Patersons vriendin Laura: wil ze nou textielontwerpster, de beste cupcakebakker van de wereld, of countryzangeres worden? Voor haar is de wereld zwart-wit. Terwijl dichter Paterson de schakeringen van het bestaan in de kleine dingen ontdekt, de poëtische snippers die in ieder ander leven tussen de kieren zouden vallen.

Lees de recensie van Paterson: Schoonheid van een luciferdoosje

Wat dat betreft is deze hoofdfiguur wel blijmoediger en optimistischer dan de mannen uit Jarmusch’ eerste films: Permanent Vacation (1980), Stranger Than Paradise (1984) en de zwarte komedie Down By Law (1986) waarin drie mislukte criminelen uit de gevangenis ontsnappen. Zou dat in elke andere film aanleiding zijn voor veel twists, bij Jarmusch wordt het een weinig enerverend evenement. Onbetaalbaar echter zijn de lange scènes waarin het drietal door de moerassen van Louisiana ploetert. Tragikomedie op z’n meest minimalistisch.

Dichters zijn het. Timide dichters. Ze durven bijna geen waarde aan hun woorden te hechten. Alsof ze verlegen zijn in het zicht van de eeuwigheidswaarde van de taal. Alsof ze bang zijn dat de dingen onder de last van woorden zullen bezwijken. Iets wat je een naam geeft bestaat. Jarmusch-figuren zijn op zoek naar het niet-bestaan.

Niet voor niets zweemt er altijd een beetje oosterse filosofie door zijn beelden. Niet alleen Paterson is zo’n dichter van het niets, maar ook de op William Blake geïnspireerde Dead Man die Johnny Depp speelt in de naar zijn titelfiguur vernoemde film uit 1995.

In Only Lovers Left Alive (2013) heeft voor het eerst een vrouw een hoofdrol. Vampiergeliefden Tilda Swinton en Tom Hiddleston hebben de eeuwen alleen kunnen overleven op een dieet van bloed, muziek en poëzie. Van dat bloed weet ik het niet zo zeker, maar als kunstenaar is Jarmusch zelf een vergelijkbare oude ziel. Samen met luitenist Jozef van Wissem en zijn eigen band Sqürl verzorgde hij de uncanny gitaardrones op de soundtrack. Van Wissem noemde Jarmusch niet alleen een filmnerd, maar ook een „culturele spons”. In Only Lovers Left Alive maken we kennis met de ondode Adam en Eve, wier levens een archief zijn van alles wat de romantische kunst heeft voortgebracht. Ze hebben nog met Henry Purcell gemusiceerd, met William Blake (daar heb je hem weer) over poëzie gepraat en Nikola Tesla geholpen met zijn uitvindingen.

Originaliteit is illusie

Niet voor niets stelt Jarmusch in zijn Manifest voor filmmakers, inmiddels een van de meest gedeelde teksten over filmmaken online, dat originaliteit een illusie is, dat je naar hartelust moet citeren en stelen, en dat het er niet om gaat waar je de dingen vandaan haalt, maar waar je ze naartoe brengt. En dat is precies wat zijn films en zijn personages zo onweerstaanbaar en origineel maakt, waarom je graag tijd doorbrengt met deze loners en losers. De inerte traagheid die ze voortdrijft is onverzettelijk.

Voor hem, zei Jarmusch in een interview, gaan filmmaken en acteren in het bijzonder om reageren. Hij laat de wereld in zijn films binnensluipen en staat dan klaar om de reacties van zijn personages te vangen. Dat maakt ze uiteindelijk niet passief. Maar meer zoals wij als mensen zelf zijn.