Opinie

Op grond van veel kennis tot stupide keuzes komen

Ruim duizend jaar geleden had paus Sylvester II een sprekend hoofd in zijn paleis. Op alle vragen over politiek antwoordde het bronzen hoofd met ‘ja’ of ‘nee’. Sommige historici trekken het verhaal in twijfel, maar er zijn meer van dit soort hoofden gesignaleerd in de late Middeleeuwen en de Renaissance, dus er moet wel iets van waar zijn. De hoofden, gemaakt door teams van intellectuelen en demonen, introduceerden Arabische wetenschap bij Europese kerkvorsten en koningen.

De werkwijze van de hoofden was vergelijkbaar met die van de moderne IBM-computer Watson. Je stopte er gegevens in en het hoofd spuwde na enig nadenken een oordeel uit. Tegenwoordig stop je scheikundige kennis en kooktips in Chef Watson, de culinaire variant van Watson, en na een geheimzinnige bewerking spuwt de chef nieuwe recepten uit. In Het Parool schreef Hiske Versprille zojuist over de opkomst van zulke Watsons. Beroepen als sommelier en culinair recensent zullen verdwijnen, schreef ze, want binnenkort hebben computers meer verstand van wijn en eten dan mensen.

De vraag is nu of het beroep van politicus ook tot de ‘verdwijnberoepen’ behoort. De techniek rukt op. Wie weet is Watson de nieuwe Wilders. Een paar dingen zou je in dat geval wel willen weten. Hoe ziet zo’n programma eruit? Wie maakt het? En hoe kun je de politieke oordelen van mensen voldoende begrijpen om ze na te bootsen? De bewerkingsregels waarmee mensen gegevens omzetten in politieke oordelen zijn immers heel geheimzinnig. Voordat we alle politici vervangen door voorzitter Watson, moeten we dus de politieke oordeelsvorming van de mens eerst beter bekijken.

Laten we als voorbeeld het politieke oordeel nemen van Frank Ankersmit. Emeritus hoogleraar intellectuele en theoretische geschiedenis en een van de schranderste deelnemers aan het publieke debat. Zijn hoofd is zo oneindig veel groter dan het mijne dat ik uit bewondering graag de inhoud ervan zou invoeren in Watson of in een vergelijkbaar bronzen hoofd. Je stopt Frank Ankersmits kennis erin en je krijgt Frank Ankersmits oordeel eruit. Ideaal! Het enige lastige is de onbegrijpelijkheid van Frank Ankersmits oordeelsvorming. Die gaan we dus eens bekijken. In november 2016 maakte hij zich in het tijdschrift Filosofie grote zorgen over de verkiezing van Trump. Met Trump weet je niet waar je aan toe bent. „Hij zegt de ene keer dit, de andere keer dat” – en daarop is ons politieke systeem niet berekend. „Zoveel onzekerheid neemt het vertrouwen weg. Voor een goed functionerende democratische samenleving is het van het hoogste belang dat je in een heleboel opzichten je medemensen kunt vertrouwen.”

Laat je betrouwbaar vertegenwoordigen, suggereert Ankersmit. „Je leven is heel complex als je alles zelf moet doen. Die complexiteit verdwijnt als je op anderen vertrouwt om dingen van je over te nemen.” In februari 2017 schrijft hij in NRC dat dit vertegenwoordigen met het wegvallen van ideologieën niet langer langs liberale, sociaal-democratische of religieuze lijnen verloopt. Politici moeten het anders aanpakken. Populisten grijpen terug op de Middeleeuwen en doen slaafs wat hun kiezers willen. Traditionele politici grijpen terug op de absolute monarchie, zetten zich in voor het algemeen belang, maar zij representeren hun achterban niet meer. Beide hebben met dat vertegenwoordigen een probleem. Wat te doen?

Is directe democratie een idee? Nou, mix die niet met representatieve democratie, schrijft hij. Dat is namelijk gevaarlijk en explosief. In Engeland zijn ze dat even vergeten, zegt hij op YouTube. „Anders zaten ze daar niet zo in de puree.” En dan wordt Frank Ankersmits hoofd voor mij duister. Want nu al deze exquise gedachten over vertegenwoordiging in zijn hoofd zitten, gaan mysterieuze algoritmes aan het werk en spuwt hij een oordeel uit. Ja! Hij wordt lijstduwer van Forum voor Democratie. Voorstander van bindende referenda. Secondant van de smoezelige Trump-adept Thierry Baudet, die in 2016 nog loog dat alle Nederlanders – „all of us” – de Engelsen smeekten voor de Brexit te kiezen.

Nogmaals, ik mocht willen dat ik Frank Ankersmit was. Niets ten nadele van hem. Maar ik leer twee belangrijke dingen van zijn hoofd. Ten eerste de belangrijke les dat mensen op grond van voortreffelijke kennis en denkkracht tot stupide keuzes kunnen komen. Frank Ankersmit is bepaald niet de enige en het kan u ook zomaar gebeuren. Ten tweede dat politicus nog geen verdwijnberoep is. Vertegenwoordigen politici ons niet naar behoren? Best. Maar liever het huidige gerommel dan je laten vertegenwoordigen door een Watson voor wie een paar geleerden en demonen het mysterieuze programma zullen schrijven.

Maxim Februari is jurist en schrijver. Deze column is wekelijks.