Het postmoderne wroeten in de realiteit voorbij

Documentaire Casting JonBenet, binnenkort op Netflix, keert terug naar de geruchtmakende moord op JonBenét Ramsey van 1996. Uren nadat vader Jon de ontvoering van de zesjarige ‘beauty queen’ had gemeld, vond hij haar in zijn wijnkelder, de schedel ingeslagen en gewurgd. De moord is nooit opgelost en werd een nationale whodunnit. Als dader gooide de in 2006 overleden moeder Patsy hoge ogen, gevolgd door vader Jon, het negenjarig broertje Burke en de rare buurman die graag Kerstman speelde. Er waren valse bekentenissen, geruchten over pedofiele swingerclubs en satanisme.

In Casting JonBenet worden omwonenden twintig jaar na dato gecast als JonBenét, Patsy, Jon, Burke of politiechef in een film over de zaak. Tijdens de auditie ventileren zij hun favoriete moordtheorie, in een onvergetelijk shot spelen ze die tegelijk na: een kakofonie.

Prachtig, maar wat is de boodschap? Documentairemakers doorbreken al heel lang de grens tussen fictie en non-fictie, zetten de realiteit in scène, animeren hem. In The Act of Killing of My Scientology Movie in de hoop dat mensen zo hun ware gezicht tonen, in Casting JonBenet vooral om te laten zien dat de realiteit subjectief en niet kenbaar is. Ooit was het idee dat zo’n ‘deconstructie’ ons bewust maakt van vooroordelen achter onze realiteitsbeleving. Maar werkt het niet ook het cynisme in de hand dat Trump mede in het zadel hielp?

In een schuldbewust artikel in het Britse filmblad Sight & Sound spreekt documentairemaker Robert Greene dat vermoeden uit. In 2016 is de realiteit geïmplodeerd, stelt hij: feit en ‘alternatief feit’ wegen nu even zwaar, vanuit je veilige bubbel kies je een realiteit à la carte. Moeten filmmakers dan in het karkas van de waarheid blijven pikken, haar ruïne blijven deconstrueren? Een vraag die Greene niet echt beantwoordt. Vorig jaar maakte hij Kate Plays Christine, waarin actrice Kate Lyn Sheil pretendeert research te doen voor de rol van Christine Chubbuck, een 29-jarige presentator die in 1974 live op tv zelfmoord pleegde. Chubbucks motieven blijken net zomin te achterhalen als de moordenaar van JonBenét: wat rest is een moeras van vermoedens en opinies.

Kate Plays Christine werd goed ontvangen, maar een criticus die schreef klaar te zijn met dit soort subjectiviteit en postmodern gewroet, raakte Greene „vol op de kaak”: „Heeft ons geobsedeerd pulken aan de sweater niet de lelijkste gaten opgeleverd?”

Greene prijst de achturige documentaire O.J.: Made in America, die analyseert hoe zwart Amerika de ogen sloot voor het aperte feit dat O.J. Simpson een moordenaar was: over ‘post truth’ gesproken. Een film die bevestigt dat er wel degelijk feiten en verklaringen bestaan. Misschien verdient dat nu even de voorkeur.