Cultuur

Interview

Interview

Andreas Terlaak

Carin Gaemers: ‘Als Rutte geen woord houdt, hoort hij vier jaar lang van me’

Opstellers manifest ouderenzorg

Het manifest dat Hugo Borst en Carin Gaemers maakten over ouderenzorg, krijgt de Machiavelliprijs. ‘Het gaat om de morele omslag.’

„Ik wil een knuffel”, zegt Carin Gaemers als ze dinsdagochtend Hugo Borst ziet. „Voor die 2 miljoen.” Borst verbetert: „Miljard.” Gaemers lacht. „Ik heb wat moeite met al die nullen.”

Over geld hebben Gaemers en Borst nooit gesproken bij het opstellen van het manifest Scherp op ouderenzorg. Het moest in eerste instantie een hartenkreet zijn. Tien punten die „volkomen normaal” horen te zijn in de verpleeghuiszorg – maar dat niet zijn. „Ouderenzorg is geen schadepost maar een kwestie van fatsoen”, schreven ze in oktober.

Vandaag krijgen de twee in Den Haag de Machiavelliprijs uitgereikt, voor een bijzondere prestatie in de publieke communicatie. Want het manifest kreeg massale steun en is ruim 107.000 keer ondertekend. Verpleegkundigen herkennen zich in de roep om meer personeel, een stop op de overdaad aan registratieverplichtingen en een einde aan de angst- en bestuurscultuur bij instellingen.

Ook de Tweede Kamer steunt het manifest. Een motie van de PVV om de plannen te omarmen werd unaniem aangenomen. Staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) trok in januari 100 miljoen euro extra uit voor verpleeghuiszorg. Dinsdag maakte premier Rutte bekend dat de VVD 2 miljard euro beschikbaar wil stellen voor betere ouderenzorg.

Wat is de belofte van de VVD waard?

Gaemers: „We leven in verkiezingstijd. Maar ik zie dit in het kader van de motie over het uitvoeren van het manifest. Wie zou hier tegen zijn? Wij gaan ervan uit dat Rutte zijn woord houdt. Als dat niet zo blijkt te zijn, zal hij dat vier jaar lang van me horen.”

Borst: „Die 2 miljard staat vast. Daar doet niemand een dubbeltje af. Het is een eng bedrag, maar het gaat vooral om de morele omslag. Dat iedereen ziet hoe ver we van een normale situatie zijn verwijderd.”

Velen zijn het met u eens. Waarom was er een manifest voor nodig om dit onder de aandacht te krijgen?

Gaemers: „Ik heb in een verpleeghuis wel eens aan verpleegkundigen gevraagd of ze aan staken hebben gedacht. Dan hoor je: ‘En wie zorgt er dan voor míjn bewoners?’ Zorg verlenen vinden ze belangrijker dan opkomen voor hun arbeidsvoorwaarden.”

Borst: „Het is niet zo dat de politici kennis missen. We hebben gemerkt dat Kamerleden heel betrokken zijn. Toch zijn ze ergens vastgelopen.”

Gaemers: „Het leek wel of ze erop zaten te wachten. Alsof ze dachten: als ik ermee begin, gaat mijn kop eraf. Kennelijk moest dit buiten de politiek tot stand komen. Wij zijn niet te onthoofden, want wij zijn niks en worden door niemand betaald.”

Gaemers en Borst ontmoetten elkaar in 2015 in een verpleeghuis van zorginstelling Laurens. Gaemers – geschiedkundige en publicist – is er nu zeven jaar lid van de cliëntenraad. Haar moeder overleed in 2014 in het verpleeghuis, waar de moeder van Borst – schrijver en columnist van Algemeen Dagblad – nu woont.

Twee bezorgde mantelzorgers, de een met de kennis uit de cliëntenraad, de ander met de kanalen om er aandacht voor te krijgen. Ze besloten samen op te trekken. Borst was spreker in zo’n vijftig Alzheimercafés en bibliotheken, samen bezochten ze verpleeghuizen. De ervaringen en gesprekken leidden tot het manifest.

Wat is het voornaamste probleem in de verpleeghuiszorg?

Gaemers: „De bestuurlijke obesitas. Het willen meespelen met de grote jongens. Dat moet afgelopen zijn. Geen leerstoelen in de lucht houden, glossy’s uitgeven of reclame maken op trams. Geld moet zo veel mogelijk naar de zorg, die op elk moment van de dag intensief is. Genoeg verpleeghuizen maken dat wel waar, maar ze staan ze op een flinterdun laagje ijs.”

Verpleeghuizen staan op een flinterdun laagje ijs

Borst: „Voor een bestuurder is voeling met de zorg belangrijk. Weten wat er leeft bij cliënten, familie en medewerkers. Hij moet weten op welke verdieping hij een bewoner uit de lift moet zetten. Dat gaat op de ene plek heel goed, en op de andere slecht. Wij denken dat 25 procent van de huizen ondermaats en een derde fantastisch. Het middensegment moet zijn voordeel doen met de reuring die nu is ontstaan.”

Hoe kunnen ze dat doen?

Gaemers: „Door de kloof te dichten tussen uitvoering en beleid. Laat de behandelaars zeggen wat ze nodig hebben en houd de bestuursschil zo dun mogelijk. Zorg is niet vanuit abstractie te organiseren.

„De kloof is er ook met sectorpartijen. Actiz [de brancheorganisatie van werkgevers] is onderdeel van het probleem, niet van de oplossing. Ze vragen alleen maar om meer geld, zonder dat te onderbouwen.”

Borst: „Volgens ons is het noodzakelijk dat er een nieuwe brancheorganisatie komt. We verwachten dat de goede bestuurders zich zullen afscheiden, of dat binnen Actiz een revolutie ontstaat.”

Wat is uw taak nu het manifest is omarmd?

Gaemers: „De twee miljard moet goed worden besteed. Dat is voor elk verpleeghuis anders. Van Rijn wil de situatie geleidelijk verbeteren, omdat snelle veranderingen ook snel vervagen. Maar de intenties voor de verpleeghuiszorg waren tien jaar geleden ook goed, toch is er niks ten goede veranderd. We moeten hameren op een stevige uitvoering.

„Dat is het waard, ondanks het slechte imago van ouderdom. Wij zijn opgegroeid met het idee dat het leven maakbaar is. Oud zijn is niks, is bijna dood. Maar het kan niet zo zijn dat het van je postcode afhangt hoe je wordt verzorgd in je slechtste jaren.”