Geld vinden op je werk

Eerlijk was de medewerker van het afvalverwerkingsbedrijf HVC in ieder geval wel. Tijdens het demonteren van een printer vond hij vier enveloppen met daarin 15.000 euro. Even was hij in de verleiding het geld te delen met een collega, maar toen besloot hij toch aangifte te doen bij de gemeente en het te melden bij zijn baas.

Die vroeg hem het geld te overhandigen, omdat HVC eigenaar was van de printer en dus ook van de inhoud. De man weigerde. Hij was immers de vinder, niet HVC.

De rechtbank Rotterdam gaf hem aanvankelijk gelijk: vinden is geen rechtshandeling die namens een ander kan worden verricht. Maar in hoger beroep oordeelt het gerechtshof Den Haag dat de man de printer demonteerde in opdracht van HVC. De vondst was niet toevallig; iedere werknemer zou de enveloppen hebben gevonden. De opdrachtgever is in dit geval de vinder, aldus het Hof.

Het probleem is alleen dat HVC zich niet als eerlijke vinder heeft gedragen. Een vinder wordt volgens de wet pas een jaar na aangifte eigenaar van de vondst, maar HVC heeft zelf nooit aangifte gedaan. Het Hof lost dit op door vast te stellen dat HVC het geld als vinder kan beheren totdat de verjaringstermijn van vijf jaar is verstreken. De enveloppen met inhoud gaan dus naar HVC, in de hoop dat de rechtmatige eigenaar in de tussentijd niet komt opdagen.

www.rechtspraak.nl ECLI:NL:GHDHA:2017:33