Commentaar

Zorg Roemeense burgers moet ook onze zorg zijn

In de straten van de Roemeense hoofdstad Boekarest lijkt het weer 1989. Op zondagavond trokken volgens schattingen zo’n 500.000 demonstranten door de stad om het ontslag van de regering onder leiding van premier Sorin Grindeanu te eisen. Een dergelijk groot aantal had zich sinds de nadagen van dictator Nicolae Ceausescu niet vertoond. Ook de meegevoerde vlaggen deden aan 28 jaar geleden denken. Net als bij de burgerrevolutie toen er een gat in het midden van de Roemeense vlag was geknipt. In 1989 zat op die plek het symbool van de gehate Roemeense communistische partij.

Maar er is één essentieel verschil met de nadagen van de dictatuur van Ceausescu. Roemenië is sinds 2004 lid van de NAVO en sinds 2007 lid van de Europese Unie. Zeker het lidmaatschap van de EU betekent dat Roemenië ook een beetje ‘van ons’ is. Althans zou moeten zijn. Door toe te treden tot de Europese Unie heeft Roemenië zich verplicht tot de normen en waarden van de rechtsstaat zoals deze in het Europees Verdrag zijn gewaarborgd. Lidstaten zijn niet alleen verplicht hier naar te leven, de andere lidstaten moeten overtreders hier ook op aanspreken.

Corruptie is in Roemenië – met ruim 21 miljoen inwoners het zevende land van de EU – een welhaast onuitroeibaar verschijnsel. De rapportages van de Europese Commissie over corruptiebestrijding in Roemenië kennen dan ook een vast patroon: het gaat de goede kant op, maar niet goed genoeg.

De noodverordening van de Roemeense regering om „kleine” gevallen van corruptie (onder de 44.000 euro) uit het strafrecht te halen was precies het verkeerde signaal. Het werd gepresenteerd als een „technische maatregel” om het Wetboek van strafrecht in lijn te brengen met uitspraken van het Hooggerechtshof en overvolle gevangenissen te ontlasten. In de praktijk zouden de kleine krabbelaars onder de politici de dans ontspringen.

Na eerdere protesten afgelopen week trok de regering de verordening weer in. Getuige de massale opkomst bij de demonstratie van zondagavond heeft Grindeanu het vertrouwen verspeeld. Dat de straat de staat op dit punt corrigeert, is een hoopvol teken.

Het is nu aan de Europese Unie om een krachtig geluid te laten horen. Sinds het land in 2007 toetrad, geldt voor Roemenië een speciaal toezichtsprogramma. In de laatste rapportage van twee weken geleden liet de Europese Commissie zich nog gematigd positief uit over de voortgang. Met het treffen van enkele resterende en onomkeerbare maatregelen zou dit curatele-programma wellicht dit jaar kunnen worden beëindigd. Dat was duidelijk een te snelle en daarmee voorbarige conclusie.