Jongeren sturen naaktfoto’s vooral via app Snapchat

Sexting

Snapchat is vooral populair omdat foto’s niet worden opgeslagen. Een kwart van de jongeren heeft weleens pikante foto’s ontvangen.

De app Snapchat op een mobiele telefoon. Robin van Lonkhuijsen / ANP

Als jongeren pikante foto’s van zichzelf aan een ander sturen, doen ze dat meestal via de app Snapchat. Omdat met Snapchat verstuurde foto’s niet worden opgeslagen, vinden ze dat de veiligste manier. Bijna een kwart van de jongeren heeft wel eens een naaktfoto of een foto in ondergoed ontvangen.

Dit blijkt uit een online-onderzoek onder ruim 1.200 jongeren tussen de 12 en 17 jaar door de Universiteit van Amsterdam en een online-onderzoek onder ruim 1.000 ouders en 1.000 jongeren, door het internetpanel ‘Panelwizard’. Het UvA-onderzoek is gedaan in opdracht van de internetprovider Kliksafe, dat veilig internetgebruik wil stimuleren. Deze dinsdag, ‘Safer Internet Day’, wordt daar wereldwijd campagne voor gevoerd.

Van de ondervraagde jongeren zegt een minderheid (ruim zes procent, een op de vijftien) wel eens seksueel getinte foto’s van zichzelf gemaakt en verstuurd te hebben (sexting) – meisjes iets vaker dan jongens. Meer dan negentig procent denkt dat niemand of bijna niemand van hun leeftijdsgenoten aan sexting doet. Verreweg de meeste jongeren vinden sexting „niet normaal”.

Jongeren zijn zich ook steeds bewuster van de risico’s van sexting: 9 op de 10 jongeren verwacht dat de beelden verder verspreid worden, 64 procent denkt dat ze zeker verspreid zullen worden. Zelfs met een app als Snapchat is dat vrij makkelijk, want voordat de foto weer ‘verdwijnt’, is een screenshot zo gemaakt.

Abnormaal gevonden

Ondanks de grotere voorzichtigheid kan sexting tot grote problemen leiden, stelt UvA-onderzoeker Annemarie van Oosten in haar rapport. „Er hoeft immers maar één persoon te zijn die sextingbeelden wél doorzendt, bijvoorbeeld naar honderd anderen, en van die ontvangers maar een paar die die beelden opnieuw doorzenden naar honderd anderen (enzovoorts), dan stijgt het aantal personen dat die beelden gezien heeft explosief.”

Doordat sexting zo abnormaal wordt gevonden, durven jongeren die er problemen mee krijgen bijna geen hulp meer te vragen, zegt specialist mediaopvoeding Justine Pardoen. „Niet aan hun ouders, zelfs niet aan hun vrienden.” Dat terwijl sexting op zich niet vreemd is, zegt Pardoen. „Het hoort bij een normale seksuele ontwikkeling. Het is vooral de krampachtige houding van volwassenen die het zo ‘eng’ maakt. Jongeren nemen dat over.”

Het is vooral de krampachtige houding van volwassenen die het zo ‘eng’ maakt

Informatie die jongeren krijgen op school, van hun ouders of via campagnes moet vooral gericht zijn op het gevaar van het dóórsturen, vindt Pardoen. „Dat geldt trouwens ook voor filmpjes van ongelukken en zo. Tieners beseffen vaak niet de impact die dat kan hebben voor de mensen op de foto.” De belangrijkste informatiebron voor jongeren, als het gaat om onlinerisico’s, zijn de ouders (77 procent), blijkt uit het UvA-onderzoek. Als er iets is misgegaan vertellen jongeren dat het eerst aan hun ouders (bijna 70 procent).