‘Executiefeesten’ in gevangenis Syrië

Rapport Amnesty International

In de Saydnaya-gevangenis bij Damascus worden gevangenen zonder enige vorm van proces ter dood gebracht, meldt Amnesty.

Na zware martelingen krijgen gedetineerden van de militaire Saydnaya-gevangenis bij de Syrische hoofdstad Damascus van het personeel te horen dat ze worden overgebracht naar een civiele gevangenis. Dat geeft ze even hoop, want de behandeling is daar over het algemeen minder slecht. In plaats daarvan worden ze echter geblinddoekt naar een ander gebouw op het complex geleid, waar ze – vaak na nieuwe martelingen – worden binnengeleid in de ‘executiekamer’.

Daar pas worden ze zich ervan bewust dat hun laatste uur heeft geslagen. Ze krijgen het bevel hun laatste wens uit te spreken en moeten een vingerafdruk geven, voor hun eigen overlijdenscertificaat. Ook dan nog weten ze niet wanneer en op welke manier ze aan hun eind zullen komen. Krijgen ze de kogel? Worden ze opgehangen? Dat blijkt kort daarop, wanneer ze een platformpje moeten betreden en een strop om hun nek gehangen krijgen. Meteen daarop valt een luik onder hen open en hangen ze.

‘Executiefeest’

Sommige van de slachtoffers zijn – mede door uithongering en ziekte – zo mager en licht dat hun gewicht onvoldoende is om hun nek te breken. Na enkele minuten leven ze nog. Het personeel, dat de periodieke executies cynisch omschrijft als ‘het feest’, trekt hen in zulke gevallen nog eens stevig naar beneden tot hun nek knakt. Hun familie krijgt doorgaans niets te horen over de dood van hun dierbaren. „Saydnaya is het einde van het leven, het einde van de menselijkheid”, zo citeert mensenrechtenorganisatie Amnesty International een ex-bewaker uit de gevangenis.

In het dinsdag vrijgegeven rapport Menselijk Slachthuis, massale ophangingen en uitroeiing in de Saydnaya- gevangenis, Syrië beschrijft Amnesty de terechtstellingen in de Syadnaya-gevangenis in detail. Na uitvoerig onderzoek schat ze dat er tussen 2011 en eind 2015 in totaal vijf- tot dertienduizend tegenstanders van het regime van president Assad buitengerechtelijk zijn geëxecuteerd. Gemiddeld werden er in Saydnaya twee keer per week twintig tot vijftig mensen terechtgesteld. Hoewel Amnesty International geen bewijzen heeft dat de executies na december 2015 zijn doorgegaan, is dat volgens de mensenrechtenorganisatie zeer waarschijnlijk.

Amnesty baseert zijn conclusies op interviews met 31 ex-gedetineerden, vier ex-medewerkers, rechters, artsen die in een ziekenhuis werkten waar de lijken naar toe werden gebracht en externe deskundigen. De interviews hadden niet in Syrië plaats omdat Amnesty daar geen toegang heeft, maar vooral in Zuidoost-Turkije. Hoewel gevangenen zelden worden vrijgelaten, komen sommigen vrij door steekpenningen die hun familie betaalt aan de autoriteiten.

Van links naar rechts: Anas Hamido op de dag voor zijn arrestatie en kort na zijn vrijlating, Mounir al-Fakir kort voor zijn gevangenschap en na zijn vrijlating, en Omar al-Shogre voor zijn gevangenschap en na zijn vrijlating.
Foto’s privé via Amnesty International

Amnesty heeft de laatste jaren vaker rapporten uitgebracht over mensenrechtenschendingen in Syrië, vorige zomer nog over martelingen. Niet eerder werd echter de centrale rol van Saydnaya zo gedetailleerd belicht.

Amnesty International maakte een 3D-reconstructie van de Saydnaya-gevangenis

Uitsluitend mannen

Sinds 2011 is Saydnaya, dat onder controle van de militaire politie staat, in gebruik voor politieke gevangenen, in de praktijk vooral burgers die zich verzetten tegen Assads bewind. Vrouwen zitten er niet, uitsluitend mannen. Ze huizen vooral in het zogeheten Rode Gebouw maar de executies hebben plaats in de kelder van het Witte Gebouw.

In het Rode Gebouw worden gevangenen vaak langdurig gemarteld, tot ze moorden en andere misdaden bekennen die ze in de meeste gevallen niet hebben gepleegd. Vervolgens volgt er een ‘proces’, dat meestal maar een paar minuten in beslag neemt. De straf die hun wordt toegemeten, krijgen de gevangenen niet te horen, aldus het rapport.

De omstandigheden waaronder ze worden vastgehouden, zijn erbarmelijk. Ze krijgen veel te weinig voedsel, soms dagen achtereen geen water en de hygiënische toestand is vaak onbeschrijflijk smerig. Velen ‘halen’ hun executie niet en sterven voortijdig aan uitputting, ziektes of de bittere kou in de winter.

Na hun executie worden de lichamen van de slachtoffers overgebracht naar het Tishreen-ziekenhuis, waar ze worden geregistreerd. De lijken worden vervolgens gedumpt in massagraven op militair terrein, vaak in de nabijheid van het dorp Najha. Luchtfoto’s wijzen uit dat de begraafplaats in een tijdsbestek van zeven jaar in omvang zeker is verdrievoudigd.

Amnesty schrijft in het rapport dat ook Syrische verzetsgroepen dikwijls op grote schaal de rechten van de mens hebben geschonden. Maar, zegt de organisatie, het is „de beoordeling van Amnesty International dat de overgrote meerderheid van de schendingen sinds 2011 die verband houden met detentie het werk is van de Syrische autoriteiten”.