Recensie

Een verkruimelend geheugen

Op eenvoudige, maar zeer efficiënte wijze sleept ‘De Vader’ kijkers het hoofd binnen van een alzheimerpatiënt.

Foto Mark Engelen

„Dit is toch mijn huis?”, vraagt André (Hans Croiset) een paar keer in theaterstuk De Vader. Als kijker weet je het af en toe ook niet meer. Is dit zijn appartement? Of zijn we bij zijn dochter? Op eenvoudige, maar zeer efficiënte wijze sleept De Vader kijkers het hoofd binnen van een alzheimerpatiënt.

Het stuk maakt de frustratie, wanhoop en woede tastbaar die ontstaat wanneer iemand de grip verliest op de wereld rondom hem. Maar ook de opgave die het kan zijn voor naasten om geduld te blijven opbrengen. De Vader is de Nederlandse versie van het Franse theaterstuk Le Père van Florian Zeller (1979). De auteur won er in binnen- en buitenland prijzen mee waaronder de Molière, de hoogste theateronderscheiding in Frankrijk.

Het is een onderwerp waar bijna iedereen vroeg of laat mee te maken krijgt. In Leiden analyseert het wat oudere publiek tijdens de black-outs tussen iedere scène dan ook gretig op fluistertoon de discussies tussen vader en dochter op het podium.

Trailer van ‘De vader’

Croiset (81) moest de speelperiode even stopzetten wegens ziekte, maar laat André weer even overtuigend sneren en charmeren als tevoren. Ondanks het weinig opbeurende onderwerp probeert De Vader nergens krampachtig te emotioneren. André lijkt niet de gemakkelijkste vader – met of zonder verkruimelend geheugen. Zijn onhandige manoeuvres om zijn vergeetachtigheid te verbergen werken vooral op de lachspieren. Net daardoor voelt de aftakeling tussen alle grappen over vermiste horloges zo pijnlijker. Croisets uitgelaten spel zorgt er wel voor dat andere personages minder uit de verf komen. Hoewel enig verlies aan nuance natuurlijk ook past bij Andrés wereld, die steeds kleiner en zwart-witter wordt.