Syrische vluchteling daagt Facebook om foto

Proces tegen Facebook De in Duitsland beroemde vluchteling Modamani, van wie een foto de hele wereld rond ging, ‘durft niet meer over straat’.

Anas Modamani op de selfie die hij nam bij zijn ontmoeting met bondskanselier Angela Merkel in september 2015 in Berlijn. Foto Fabrizio Bensch / Reuters

Met zijn Duitse advocaat nam een van de beroemdste vluchtelingen van Europa het maandag voor de rechter op tegen het grote Facebook. Het sociale netwerk zou niet genoeg gedaan hebben om onjuiste berichten te verwijderen waarin de man in verband wordt gebracht met misdaad en terrorisme.

De Syrische vluchteling Anas Modamani werd internationaal bekend toen hij in september 2015, in een asielzoekerscentrum in Berlijn, een selfie maakte samen met bondskanselier Merkel. Een persfoto waarop te zien is hoe hij met zijn telefoon zichzelf en een ontspannen poserende bondskanselier fotografeert, ging de wereld rond. Het werd een beladen beeld in het debat over de omstreden manier waarop de Duitse regering had gereageerd op de komst van honderdduizenden vluchtelingen.

Op Facebook werden die foto en de selfie sindsdien herhaaldelijk gebruikt op manieren die ten onrechte suggereerden dat Modamani (19) bij geweld of zelfs terreuraanslagen betrokken was. Het kwam hem op een golf van hatelijke berichten te staan. „Ik durf niet alleen meer de straat op, ik ben altijd bang”, zei hij maandag bij het begin van het kort geding in Würzburg. Modamani volgt Duitse les, spreekt de taal al behoorlijk en werkt in een fastfood-restaurant.

Slapende zwerver

Na de aanslagen in Brussel, vorig jaar maart, werd de Syriër op het sociale netwerk als een van de mogelijke daders aangemerkt. Toen later dat jaar een groep jonge mannen in de Berlijnse metro probeerde een slapende zwerver in brand te steken, en het vervoersbedrijf daar beelden van vrijgaf, werd op Facebook beweerd dat Modamani een van de daders was – met de selfie als ‘bewijs’. En na de aanslag op de kerstmarkt in Berlijn, in december, verscheen op het sociale netwerk een foto waarin de selfiescène voor de ravage op de kerstmarkt was gemonteerd, met de tekst: „Het zijn Merkels doden”.

In de eerste twee gevallen zou sprake zijn van smaad, in het derde geval ten minste van schending van het portretrecht. Modamani’s advocaat, Chan-jo Jun, heeft eerder al pogingen gedaan Facebook strafrechtelijk te laten vervolgen voor andere gevallen, tot nu toe zonder succes. Nu probeert hij het bedrijf in een civiele zaak aan te pakken.

Facebook zegt de beelden en berichten in kwestie te hebben verwijderd. Maar Jun stelt dat ze buiten Duitsland nog te zien zijn en dat ze bovendien zo vaak zijn gedeeld en overgenomen dat Facebook meer moet doen. Zo zou het bedrijf verplicht moeten worden berichten die strijdig zijn met de Duitse wet, ook als er nog geen klacht tegen is ingediend, meteen te herkennen en uit zichzelf te verwijderen. De advocaat van Facebook zei met zijn cliënt te willen overleggen over de mogelijkheid de beelden voor heel Europa te blokkeren.

Vonnis op 7 maart

De rechter gaf beide partijen een maand om het onderling eens te worden. Lukt dat niet, dan velt de rechtbank op 7 maart een vonnis.

Advocaat Jun wil vooral laten zien dat slachtoffers van nepnieuws zich, met een beroep op de wet, kunnen weren. Hij en zijn cliënt hebben ook een lokale AfD-politicus voor de rechter gedaagd, omdat deze het bericht over de in brand gestoken zwerver had gedeeld op Facebook. Nadat de Duitse pleegmoeder van Modamani hem daarop aangesproken had, heeft de politicus het bericht verwijderd.

Advocaat Jun stelt dat de interne richtlijnen die Facebook hanteert om te besluiten of een bericht verwijderd moeten worden, veel minder streng zijn dan de Duitse wet voorschrijft. Facebook vindt dat het niet aansprakelijk gesteld kan worden voor wat gebruikers van het netwerk schrijven en verspreiden.

In de Duitse politiek en de publieke opinie bestaan grote zorgen over de verspreiding van nepnieuws, en de manier waarop Facebook dat mogelijk maakt. Minister van Justitie Maas heeft gezegd dat hij vindt dat het sociale netwerk aansprakelijk gesteld moet kunnen worden voor berichten die haat zaaien. Een aantal nieuwsorganisaties heeft onlangs met Facebook afgesproken te zullen helpen bij het herkennen van nepnieuws. Tegelijkertijd bestaat de vrees dat het filteren van informatie de vrijheid van meningsuiting beperkt.