Paar dagen Jakarta? Dit zijn de hoogtepunten van de stad

Reizen Jakarta is een stad van extremen; rijk en arm leven dicht bij elkaar. In elk geval houden alle Jakartanen van karaoke.

Jakarta Illustratie Martien ter Veen / NRC

In een vreemde stad wil je soms geruisloos opgaan in het lokale leven. ‘When in Rome, do as the Romans do.’ Aflevering 9 van deze gids leert je leven als een Jakartaan.

Stadsgevoel: Overal file

Jakarta, is dat niet een heel drukke en vervuilde stad? Jazeker. En het is een stad van extremen – rijk en arm leven dicht op elkaar. Toch is de hoofdstad van Indonesië het zeker waard om eens langer te blijven dan alleen voor een overstap naar een tropisch vakantie-eiland als Bali. Goed om te weten: het verkeer is in Jakarta allesbepalend. De lange files die de stad dagelijks teisteren zijn berucht. In Jakarta bedenk je van tevoren waar je slaapt, eet en afspreekt – dat beperkt de tijd die je op de weg en in de file doorbrengt. Niet voor niets spreken inwoners van Jakarta graag af in de buurt van hun huis of kantoor.

Vervoer: Mondkapje inbegrepen

Een slimme en goedkope manier om zo snel mogelijk van de ene naar de andere plek te komen , is met de ojek, een motorfietstaxi. Ojeks manoeuvreren gemakkelijk tussen stilstaande auto’s door. Tegenwoordig zijn deze motorfietstaxi’s met apps op te roepen. De twee populairste zijn Go-jek en Grab, allebei te herkennen aan hun chauffeurs met groene jasjes en helmen. De apps werken net als Uber: vul een ophaallocatie en bestemming in en een chauffeur komt je ophalen. Helm, mondkapje (tegen de uitlaatgassen) en haarnetje (tegen eventueel vieze helmen) zijn bij de prijs inbegrepen. De meeste chauffeurs appen of bellen van tevoren nog even om te vragen waar ze precies naartoe moeten. Ben je het Indonesisch niet machtig, zoek dan iemand die de taal wel spreekt. Indonesiërs zijn over het algemeen zeer behulpzaam.

Hoe is het om in Jakarta te rijden? Ongeveer zo:

Weekendgevoel: Zondag zonder auto

Op vrijdagmiddag houden Indonesiërs een lange lunch vanwege het vrijdagmiddaggebed in de moskee – ruim negentig procent van de bevolking in Indonesië is moslim. Ook voor wie niet bidt betekent dat meestal: een vroege start van het weekend. Jakartanen gaan op vrijdagmiddag graag naar vrienden of familie: kletsen, eten en luieren. De file begint dus ook wat eerder.

Tips voor Jakarta. Illustratie Martien ter Veen / NRC

Op zondagochtend is het centrum van Jakarta autovrij, in de buurt van de rotonde van Hotel Indonesia en het winkelcentrum Grand Indonesia.

Het geeft Jakartanen de mogelijkheid te wandelen in een stad waar dat anders haast onmogelijk is door een gebrek aan trottoirs en een teveel aan auto’s en motorfietsen. Zondagochtend komen mensen slenteren, fietsen of hardlopen. Straatverkopers verkopen hun waar. Het weekend staat ook in het teken van karaoke. Speciale familiekaraokekamers zijn er per uur te huur, in verschillende groottes, afhankelijk van het aantal mensen dat komt zingen. Op een computer is aan te geven welke nummers gedraaid moeten worden, met een druk op de bel komt de bediening langs om bestellingen op te nemen. Zingen maar!

Shoppen: Luxueuze winkelcentra

Jakarta telt vele winkelcentra, van extreem luxe tot eenvoudig. In de grote, glimmende en door airconditioning gekoelde torens shoppen rijke Aziaten bij Prada en Chanel, in de meer simpelere winkelcentra zoekt de Indonesische middenklasse vertier. Want dat is wat Jakartanen naar de winkel brengt: consumeren en recreëren. De winkelcentra huizen restaurants, winkels, koffietentjes, bioscopen, bowlingbanen, speeltuinen, hotels, sportscholen en karaokekamers.

Eten en drinken: Vijf benen

Veel Jakartanen eten bij kaki lima, bij straatstalletjes die in de hele stad te vinden zijn. Kaki lima is spreektaal voor straatverkopers, straatwaar. Letterlijk betekent het ‘vijf benen’ en verwijst het naar de van oudsher vijf-voet-brede trottoirs waarop veel straatstalletjes stonden. Het kan ook verwijzen naar de ‘vijf benen’ van zo’n stalletje: drie wielen aan de kar, twee mensenbenen die de kar dragen. De eetkraampjes verkopen meestal één gerecht: soto ayam (kippensoep), nasi goreng (gebakken rijst), saté of bakso (soep met ballen) bijvoorbeeld. Keuze genoeg – bij de straatverkopers zijn gerechten uit de gehele Indonesische archipel te krijgen. Opeten kan op een bankje voor of naast het stalletje. Mensen met een zwakke maag of smetvrees kunnen naar kraampjes in een winkelcentrum. Vaak net zo lekker en een stuk schoner .