Recensie

Rijnvos neemt je mee op een enerverende roadtrip

Rijnvos’ nieuwste toevoeging, Amérique du Nord, ging donderdagavond in première en transporteert je fluks naar New Yorkse verkeerschaos.

Richard Rijnvis Foto Hollandse Hoogte/ Mats van Soolingen

Richard Rijnvos is bezig een muzikale rondreis langs alle continenten te componeren. Als huiscomponist van het Concertgebouworkest begon hij dat project vijf jaar geleden met het slotdeel, Antarctique. Dat klonk als een massief en onmetelijk landschap. Rijnvos’ nieuwste toevoeging, Amérique du Nord, ging donderdagavond in première en was er in niets mee te vergelijken.

Rijnvos houdt van afwisseling, en is niet vies van een buitenmuzikale aanleiding. Bij Noord-Amerika dacht hij aan filmmuziek en populaire cultuur, dus ontwierp hij een roadtrip door twintig staten, waarbij de (half)citaten je om de oren vliegen, van Hitchcock tot Jaws.

Vals koper transporteert je fluks naar New Yorkse verkeerschaos. ‘Taxi’, roept iemand. Een slagwerker zwoegt op een typemachine en gooit de papierprop weg (Barton Fink?). Maar Rijnvos’ roadtrip is te enerverend om ergens lang bij stil te staan. Dirigent Gimeno liet het orkest danig tekeer gaan, maar ook lenig schakelen tussen een zweterige swingkelder en Dvořáks geestig verhaspelde Nieuwe Wereld.

Niet toevallig komt ook Bernstein voorbij in Rijnvos’ collage. Behalve icoon van de Amerikaanse muziek is Bernstein nu focuscomponist bij het orkest, in aanloop naar zijn honderdste geboortedag in 2018.

Bernstein boekte als twintiger al succes met zijn Eerste symfonie. Die is vooral memorabel dankzij het vocale slotdeel, naar de Klaagliederen van Jeremia, dat voortreffelijk gezongen werd door mezzo Sasha Cooke. Maar de Symfonische dansen uit kaskraker West Side Story zijn andere koek. Zelfs deze bondige synopsis getuigt van Bernsteins geraffineerde gevoel voor dramaturgie. Alles zit erin, van meezingmelodieën en ironische clichés tot furieuze dansmuziek, en de uitvoering was bruisend.