Recensie biografie Marina Abramović - ‘Haar jeugd was miserabel’

‘s Werelds bekendste performance-kunstenaar schreef een biografie. Onze recensent beoordeelt haar verhaal. “Abramović is gestrand op de weg tussen leven en kunst.”

Marina Abramović ontmoette Frank Uwe Laysiepen in december 1975 op Schiphol. Hij vergezelde Wies Smals, de directeur van kunstcentrum De Appel, waar Abramović een performance zou doen. Het was het begin van een twaalf jaar lange fusie tussen twee lichamen en twee geesten, die een paar van de meest intense kunstwerken van de vorige eeuw heeft opgeleverd.

Een voorbeeld: Abramović en Ulay, zoals Laysiepen zich noemt, staan naakt in de smal gemaakte deuropening van een galerie of museum. Wie naar binnen wil moet zich tussen hen doorwurmen (Imponderabilia, 1977.) Nog een voorbeeld: Abramović en Ulay rennen tegen elkaar aan, steeds harder, steeds feller, tot ze erbij neervallen (Relation in space, 1976).

In haar autobiografie ziet Abramović de ontmoeting als voorbestemd. Ze bekijkt de wereld magisch, bezoekt sjamanen in Brazilië, waarzeggers in Belgrado, mediteert in Tibet en ziet overal energieën en parallelle werelden. Of haar argumenten daarvoor sterk voor zijn, is de vraag. Ze vindt het bijvoorbeeld een veelzeggend teken dat zij en Ulay op dezelfde dag jarig zijn. Tsja, die kans bestaat; met 365 dagen in een jaar, moet dat nog best vaak voorkomen. Hinderlijk is deze wereldbeschouwing niet. Walk through Walls, dat ze schreef met James Kaplan, leest als een trein en staat vol verhalen die ook de moeite waard zouden zijn als de schrijfster geen beroemde kunstenares was geworden, de beroemdste performance kunstenaar aller tijden zelfs, een diva in designerkleding die Lady Gaga lesgeeft.

Lees ook: het interview met Marina Abramović, over haar verjaardag in het Gugenheim Museum en haar relatie met haar publiek

Een jeugd zonder liefde in Joegoslavië

Haar jeugd was miserabel. Ze werd in 1946 geboren in Belgrado als dochter van twee partizanen, die ook na de oorlog met een geladen pistool op hun nachtkastje sliepen. Materieel was er aan niets gebrek, want haar ouders waren vooraanstaande partijleden in het Joegoslavië van Tito, maar Abramović leed onder hun liefdeloze huwelijk en de meedogenloze opvoeding die ze haar gaven.

Toen haar moeder ontdekte dat ze naakt optrad, gooide ze een asbak naar haar hoofd en zei: „Ik heb je het leven gegeven, nu neem ik het weer weg

Ze moest bijvoorbeeld altijd om tien uur thuis zijn, ook toen ze al ver in de twintig was. Waarom de dochter de moeder bleef gehoorzamen is een vraag die in het boek niet wordt beantwoord. Twee anekdotes: om haar te leren zwemmen gooide de vader haar op een meer uit een boot en roeide weg. En toen haar moeder ontdekte dat ze naakt optrad, gooide ze een asbak naar haar hoofd en zei: „Ik heb je het leven gegeven, nu neem ik het weer weg”. Van haar ouders leerde Abramović vooral discipline. Haar uithoudingsvermogen, de kunst om pijn te verdragen, zouden in haar werk goed van pas komen.

Stormachtig begin van een intense carrière

Abramović was al een opkomende kunstenaar toen ze Ulay ontmoette. Ook haar solo performances waren intens. Het is opvallend dat de meest gewelddadige al aan het begin van haar carrière plaatsvonden. Er was geen rustige opbouw; geen voorbereiding; ze piekte meteen.

Foto’s uit de expositie in het museum Moderna Museet in Stockholm (tentoonstelling van 18 feb t/m 21 mei 2017)
Foto’s themahler.com (links) en Paolo Canevari (rechts)

Het heftigst is waarschijnlijk de performance die ze in 1975 in Napels uitvoerde. Abramović stond achter een tafel waarop een aantal voorwerpen lagen, waaronder een hamer, een zaag, een veer en een geladen pistool met een kogel ernaast. De bezoekers werden uitgenodigd de voorwerpen op Abramović te gebruiken zoals ze wilden. Het publiek wilde nogal veel die avond. Iemand gooide water over haar hoofd. Iemand anders stak punaises in haar huid. Een man laadde het pistool en begon de trekker over te halen.

Zulke heftige ervaringen gaven Abramović een kick die ze is blijven zoeken: „Ik had absolute vrijheid ervaren – ik had gevoeld dat mijn lichaam geen grenzen had, geen limiet; dat pijn er niet toe deed, dat niets ertoe deed – en dat bracht me in een roes. [...] Geen schilderij, geen voorwerp dat ik kon maken zou me ooit dat gevoel kunnen geven.”

Brug tussen kunstenaar en publiek

Abramović is behoorlijk openhartig in de biografie, en ruimhartig. Ze geeft Ulay bijvoorbeeld de credits voor het bedenken van hun eerste performance en schuwt de momenten niet waarop ze zich dik, lelijk en eenzaam voelde. En ze weet haar kunst interessanter te maken dan haar leven. In deze biografie draait het niet alleen om smeuïge details. De manier waarop Abramović schrijft over de effecten die het performen op haar heeft, zijn jaloersmakend. Kunnen gewone stervelingen die absolute vrijheid ook voelen of is die alleen voor kunstenaars weggelegd? Blijft voor anderen alleen de achtbaan over, en drugs en seks?

Misschien is dit niet de juiste vraag om te stellen. Het gaat bij kunst immers om het effect dat de kunst op de kijkers heeft, niet op de kunstenaar zelf. Maar een biografie is er juist om die afstand te overbruggen.

De connectie met Ulay

Het werk van Abramović ging en gaat ook altijd over de kloof tussen kunst en leven, tussen kunstenaar en toeschouwer, over de vraag wat is kunst? Eerst deed ze dat samen met Ulay. Na de breuk, die volgens Abramović vooral veroorzaakt werd door Ulays overspel, ging ze, na nog een mislukt huwelijk van twaalf jaar, een relatie aan met het publiek. Haar grote show The Artist is Present is het beste voorbeeld. Toen bleek overigens dat haar symbiotische relatie met Ulay nog steeds tot de verbeelding spreekt – hun ontmoeting is op Youtube een paar miljoen keer bekeken.

Met The Artist is Present werd Abramović tamelijk plotseling van kunstenaar een celebrity. En ook al was haar weg ernaartoe anders, haar kunst raakt nu aan reality tv, aan sociale media, aan zien en gezien worden. Het is een vorm van kitsch aan het worden, met de kunstenaar als een sjamaan die de pijn van haar publiek in zich kan opnemen.

Haar show in de Serpentine Gallery in Londen in 2014, waarin ze het publiek haar ‘methode’ wilde laten ervaren, leek wel een cursus mindfullness. Ook Abramović is dus gestrand ergens op de weg tussen leven en kunst. Maar dat gebeurt iedereen, en zij is veel verder gekomen dan de meeste kunstenaars.