Column

Onbetrouwbaarheid hoeft geen handicap meer te zijn

Haagse Invloeden

Deze week: waarom ingestudeerd imagobeheer zich tegen politici keert.

De kiezer kijkt daar allang doorheen.

Een van de boeiendste ambities van onze politici is hun verlangen naar een imago van volmaaktheid. Hij (m/v) liegt nooit. Hij spreekt nooit kwaad over anderen. Is nooit betrapt op het stelen van een dropje. Komt nooit op afspraken terug. Poetst elke ochtend zijn schoenen.

Volmaaktheid komt zelden voor, we weten het: des te interessanter dat dit streven onder politici niet uitsterft.

Laatst had je fascinerend onderzoek van EenVandaag, met een paradoxale uitslag. Het programma peilde de betrouwbaarheid van politici, alsmede hun geschiktheid voor het premierschap.

Als betrouwbaarste kwam SP-voorman Roemer uit de bus. Premier Rutte bungelde onderaan. Roemer scoorde op zijn beurt laag voor het premierschap, terwijl Rutte werd aangewezen als één na beste premier (Pechtold stond bovenaan).

De cijfers laten zien: kiezers verwachten helemaal geen volmaaktheid van hun politiek leiders. Ze hebben nu zo lang ervaring met geprofessionaliseerde politiek – met politici die luisteren naar consultants, spindoctors en marketeers – dat ze zich er niet eens meer aan storen: ze kijken er dwars doorheen.

Dus zoals Trump vorig jaar in de VS afrekende met alle wetten van de geprofessionaliseerde politiek, en won ondanks uitbundig geblunder, zo is nu de vraag welke Nederlandse politici buiten hun ingestudeerde imagobeheer durven treden.

Deze campagne gaat kortom niet alleen over immigratie, islam, samenleven, zorg en economie. Deze campagne gaat ook over de vraag: wie durft zijn innerlijke Trump de vrije hand te geven?

Een indicatie van de verandering die in de lucht hangt, kun je vinden in de reacties van gepeilde kiezers op de problemen van VVD-bewindslieden.

Deze week hadden we staatssecretaris Wiebes met de Belastingdienst, waar honderden miljoenen zijn opgestookt aan een vertrekregeling zonder dat de hoogste ambtenaren Wiebes over de regeling vertelden.

Ik heb donderdag naar het debat zitten kijken, en de Kafkaïaanse kwaliteit was hoog. De centen zijn foetsie, niemand kan zeggen hoe dit kon.

De parallel met het aftreden van Wiebes’ partijgenoot Van der Steur (Veiligheid en Justitie) was niet te missen. Ook die belandde in een dossier waarbij ambtenaren gegevens verstopten (in een kluis) of mooier maakten dan ze feitelijk waren. Van der Steur had als Kamerlid aan dit laatste meegeholpen, en dat veroorzaakte uiteindelijk zijn vertrek.

Maar het interessante is: bijna alle peilingen gaven deze week aan dat zijn partij, de VVD, amper nadeel van dit aftreden ondervindt. In de meeste gevallen bleef de partij gelijk of steeg licht.

Het herinnerde me aan de paniek in de VVD-top voorjaar 2015, toen twee weken voor de Statenverkiezingen de bewindslieden Opstelten en Teeven over hetzelfde dossier vielen.

Ook destijds bleek al, op verkiezingsdag, dat de partij nauwelijks leed onder de affaire. Een eerste indicatie dat de democratie op dit gebied in een nieuwe fase is beland.

Dus het lijkt er nu werkelijk op dat dit soort Haagse crises, die de politieke gemeenschap enorm bezighouden, voor de kiezer vrijwel betekenisloos is. Alleen belangrijk voor de Haagse binnenwereld: voor coalitieverhoudingen en de effectiviteit van de oppositie.

Als deze trend zich voortzet, is dat alleen maar toe te juichen. Minder krampachtigheid bij partijen in het vasthouden aan zwakke bewindslieden. Meer debatten over inhoud in plaats van ‘de politieke consequenties’.

Toch kun je voorzien dat de oppositie op korte termijn het thema ‘Wiebes en de Belastingdienst’ op de agenda wil houden. Inhoudelijk is er reden voor, en de CDA’er Omtzigt beheerst als geen ander het vak van oppositiepolitiek.

De zaak-Wiebes komt de oppositie ook goed uit omdat die past in een bredere campagne-aanval op VVD-leider Rutte. Hij moet zodanig worden verzwakt dat hij kreupel aan de laatste campagneweken begint: na Van der Steur en Wiebes volgt binnenkort ook het debat over het associatieverdrag met Oekraïne nog.

In al die gevallen kunnen oppositiepartijen claimen dat hij als leider tekortschoot dan wel onbetrouwbaar was.

Maar zelf houd ik er dus rekening mee dat dit verouderde politiek is: dat kiezers geen rechtschapenheid verlangen van politiek leiders, en zelfs bereid zijn, net als bij Trump, onbetrouwbaarheid te accepteren – zeker als dat helpt bij een vakkundig premierschap.

Terwijl zo’n beetje iedereen de mitrailleur op Rutte richt, wordt Wilders slapend rijk

Ik vermoed eigenlijk dat Rutte na deze week kwetsbaarder is op een ander punt. Door de discussie over Trumps inreisverbod voor zeven moslimlanden, wilde ook PvdA-leider Asscher zich profileren. Hij had een uit PvdA-oogpunt gunstig optreden in DWDD, maar het effect was dat de premier donderdag in de Kamer gedwongen werd te beamen dat het inreisverbod discriminerend is.

Dit laatste is ontegenzeglijk het geval, maar de consequenties zijn ongunstig voor de premier. Een oud Realpolitik wetje: beleid van een bondgenoot veroordelen zonder dat je dit beleid verandert, heeft alleen nadelen. Het levert nu niets op en verkleint ook latere beïnvloedingskansen. Zelfoverschatting.

Dan is er het binnenlandspolitieke punt: Rutte is de enige die Wilders beconcurreert inzake kiezers met immigratiescepsis. En aangezien die uitspraak als zodanig dus geen enkele invloed op Trump zal hebben, is dit het nettoresultaat: ongunstig voor het land, ongunstig voor de premier, vooral gunstig voor Wilders.

Het raakt aan een breder thema. In deze fase van de campagne hebben zo’n beetje alle partijen het gemunt op de VVD, terwijl veel gezwegen wordt over de koploper in de peilingen. Hier klopt iets niet: samen op jacht op de nummer twee, en de nummer één laten begaan.

Dus Wilders, die duidelijk niet lang hoefde zoeken naar zijn innerlijke Trump, voert nauwelijks campagne. Het nieuws uit Amerika is al maanden zijn campagnefolder. Hij doet zelden publieksoptredens in het binnenland, komt interviewtoezeggingen niet na, en Den Haag is intussen overbevolkt met reporters van vooraanstaande buitenlandse titels die in sommige gevallen al weken wachten op een retourtelefoontje van de PVV-voorlichter.

Dus terwijl zo’n beetje iedereen de mitrailleur op Rutte richt, wordt Wilders slapend rijk. Er komt bij dat kenners van cyberwarfare meer aanwijzingen zien van niet-Nederlandse trollen en bots op sociale media – bijna allemaal sympathisanten van Wilders.

Het lijkt onheilspellend veel op de ontwrichting die eerder werd uitgeprobeerd bij verkiezingen in het Verenigd Koninkrijk (2015) en de VS (2016), met dien verstande dat de kenners hier (nog?) niet hebben vastgesteld dat het om Russische inmenging gaat.

Maar er is ook een risico aan Wilders’ massieve steun voor Trump. Amerikaanse peilingbureaus publiceerden vrijdag dat Trumps waardering nu al terug is naar 40 procent – zijn voorgangers Bush en Obama zaten na twee weken op 53 respectievelijk 63 procent.

En de beelden van geweigerde mensen en kinderen op Amerikaanse luchthavens bieden politici hier de kans het punt te maken dat Wilders’ beloften inzake een verbod op moskeeën en de koran letterlijk genomen moeten worden.

Asscher deed dat deze week al, maar Buma is eigenlijk rechthebbende: hij dwong de PVV-leider vorig jaar al te erkennen dat zijn voorstellen neerkomen op het binnendringen, door gewapende politieteams, van woningen en moskeeën om korans in beslag te nemen en moslims aan te houden. Soort razzia’s – ik weet niet of PVV-kiezers dat voor ogen staat.

Dus zo’n innerlijke Trump kan zich ook tegen je keren. Wilders’ Franse bondgenote Marine Le Pen werd donderdag gefilmd toen een verslaggever van een Frans satirisch programma haar vroeg naar de beschuldiging dat zij Europese subsidie heeft misbruikt voor, onder meer, haar bodyguard in Parijs.

Die vraag beviel haar niet – de verslaggever werd daarna fysiek overmeesterd door Le Pens beveiligingsmensen en met geweld afgevoerd. Je kunt ook overdrijven met je innerlijke Trump.