Interview

‘Maak ik ziels-muziek? Ik weet het niet’

Sampha

Met zijn karakteristieke stem is zanger Sampha te horen in nummers van Drake, Frank Ocean en Kanye West. Vandaag verschijnt zijn eigen debuut-album, ‘Process’.

Sampha Foto Andreas Terlaak

Achter zijn keyboard, in een uitverkocht Paradiso-Noord, staat een vriendelijk uitziende man met grillig kapsel. Ondersteund door een celliste, percussionist en drummer voert Sampha de luisteraars langs een intieme verkenning van zijn innerlijk. Zijn voordracht is soms stamelend, soms robuust; de muziek een fijnzinnige combinatie van elektronische beats, akoestische piano en schuifelende percussie. De klank is ingehouden. Maar dan schiet zijn stem omhoog naar het falset-register, hij kermt nog hoger, krachtig maar ook zachtaardig – alsof hij zingt door een stuk zijde.

De naam Sampha klinkt onbekend. Maar zijn stem maakt al een tijdje deel uit van ons bewustzijn. Sampha, afkomstig uit Zuid-Londen, is te horen in nummers van Amerikaanse vedetten als Drake, Frank Ocean, Kanye West en Solange (de zus van Beyoncé). Allemaal vroegen ze om een bijdrage van zijn karakteristieke stem en zijn schrijverskwaliteit. In de hit Too Much van Drake bijvoorbeeld, dat nu in een andere versie ook op zijn eigen album staat, zingt Sampha het delicate refrein.

Sampha houdt zich minder trouw aan de regels van hiphop en r&b dan zijn collega’s. Zijn finesse geeft tegenwicht aan hun straatwijsheid. Sampha klinkt stads op zijn eigen manier. Op zijn debuut Process staat het langzaam opgloeiende Blood On Me, waarin een gejaagd zuchten de beat vormt, en waarin hij vertelt over angst voor zijn achtervolgers die ‘bloed ruiken’.

De naam Sampha klinkt onbekend. Maar zijn stem maakt al een tijdje deel uit van ons bewustzijn

Sampha (Sampha Sisay, 1988) is de jongste zoon van een geïmmigreerd echtpaar uit Sierra Leone. In de woonkamer thuis stond een piano, waarop Sampha leerde spelen. De middag voor zijn optreden zit hij aan een kop thee in Amsterdam en praat over zijn lang verwachte debuut. Uiteindelijk waren niet de samenwerkingen de reden voor vertraging, het waren de ziekte en het overlijden van zijn moeder. Nu is het ouderlijk huis verdwenen (zijn vader stierf al eerder), maar het leeft het voort op het album dat Sampha opnam.

Hij wilde vooral met de computer werken, zegt hij, maar maakte intussen, ter ontspanning, ook nummers op piano. „Op de piano werk je anders dan op de computer. De computer vraagt veel gepriegel. Maar als ik op die oude piano speel, ontstaat er een ‘stream of consciousness’ waarbij mijn gevoel zomaar naar buiten komt. De piano is iets ongelooflijks. Dat instrument bestaat al honderden jaren, maar is nog steeds vitaal. Net als bepaald voedsel. Denk aan roti, of Indiase curry. Bestaat al eeuwen, maar smaakt nog altijd fris.”

Sampha - Blood on me

Muzikale elektronica daarentegen, ontwikkelt zich voortdurend, met als nadeel dat klanken of effecten snel gedateerd klinken. Denk aan het geluid van de Roland 303 en 909, dat onlosmakelijk verbonden is met Detroit-house uit de jaren tachtig. „Ik houd erg van de de hi-hat en de snare-drum zoals je ze hoort in hedendaagse hiphop”, zegt Sampha. „Ik kan ze zo maken, maar ik ben bang dat ik dan teveel lijk op anderen. Je kunt er dol van worden. Als muzikant ben je je hyperbewust van de invloed van anderen en de overeenkomsten die je met ze kunt hebben, terwijl het de luisteraar waarschijnlijk niet eens zou opvallen.”

Ooit wil hij conceptueel werken, zegt hij. Met uitsluitend elektronica, bijvoorbeeld. „Toen ik achttien was noemde ik mezelf een futurist. Ik snapte niet waarom muzikanten nog steeds gitaar of piano wilden spelen. Die jazzmuzikanten, waarom probeerden ze niet eens iets met andere middelen te maken?

„Inmiddels ben ik erachter dat het een filosofische kwestie is. Wat is ‘nieuw’? Betekent vernieuwing per se vooruitgang?” Hij houdt zijn hoofd scheef. „Ik denk dat een nieuw geluid of een nieuwe stijl altijd opwindend is. Iets nieuws maakt mensen wakker. Mij ook. Aan de andere kant is voortborduren op iets dat al bestaat, ook waardevol. Dan klinkt het vertrouwd en dat geeft op zijn beurt een fijn gevoel. Ik kan niet kiezen, voorlopig.”

In sommige nummers schuilen aspecten van wat je ‘soul’ zou kunnen noemen, maar Sampha vindt dat een verwarrende term. Een van zijn nummers heet (No One Knows Me) Like The Piano en daarin zingt hij: ‘You would show me I have something/ some people call a soul’. „Als ik muziek maak, ben ik verbonden met dat wat mensen een ‘ziel’, soul, noemen.” Hij neemt een slok thee. „Maar wat is een ziel, waar zit mijn ziel? Maak ik ziels-muziek? Ik weet het niet. Mijn beeld van wat anderen de ziel noemen, is iets dat ik zelf ‘de oneindigheid’, Het Al, noem. Het grote onbekende. Als ik muziek maak, lijkt het, op de betere momenten, alsof ik in contact sta met kosmische krachten. Even maar, maar lang genoeg om iets op te pikken.”

Sampha - (No One Knows Me) Like The Piano

We praten over het optreden dat hij later die dag zal geven. Op zijn album hoor je geen cello, maar live is er wel een celliste. „Ik zoek steeds nieuwe interpretaties van mijn composities. Ik zou ze in mijn eentje op piano kunnen uitvoeren, maar nu het publiek mijn eigen liedjes nog niet kent, wil ik de textuur en de sfeer opnieuw tot leven wekken. Niet precies hetzelfde, maar het moet wel hetzelfde gevoel oproepen. Mijn muziek stroomt allerlei kanten op.”

Process is uit bij Beggars. Concert: 23/3 Paradiso, Amsterdam.