Opinie

De ene ‘vechthond’ is de andere niet

Beoordeel honden op hun individuele gedrag, schrijven en . Niet op de soort waar ze onderdeel van zijn.
De meeste honden die in een asiel belanden, zijn geen rashonden. De erfelijke basis is dan onduidelijk. Foto Olivier Middendorp

‘Denk niet dat je vechthonden kunt resocialiseren, want een psychopaat blijft een psychopaat’, schreven vier auteurs op 28 januari in NRC. Ze hebben een punt. Maar hoe weet je zeker of het ook echt om een psychopaat gaat? Don’t judge a book by its cover is ons devies.

In het verleden zijn vechthonden generaties lang geselecteerd op vechtlust. En omdat eigenaren zich wel veilig wilden voelen, was vriendelijkheid naar de baas eveneens een belangrijk criterium. Jaren later proberen rasverenigingen juist door te selecteren op vriendelijkheid en tolerantie de ingefokte vechtlust te verminderen. Er mag alleen gefokt worden met dieren die goed door de gedragstesten komen.

Alleen: het merendeel van de honden die in het asiel belanden, zijn geen rashonden. Je kunt dus niet vanaf de buitenkant zien hoe de erfelijke basis in elkaar zit. Daar helpt ook een DNA-test niet bij, want welk risico vormt een hond die eruitziet als een Amerikaanse stafford, maar eigenlijk een kruising stafford-labrador-bulldog blijkt te zijn? En hoe gevaarlijk is een herderachtige hond die ook vechthondenbloed door zijn aderen heeft stromen? De enige manier om iets over risico’s te kunnen zeggen, is door het gedrag van de individuele hond te analyseren. Iedere hond is namelijk anders.

Het is dus ook een misverstand om te denken dat een vechthond altijd ‘uit vechtlust’ bijt of dat een aanval per definitie ‘op leven en dood’ is. Lang niet ieder bijtincident heeft namelijk een genetische oorsprong. Iedere hond en dus ook een vechthond kan agressie vertonen uit pijn, in het spel, om zijn bezit of zichzelf te beschermen of uit angst. Angst kan zijn oorsprong hebben in slechte socialisatie, slechte ervaringen of bijvoorbeeld een traumatische gebeurtenis.

Het is dus eerst zaak om vast te stellen om welke soort(en) agressie het gaat, wanneer en hoe de agressie tot uiting komt en welke oorzaken aan de agressie ten grondslag liggen. Pas daarna kan er iets gezegd worden over of en in hoeverre het gedrag te verbeteren en veilig te managen is. Als er sprake is van een goede prognose en een consequent optredende baas kan er ongelofelijk veel winst behaald worden en kan een hond met de nodige training gewoon meedraaien in de maatschappij zonder daarbij problemen te veroorzaken.

Dat geldt uiteraard niet voor psychopaten. Onder psychopaten vallen honden (van elk ras) die nauwelijks of niet communiceren en zonder enige waarschuwing de aanval kunnen inzetten. Een hond die joelt, gromt, zijn haren overeind zet, trilt of opgewonden doet, laat zien en horen wat zijn gemoedstoestand is. Dan is er voor de eigenaar weliswaar werk aan de winkel, maar de hond communiceert luid en duidelijk dat er iets aan de hand is. Een psychopaat daarentegen laat niet zien in welke stemming hij is. Zo’n hond is uiterlijk volkomen kalm en kan plotseling gericht aanvallen, juist wanneer je dat totaal niet verwacht. Zo’n hond is gevaarlijk en onberekenbaar. Zeker wanneer hij tot een vechthondentype behoort, kunnen de consequenties zeer ernstig zijn. Dat zijn dan ook honden die niet passen binnen onze maatschappij.