Cultuur

Interview

Interview

Philippe Sands in Edinburgh, Scotland.

Foto Andrew Testa/The New York Times

Kunnen de jaren 30 zich nu herhalen?

De Britse strafpleiter Philippe Sands schreef een boek waarin twee Joodse juristen uit Oekraïne bezet Europa ontvluchten. „Lviv was net Londen. Niemand in Lviv had toen voor mogelijk gehouden dat vijftien jaar later tienduizenden mensen vermoord zouden worden.”

Toen Philippe Sands zeven jaar geleden begon met het ontrafelen van zijn familiegeschiedenis, wist hij niet hoe actueel het eindresultaat zou blijken. De bedoeling was een persoonlijk verhaal te vertellen. Het resultaat wordt ontvangen als een waarschuwing wat er kan gebeuren als populisme en nationalisme doorslaan. „Kunnen de jaren 30 zich herhalen? Dat is de vraag die mij nu zo vaak gesteld wordt”, zegt de Londense advocaat en hoogleraar.

Sands reconstrueert in zijn boek East West Street hoe Leon Buchholz, zijn grootvader aan moederszijde, met zijn vrouw Rita in 1939 als Joden vluchtte naar Parijs. Tegelijkertijd vertelt Sands over een andere zaak die hem na aan het hart ligt: het ontstaan van de internationale rechtspraak, aan de hand van het verhaal van twee Joodse juristen, Hersch Lauterpacht en Raphael Lemkin.

Lees hier de ode die Philippe Sands in 2010 in The Guardian schreef aan ‘zijn held’ Hersch Lauterpacht

Eind jaren 30 ontvluchtten zij bezet Europa. Ze trekken naar het Verenigd Koninkrijk en Amerika en denken in veiligheid na over de verschrikkingen op het continent. Ze zijn overtuigd dat internationaal recht bescherming moet bieden. Ze ontwikkelen manieren om internationale misdaden te bestraffen. Lauterpacht bedenkt de term ‘misdaden tegen de menselijkheid’, Lemkin geeft de juridische definitie van ‘genocide’ vorm.

De Oekraïense stad Lviv speelt een belangrijke rol in het boek. Sands’ grootvader was er geboren, zijn familie kwam er vandaan. Lauterpacht en Lemkin studeerden er. De mannen verkeerden in dezelfde levendige Joodse gemeenschap. Lviv is voor Sands een waarschuwing, een antwoord op de vraag of de verschrikkingen van 70 jaar geleden zich kunnen herhalen. „Lviv was een multi-etnische en welvarende stad. Er waren universiteiten, operahuizen, journalisten”, zegt Sands. Hij laat de geoefende stilte van een ervaren strafpleiter vallen.

„Het was net Londen. Niemand in Lviv had toen voor mogelijk gehouden dat vijftien jaar later tienduizenden mensen vermoord zouden worden.”

U maakt zich zorgen?

Ik ben beducht op momenten van verval. Kijk naar Trump. De eerste twee weken van zijn presidentschap zijn alles behalve geruststellend. Hij laat zich racistisch uit, predikt openlijke vrouwenhaat en schuwt discriminatie op basis van geloof niet. Zijn modus operandi lijkt om een gevoel van chaos te creëren, zowel binnen als buiten de VS. Dat is mogelijk bewust: om met besluiten grenzen te verleggen waardoor het onaanvaardbare opeens aanvaard wordt. Tien jaar geleden was dit alles ondenkbaar geweest. In Amerika zijn er checks and balances die, op den duur, in werking treden en het beleid matigen. De gevolgen erbuiten? Over het signaal ervan ben ik echt bezorgd.”

Zijn historische vergelijkingen niet inherent gemankeerd?

„En ingewikkeld. Maar ik denk dat er een menselijk instinct bestaat naar het verleden te kijken om te zien wat we kunnen leren. Na de Eerste Wereldoorlog was er in Duitsland veel onvrede, die bijdroeg aan de gebeurtenissen van de jaren 30 en de Tweede Wereldoorlog. De herschikking van de internationale orde in 1945 zorgt op zijn beurt weer voor de onvrede van nu. De akkoorden van toen – de Jalta-conferentie, het VN-Verdrag, Bretton Woods – waren gebaseerd op de logica van globalisering. De afspraken schiepen niet alleen een wereld van handels- en investeringsverdragen, van de VN, van mensenrechteninstrumenten, maar ook een wereld waarin de natiestaat niet langer absoluut soeverein is.

De politici die inspelen op de groep mensen die zich in de steek gelaten voelen door het systeem, ageren tegen de beperking van die soevereiniteit. Take back control, zegt Theresa May. America first, zegt Trump.”

Is internationaal recht in staat weerstand te bieden?

„Wij zien nu een frontale aanval op de instellingen die in 1945 zijn opgezet. Het Europees Hof van Justitie, het Internationaal Strafhof, het Europees Hof voor de Rechten van de Mens worden in twijfel getrokken. Ik blijf overtuigd dat deze instellingen en de gedachte erachter sterk genoeg zijn om de aanval te trotseren. Maar we gaan moeilijke tijden tegemoet.”

Als strafpleiter heeft Sands voor de rechters van de internationale hoven gestaan die nu onder vuur liggen. Hij weet hoe het is om bewijsstuk voor bewijsstuk zijn zaak op te bouwen. Voor elke zitting verdiept hij zich in de levensloop van de rechters.

„Er bestaat niet zoiets als een puur mechanische toepassing van het recht.”

Juist omdat Sands weet hoe het is de zwaarste zaken te bepleiten, heeft hij respect voor de twee juristen uit Lviv in zijn boek.

Lauterpacht (misdaden tegen de menselijkheid) redeneerde dat het individu beschermd moest worden tegen extreem geweld. Lemkin (genocide) dacht juist dat niet het individu maar de groep beschermd diende te worden. Hij eiste erkenning van het feit dat mensen vervolgd, verdreven en vermoord werden niet om wie ze als individu zijn, maar vanwege de groep waar ze deel van uitmaakten.

De twee raakten betrokken bij het team van aanklagers van de Neurenbergprocessen. Hun kersverse internationale strafdelicten werden de nazi-top ten laste gelegd.

In 1945 zagen beide mannen in Neurenberg hoe Hans Frank – ook een jurist – terecht werd gesteld. Hij was de persoonlijke advocaat van Hitler en bestuurde Galicië tijdens de bezetting als gouverneur-generaal in Lviv. Sands:

„Het is bijna onmogelijk voor te stellen hoe dat voor Lemkin en Lauterpacht geweest moest zijn. Ze zitten in de rechtszaal. Ze komen er achter dat hun hele families zijn uitgemoord en dat zij de man aanklagen die daarvoor verantwoordelijk is.”

De Neurenbergprocessen hadden een groter doel dan alleen daders straffen, zegt Sands. „Dit nooit meer. Dat was de belangrijke boodschap die het tribunaal moest uitstralen”, zegt Sands. „Kijk naar Aleppo om te zien dat die boodschap niet gehoord is. Mijn studenten internationaal recht voelen zich soms wanhopig. Onnodig. Duizenden jaren was de heerser soeverein. Je kan niet verwachten dat een paar verdragen de aard van de mens veranderen. Tegelijkertijd moet je goed nadenken of het internationaal strafrecht bijdraagt aan stabiliteit en harmonie.”

Wat bedoelt u?

„Het kan gezegd worden, ik kies mijn woorden nu zorgvuldig, dat het Joegoslavië-tribunaal meer kwaad dan goed heeft gedaan. De rechters oordeelden dat Bosniërs wel slachtoffer waren van genocide en Kroaten niet. In geen vijfhonderd jaar zullen die gemeenschappen dat onderscheid vergeten. Het gaat terug naar het meningsverschil tussen Lemkin en Lauterpacht. De wens de groep te beschermen, zoals Lemkin voor ogen had, kan ervoor zorgen dat de groep en het verschil benadrukt worden.”

Had het Joegoslavië-tribunaal dan beter niet plaats kunnen vinden?

„Nee. Ik ken een Duitse psycholoog Jan Kizilhan, die een project opzette om elfhonderd getraumatiseerde Yezidi-vrouwen naar Duitsland te halen. Ik ben langs geweest en leerde twee vrouwen kennen. Deze vrouwen zijn honderden keren verkracht. Een van de vrouwen zei: ‘Ik wil mijn verhaal doen voor de rechter. Ik wil dat de daders berecht worden.’ Een andere vrouw zegt: mijn broer is voor mijn ogen onthoofd. Mijn vader is voor mijn ogen onthoofd. Mijn grootvader is voor mijn ogen onthoofd. Ik wil dat de daders worden vermoord. Het maakt mij niet uit hoe’. Als een vrouw van negentien zoiets zegt, heb je empathie. Toch ben ik het fundamenteel met haar oneens. Maar wie ben ik om mijn westerse waarden te projecteren? Daarmee worstelen en tegelijk verder gaan, is het pad van Neurenberg, het Joegoslavië-tribunaal en het Strafhof voortzetten.”

Zie hier een debat tussen Sands, Niklas Frank (de zoon van Hans Frank) en nog een zoon van een beruchte Nazi:

Vindt u het zorgelijk dat landen zich uit het Strafhof terugtrekken?

„Ik heb sympathie voor de kritiek van Afrikaanse landen. Bijna alle verdachten die het Strafhof heeft aangeklaagd zijn zwart. Hebben Afrikanen het monopolie op internationale misdaden? Natuurlijk niet, evenmin als de Duitsers een monopolie op misdaden hadden in 1945. Gerechtigheid is onevenwichtig. Hoe kan het zijn dat veertien jaar nadat Afghanistan lid werd van het Strafhof, er nog niks gedaan is aan stelselmatig martelen op Bagram Air Base?

Omdat de VS een wereldmacht zijn.

„Precies. Wat gebeurt er als de hoofdaanklager Fatou Bensouda oordeelt dat het VK te weinig werk maakt met onderzoek naar het eigen handelen in Irak en Afghanistan? Trekt het VK zich dan terug uit het Strafhof? Dat is een minder kwaad dan landen niet aanpakken omdat ze machtig zijn. Fatou Bensouda moet voor niemand bang zijn. Dat is ze ook niet. Ze is onverschrokken.”

Waarom is de een voor niets en niemand bang, terwijl de ander meebuigt met de groep? Waarom gaat de een het verzet in of spreekt wereldmachten aan op hun misdaden, terwijl een ander massamoordenaar wordt? Het thema laat Sands niet los.

Zonder een vrouw die de wereld, de nazi’s en de gevolgen niet vreesde, had zijn moeder de Holocaust misschien niet overleefd.

Na een paar jaar onderzoek stond Sands voor een raadsel. Hij kwam tot de conclusie dat zijn moeder, als baby, zonder haar ouders de oversteek van bezet Wenen naar Parijs maakte. Wie durfde het aan een Joodse baby in veiligheid te brengen? Sands stuitte op een vergeeld briefje met een enkele naam: Miss E.M. Tilney. Sands kwam uit in Norwich en ontdekte het verhaal van Elsie Tilney, een reislustige Engelse missionaris. Zij nam in 1939 op het Weense Westbahnhof een Joods babymeisje over van haar moeder en bracht haar, belangeloos en niet zonder gevaar, naar haar vader op Gare de l’Est in Parijs.

Philippe Sands maakte ook een documentaire over zijn familiegeschiedenis:

Ik hou van Elsie Tilney, zegt Sands. „Tijdens mijn onderzoek raakte ik bevriend met Niklas Frank, de zoon van nazi Hans Frank, die mijn familie heeft uitgemoord. Ik vroeg Niklas een keer hoe het kon dat zijn vader, een hoogopgeleide en cultuurminnende man, bevriend met componist Richard Strauss, betrokken raakte bij de moord op in totaal vier miljoen mensen (Joden en Polen). Een gebrek aan Zivilcourage, aan burgermoed, zei Niklas. Terwijl Elsie Tilney de dapperste dingen deed en er nooit een mens over vertelde. Zij kwam uit een generatie waarin je niet ging tweeten of facebooken hoe geweldig je was. Je deed het en you got on with it.”

Heeft de wereld meer burgermoed nodig?

„Als ik zie dat de Britse regering minderjarige vluchtelingen uit Calais weigert op te nemen, raak ik bezorgd. Wij dreigen een verkeerde weg in te slaan. Als ik naar mijn eigen familiegeschiedenis kijk, besef ik hoe belangrijk het is voor mensen een plek te hebben waar ze naartoe kunnen vluchten. Ik denk dat het uiteindelijk mens eigen is te willen helpen.

„Er zijn veel mevrouwen Tilney op de wereld. Ze zijn in Aleppo. Ze zijn in Noord-Irak. Iemand heeft die twee Yezidi-vrouwen helpen ontsnappen, is naar ze toegekomen, heeft ze kleren gegeven in een pikzwarte nacht. Ik heb vertrouwen.”