Column

Zonen en lieverds

Ed van der Elsken (1925-1990) en Johan van der Keuken (1938- 2001). De één een briljante fotograaf, de ander een gevierde filmer. Van der Elsken was een libertijn, Van der Keuken een somberaar. Maar kijk goed naar de foto’s van Van der Elsken: hij blufte met zijn emoties, daaronder beefde hij. En Van de Keuken onderdrukte zijn speelsheid met elke film verder. Ze deelden een milieu (de Amsterdamse bohème) en een opwindende tijd (de jaren vijftig, zestig, zeventig). Ongebreidelde vrijheid en persoonlijke ontplooiing waren verplicht. Alles kon. Maar gevoelens mochten de linkse ideologie niet in de weg staan. Daar komen vreemde kind’ren van. Raban! Raban! Raban!

Die kinderen spreken zich nu uit over hun vaders. Teun van de Keuken (1971) met een boek: Goed volk. Daan van der Elsken (1963) in een film: De erfenis (regie: Joris Postema). En het gaat er ruig aan toe.

Daan van der Elsken, musicus, is chronisch depressief en dat verwijt hij zijn vader. Aandacht kreeg hij niet, daarvoor was Ed te veel met zichzelf bezig. Hadden ze contact, dan kregen ze ruzie. Toen ik recentelijk Ed van der Elskens zwanenzang Bye terugzag, viel me inderdaad op dat hij Daan buiten beschouwing liet, in tegenstelling tot diens zus en halfbroer. Dat is pijnlijk. Hoe ging dat? Daar zwijgt deze film over en dat is jammer.

Daan van der Elsken in De Erfenis

Journalist Teun van de Keuken pakt het anders aan maar komt op hetzelfde uit. Hij typeert zijn vader via een tijdsbeeld. Dat is hoogst amusant (en ja, het was allemaal écht zo vreemd) en niet mals. „Hiërarchie en macht zouden niet meer tellen” schrijft hij – en beschrijft grimmig en zonder ophouden hoezeer die altijd telden. Tussen mannen en vrouwen. Tussen vaders en kinderen. Tussen kunstenaars en andere mensen (jammer voor ze, maar die waren minder). Vader Johan van der Keuken was overtuigd vooruitstrevend, maar hij was ook overtuigd Male. Chauvinist. Pig. Dat zoon Teun zwaar in het gedrang kwam, had hij niet eens in de gaten.

Teun is net zo’n moralist als zijn vader. Maar hij heeft gevoel voor humor en dat scheelt alles. Daan van der Elsken accepteert aan het slot van De erfenis – schoorvoetend, maar toch – dat vader Ed egomaan was maar dat hij aantoonbaar om hem heeft gegeven.

Goed volk is géén afrekening, begreep ik uit een interview met Teun van de Keuken en ook Daan van der Elsken zei zoiets. Dat neem ik aan, maar wat deden ze dan wél? Hun razende onbarmhartigheid roert me. Die vaders zijn dood, en nog willen hun zoons de aandacht en erkenning die ze niet kregen.

Ze bonden de strijd met hun vaders aan via een film en een boek. Maar pas op. Kunst met een doel wordt óf pathetisch (zie politieke kunst), óf je maakt iets goeds – en dan ontmaskert dat kunstwerk jou.

Of ze dat nou willen of niet, Daan en Teun zijn er trots op dat ze de zoon zijn van Ed van der Elsken en Johan van der Keuken. Leg De erfenis en Goed volk naast elkaar en je ziet het.