Column

Welkom in de tijd van radicale onzekerheid

Economische voorspellingen voor 2017 kenmerken zich door onzekerheid. Meerdere uitkomsten zijn mogelijk, maar hoe waarschijnlijk ze zijn? Onzekerheid laat zich lastig meten, schrijft columnist Maarten Schinkel.

Het gaat uitstekend met de Nederlandse economie, stelde De Nederlandsche Bank begin deze week. De nieuwe prognoses van DNB gaan uit van een economische groei van 2,3 procent in 2017 en het jaar daarna met nog steeds 1,7 procent. Er is weinig mis met deze prognoses, maar er kan in de tussentijd natuurlijk veel gebeuren. Daarom geeft DNB ook twee scenario’s: in het eerste jaagt de Amerikaanse president Trump de economie extra aan, in het tweede stijgt de werkgelegenheid sterker dan gedacht. Beide scenario’s leveren onder meer 0,1 procentpunt extra op.

Scenario’s zijn al meer dan tien jaar een manier om de toekomst te vangen. Ook het Centraal Planbureau hanteert ze. De beschreven varianten vormen samen een ‘waaier’ van toekomstige uitkomsten. Maar is dat nog een goede methode?

2017 is een cruciaal jaar voor onze wereld. De pas aangetreden regering-Trump kenmerkt zich door een elan dat gerust ‘revolutionair’ kan worden genoemd. Elke dag brengt tot nu toe verrassingen, van de afkeer van vrijhandel tot een gedeeltelijke immigratiestop. Van toenadering tot Rusland en afkeer van Duitsland tot een ramkoers met China.

Veel kan bluf zijn, veel ook niet. Alles lijkt mogelijk. Dat is ook het geval in de Europese politiek, met verkiezingen in Nederland, Frankrijk, Duitsland en misschien ook Italië. De houding van Rusland. De plannen van China.

De vraag is dan ook of een ‘waaier’ van economische voorspellingen nog wel afdoende is. Die impliceert een geleidelijkheid tussen de ene scenario-variant en de andere. Maar zijn dit tijden van geleidelijkheid?

Er is eerder een kans op extreme uitkomsten. Zo’n kansverdeling wordt meestal uitgebeeld als een ‘normaalverdeling’: een bult die aan weerskanten afloopt. Het hoogste punt weerspiegelt de grootste kans. De beide uiteinden, ‘de staarten’, geven de minieme kans weer op extremen. Hoe ‘dikker’ de staarten (fat tails) hoe hoger het risico op zulke uitkomsten.

Nu zijn risico’s te benoemen, te beheersen en te meten en op de financiële markten kun je ze een prijs geven. Maar 2017 is het jaar van de onzekerheid. En onzekerheid is een fundamenteel ander begrip. Joachim Fels, een strateeg van Pimco, een van de grootste obligatiebeleggers ter wereld, was deze week even in Nederland en legde bij zijn prognoses de nadruk op het begrip ‘radicale onzekerheid’. Dit is, kort samengevat, een toestand waaruit meerdere uitkomsten mogelijk zijn, die alle een stabiel evenwicht opleveren maar waarvan de waarschijnlijkheid dat ze optreden onmeetbaar is.

In de VS kan het regime van Trump, na veel poeha, leiden tot doorploeteren op de ingeslagen weg. Of tot een economische renaissance die een nieuw tijdperk van voorspoed inluidt. Of een volledig destructieve handelsoorlog die leidt tot een mondiaal conflict. Of een andere extreme uitkomst die we ons nog niet kunnen voorstellen. Wat is de kans op elke uitkomst? De waaier voldoet niet meer. De bult is een streep geworden: de staarten zijn even dik als het midden. Statistiek kan niets met radicale onzekerheid.

Wat beleggers daarmee kunnen? Fels gaat voor waardebehoud, hetgeen voor een belegger de correctie houding lijkt. Maar de burger, de beleidsmaker, de politicus en de topman van een grote onderneming tasten hier volledig in het duister. Onzekerheden zijn er genoeg, in het leven, in het zakenleven, in de politiek. Radicale onzekerheden zijn anders. Ze raken misschien nog het meest aan de ‘disruptie’ die veel vernieuwende techbedrijven zeggen te willen bewerkstelligen. Een spreekwoordelijke bom laten afgaan in de gevestigde orde, en kijken wat er gebeurt. Dat doet toch ergens aan denken.

Maarten Schinkel schrijft elke week over macro-economie en financiën