Commentaar

Verkiezingen als songfestival

Bij de Kiesraad hadden zich dinsdag 31 partijen formeel aangemeld om aan de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart aanstaande mee te doen. Hoeveel hiervan uiteindelijk op het stembiljet verschijnen, wordt vrijdag duidelijk als de geldigheid is getoetst. Bij de nieuwkomers zit nog een aantal partijen met te weinig handtekeningen.

In elk geval is het aantal deelnemende partijen aanzienlijk lager dan de 81 die eerder werden genoemd. Het registreren van een partijnaam is iets anders is dan meedoen. Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) sprak daarom weer eens voor zijn beurt toen hij de Tweede Kamer enkele weken geleden schreef dat vanwege het hoge aantal een aanpassing van de ministeriële regeling voor het stembiljet nodig was. Het hoeft niet.

Er staan nog altijd veel partijen op de lijst maar dit is, als gevolg van het laagdrempelige kiessysteem, altijd zo geweest. Eind jaren zestig kon Nederland kiezen uit 23 partijen. Bij de vorige verkiezingen, in 2012, bestond de keuze uit 21 partijen. De slechtst scorende deelnemer, de Politieke Partij NXD („Naar een stabiele regering”) behaalde toen overigens 62 stemmen.

Ondertussen doet zich op weg naar de verkiezingsdag een ander fenomeen voor. Het is de deelnemende partijen nu allereerst te doen om zodanig hoog in de peilingen te eindigen dat hun lijsttrekkers mogen meedoen aan de televisie-verkiezingsdebatten die eind februari beginnen. Alsof het een Eurovisiesongfestival betreft komt er wellicht een soort voorronde.

De uitslagen van verschillende peilingen worden in de blender van de semi-wetenschappelijke Peilingwijzer gestopt. De vier hoogst eindigende partijen mogen meedoen aan het RTL-premiersdebat van zondag 26 februari. Een debat dat volgens de zelfbenoemde kenners bepalend kan zijn voor het verdere verloop van de campagne.

Bepalend? Bij een soortgelijk debat in 2012 was het aanvankelijk helemaal niet zo helder wie de duidelijke winnaar en verliezer was. Zo’n debat kan de toon zetten. Maar wel een toon die achteraf verspreid wordt door partijbelanghebbenden.

RTL’s keuze om maar vier deelnemers uit te nodigen is vanzelfsprekend arbitrair. Het ongemak wordt sterker nu het verschil in virtuele grootte tussen de vier die worden toegelaten en zij die er net buiten vallen miniem kan zijn. De ultieme oplossing bestaat niet in het veelstemmige partijenlandschap. Het is slechts te hopen dat de kiezer zijn keuze door meer laat bepalen dan een in hoge mate voorgeprogrammeerd debat.