Commentaar

Trumps visie vrijhandel is riskant en destabiliserend

Internationale handel als een oorlog van allen tegen allen. Deze doctrine lijkt in snel tempo te worden toegepast door de nieuwe Amerikaanse regering-Trump. Het handelspact TPP is inmiddels zo goed als opgezegd. NAFTA, het verdrag dat de vrijhandel tussen de VS, Mexico en Canada regelt, wankelt. Het TTIP-verdrag met de Europese Unie sneuvelt in de laatste stadia van onderhandeling. China wordt de wacht aangezegd. Amerikaanse bedrijven die buitengaats, met name in Mexico, opereren om van daaruit naar de VS te exporteren, kregen een tik op de vingers. En nu is ook de Europese Unie aan de beurt. Dinsdag beschuldigde Peter Navarro, de topadviseur voor internationale handel onder Trump, Duitsland van valutamanipulatie. Het zou oneerlijk profiteren van de lage euro en niet alleen de Verenigde Staten maar ook zijn partners binnen de eurozone benadelen.

Het motief achter al deze uitspraken en beleidsvoornemens is de overtuiging dat de VS, en dan met name de Amerikaanse arbeidersklasse, een slachtoffer zijn vrijhandel. Daarmee nemen de VS een radicaal andere houding aan dan sinds de Tweede Wereldoorlog gebruikelijk was. Onder Amerikaanse leiding werd de internationale handel vrijgemaakt, tarieven verlaagd en barrières geslecht. Internationale economische integratie was een van de belangrijkste fundamenten voor de ‘Pax Americana’.

Dat alles wankelt nu. De realistische kijk op de internationale betrekkingen wint onder Trump snel veld. Dat geldt evenzeer voor de visie op de Europese Unie. Voor het Europese project is weinig begrip in een wereldbeeld waar de natiestaat de enige actor is en waar de winst van de een het verlies is van de ander.

De klachten over het tempo van de globalisering zijn niet allemaal ongegrond. Er zijn grote onevenwichtigheden in de wereldeconomie. De toetreding van China tot de wereldmarkt was en is een schok waar de gevestigde westerse economieën nog steeds van nabeven. De internationale financiële sector was een bron van instabiliteit en het is nog de vraag of dat afdoende is geadresseerd.

Veel van de bezwaren zijn niet te herleiden tot vrijhandel maar tot de oprukkende technologie die veel banen overbodig maakt. Het zorgen voor de verliezers is van groot belang, net als goede scholing en een rechtvaardige verdeling van de welvaart.

Economische onveiligheid is een belangrijk thema voor de burger, niet alleen in de VS maar ook in Europa. Maar radicale oplossingen, met een handelsoorlog als mogelijk gevolg, zijn het antwoord niet. Pas als de vrijhandel wordt afgebroken, zal blijken hoe groot de schade is. En hoe groot de voordelen zijn die deze ons, vaak ongezien, heeft gebracht.