Nog eens 11.000 Ethiopische gevangenen vrijgelaten

De gevangenen werden vorig jaar aangehouden tijdens de grote demonstraties tegen het beleid van de Ethiopische regering.

Mensen lopen mee in een protestmars in Bishoftu op 2 oktober. Foto AP

Ruim 11.000 Ethiopische gevangenen die vorig jaar zijn aangehouden tijdens de protesten tegen de regering krijgen gratie. Ze hebben “berouw getoond” en komen op donderdag vrij, zo meldt het Duitse persbureau DPA woensdag op grond van de Ethiopische staatstelevisie. In december werden al bijna 10.000 andere betogers vrijgelaten.

Alle vrijgelaten gevangenen hebben volgens Siraj Fegessa, de Ethiopische minister van Defensie, een training van twintig dagen doorlopen om zo goed mogelijk te kunnen terugkeren in de maatschappij. Niet alle gevangenen krijgen overigens gratie: van de bijna 24.000 mensen die tijdens de protesten werden aangehouden moeten er bijna 3.000 voor de rechter verschijnen.

In Ethiopië was het eind vorig jaar lange tijd onrustig, omdat oppositieleden massaal demonstreerden tegen het beleid van de regering. Zij eisten meer politieke vrijheden en riepen op een einde te maken aan de landonteigeningen. Voor de regering waren de soms gewelddadige protesten, waarbij tientallen doden vielen, reden om begin oktober de noodtoestand uit te roepen.

‘Ook verschillen tussen stammen spelen mee’

Daarnaast speelden bij de demonstratie ook tribale zaken mee, zo zag onze correspondent Koert Lindijer in augustus van dit jaar. Ethiopië kent namelijk meerdere stammen, waaronder de Oromo’s - die ongeveer eenderde van de honderd miljoen Ethiopiërs uitmaken – en de Amharen, die onder vorige regimes regeerden:

“De Tigrayers zijn een relatief kleine groep maar zij controleren het gehele veiligheidsapparaat en hun invloed is ook dominant in de overheid. In het noordelijke Bahir Dar weigeren Amharen zich bij de Tigrayers te voegen en in Oromiya bestaat al langer het gevoel van overheersing door de Tigrayers.”

De woedde van de Amharen en de Oromo’s richtte zich ook op buitenlandse bedrijven, omdat zij worden gezien als bondgenoten en geldschieters van de regering. Onder meer enkele Nederlandse tuinbouwbedrijven werden doelwit van de demonstraties. Voor bloemenproducent Esmeralda Farms was dat in september reden om het land te verlaten.