Voorstel voor Europese bank met rommelkrediet

Slechte bank

De EU-Bankenautoriteit pleit voor oprichting van een aparte bad bank. Banken moeten af van hun probleemleningen.

Een filiaal van de Italiaanse probleembank Monte dei Paschi in Rome. Foto Alessia Pierdomenico/Bloomberg

Verzamel alle rommel die op de balansen van Europese banken staat, stop die in een nieuwe bank, en laat die bank de rommel doorverkopen. Dit is, kort gezegd, de oplossing die nu de ronde doet voor een hardnekkig probleem: de meer dan 1.000 miljard euro aan probleemleningen die banken in de Europese Unie in hun bezit hebben. Dit is krediet dat niet of niet volledig wordt terugbetaald door burgers of bedrijven.

Andrea Enria, de baas van de Europese Bankenautoriteit (EBA) pleitte maandag tijdens een conferentie in Luxemburg voor de oprichting van een bad bank (slechte bank), een fonds waarin die leningen worden verzameld. Enria zelf noemt zo’n instelling overigens, ietwat eufemistisch, een „vermogensbeheerder”.

Het idee is niet nieuw. De Amerikaanse overheid nam na de financiële crisis veel rommelhypotheken over en zette die apart in een speciaal opgericht fonds. Ierland en Spanje creëerden ook elk hun eigen slechte bank. Die landen presteren economisch nu beter dan landen die slechte leningen niet hebben opgeruimd, met name Italië en Griekenland. Onlangs moest de Italiaanse staat de bank Monte dei Paschi, die gebukt gaat onder een berg probleemleningen, te hulp schieten.

Nieuw is wel de pan-Europese schaal van het voorstel. Enria noemt aanpak van al het probleemkrediet in de EU „urgent”. Hoe werkt zijn plan? De slechte bank zou eerst zelf kapitaal moeten aantrekken van zowel overheden als private investeerders. Vervolgens verkopen banken hun slechte krediet aan het fonds voor de „echte economische waarde” ervan, dus tegen sterk gereduceerde prijzen.

Dan treedt een verlies op, en dat komt in Enria’s plan voor rekening van aandeel- en obligatiehouders van de banken. De slechte bank is daarna verplicht om de leningen binnen een vastgestelde termijn door te verkopen (aan bijvoorbeeld beleggers), voor dezelfde prijs. Als kopers alleen een lagere prijs bieden, ontstaat een tekort bij de slechte bank. Dan moet het land waar de probleemleningen vandaan komen , alsnog het verlies aanvullen.

Als er al herkapitalisatie van banken plaatsvindt, moet niet de Italiaanse staat dat doen, maar het Europese noodfonds ESM

Het voordeel van zo’n slechte bank is dat er één grote markt ontstaat voor probleemleningen, zo leert de ervaring in Ierland en Spanje. Beleggers weten dan waar ze moeten zijn en kunnen tegen elkaar opbieden.

Harald Benink, hoogleraar Banking and Finance in Tilburg, is sceptisch. „Voordat je wéér een nieuwe structuur hebt opgetuigd, ben je jaren verder. Ondertussen blijft de situatie met de Italiaanse slechte leningen dooretteren.” In plaats daarvan zou Benink graag zien dat de bestaande regels correct worden uitgevoerd. Voor de redding van Monte dei Paschi draait de Italiaanse staat grotendeels op, terwijl de EU-bankenregels voorschrijven dat vooral beleggers moeten bloeden. „Als er al herkapitalisatie van banken plaatsvindt, moet niet de Italiaanse staat dat doen, maar het Europese noodfonds ESM”, aldus Benink.