Cultuur

Interview

Interview

De Joodse kolonist Refael Morris staat op een observatiepunt met uitzicht op het Palestijnse dorp Duma op de Westelijke Jordaanoever, nabij de illegale joodse nederzetting Yishuv Hadaat.

Foto Ronen Zvulun/Reuters

‘Obama heeft positie van gematigden in Israël aanzienlijk verzwakt’

„Mijn hoop is dat we een intieme dialoog met de regering-Trump kunnen voeren, waarbij we het vertrouwen herstellen”, zegt onderminister Michael Oren, rechterhand van premier Netanyahu.

Met een zucht van opluchting verwelkomde de Israëlische regering Donald Trump als Amerikaans president. Met zijn voorganger Barack Obama was Israëls verhouding ijzig. Vol verwachting maakt premier Benjamin Netanyahu zich nu op voor een ontmoeting met Trump in Washington op 15 februari.

„Mijn hoop is dat we een intieme dialoog met de regering-Trump kunnen voeren, waarbij we het vertrouwen herstellen”, zei onderminister Michael Oren, Netanyahu’s diplomatieke rechterhand, bij een gesprek vorige week op Israëls ambassade in Den Haag. Die hoop richt zich – op basis van uitlatingen van Trump – vooral op twee punten: de erkenning van Jeruzalem als hoofdstad van Israël en een herziening van het nucleaire akkoord met Iran. Zaken die de onrust in het instabiele Midden-Oosten verder kunnen aanwakkeren.

Vooral de Iraanse deal zit de oud-ambassadeur in Washington (2009-2013) hoog. „Ik vind dat vijftig keer zo bedreigend als de nucleaire dreiging van Noord-Korea. Een slecht akkoord. Over negen jaar zou het voor het Iraanse regime volkomen legitiem zijn honderden kernwapens te produceren. Dat is onaanvaardbaar voor Israël. Iran is de grootste staatssponsor van terrorisme. Het is militair actief in Syrië, Libanon en Irak en zit dus aan alle kanten om ons heen. De regering verklaart dat het haar doel is Israël te vernietigen.”

Lof was er vanuit Europa en erbuiten voor Obama, toen de VS zich in december onthielden van een veto, waardoor de VN-Veiligheidsraad een resolutie aannam waarin Israël werd veroordeeld om zijn nederzettingenbeleid in de Palestijnse gebieden.

Volgens Oren, die in het huidige kabinet als gematigd geldt, bewezen Obama, VN en EU zo noch de Israëliërs noch de Palestijnen een dienst.

„De standpunten van VN, EU en de Obama-regering van de laatste acht jaar hebben de gematigden in Israël aanzienlijk verzwakt. De Israëlische bevolking kreeg het gevoel dat de internationale gemeenschap ons altijd op onze kop zou geven, ongeacht wat we ook deden. Toen ik ambassadeur was, zei ik de Amerikanen keer op keer: jullie laten me geen been om op te staan tegenover onze eigen bevolking. Jullie verzwakken ons zo.”

Kortzichtig van de internationale gemeenschap was volgens hem vooral er op te staan dat Israël geen millimeter mag afwijken van de grenzen van 1967. Vooral in Oost-Jeruzalem is dat volgens hem niet realistisch. „Geen enkele Israëlische regering, ook geen linkse, kan de bouw van woningen in Jeruzalem bevriezen. Het is ook tegen de wet, Jeruzalem is soeverein Israëlisch gebied. De regering zou voor het Hooggerechtshof worden gedaagd en zou verliezen.”

Maar die bouw is wel in strijd met het internationaal recht?

„In ons land houden we ons aan Israëlisch recht, niet het internationale recht. Aan zo’n eis kan geen regering voldoen en daarmee werd het vredesproces tot staan gebracht.”

Wat blijft er dan nog over voor de Palestijnen?

„De Palestijnen zouden na onderhandelingen kunnen worden gecompenseerd. In het verleden is wel gesproken over een verbinding tussen Gaza en de Westelijke Jordaanoever via een tunnel of een weg. Dat kan dan Palestijns territorium worden.”

Maar wanneer de Israëliërs besluiten wat er met Palestijnen in Israël gebeurt, zouden dan de Palestijnen niet mogen beslissen wat er met Israëliërs in hun gebieden gebeurt?

„Dat zou wel moeten. Daarover waren we het eens met de regering-Obama. De oplossing is twee staten voor twee volken. Ik ken ook kolonisten die zeggen dat ze blij zouden zijn in een Palestijnse staat te wonen als ze maar in hun thuisland kunnen blijven zitten. Maar ik ken geen enkele Palestijn die die formule aanvaardt.”

Ziet u nog mogelijkheden voor de twee-staten oplossing?

„Ik zie het niet in de nabije toekomst gebeuren. Ten eerste hebben we aan Israëlische zijde een jonge generatie die zich louter raketten en opgeblazen bussen herinnert. Dat maakt het heel moeilijk de vestiging van een Palestijnse staat te verdedigen. Ten tweede is er de kwestie van het Palestijnse leiderschap. Mahmoud Abbas is al ruim 81 jaar oud, rookt drie pakjes sigaretten per dag en is in het elfde jaar van zijn officieel vierjarige termijn. De strijd om zijn opvolging is in volle gang, schietpartijen incluis. Er zouden lokale verkiezingen komen maar die werden geannuleerd omdat Fatah merkte dat het zou gaan verliezen. Er is daar geen leiderschap. Dat is een groot probleem.”

Oren ziet nog een fundamenteel probleem. De Palestijnen hebben geen nationale instituties die nodig zijn voor een stabiele natiestaat. Volgens critici overigens mede door tegenwerking van Israël. „Weet u”, zegt Oren, „het zijn de Israëlische veiligheidstroepen die Mahmoud Abbas in leven houden. Als Israël zich zou terugtrekken, zou de staat snel in handen vallen van, in het gunstigste geval, Hamas en in het ergste geval van IS. Dat zou moeilijk voor de Palestijnen zijn maar ook een existentiële bedreiging vormen voor ons en Jordanië. Dat kunnen we niet hebben.”

En zijn die twee staten op langere termijn haalbaar?

„Ik geloof dat we die van onderop moeten opbouwen, niet van boven opleggen. In sommige Palestijnse gebieden gaan ze hun eigen gang. Er is ook veel samenwerking en coëxistentie. Zo’n 100.000 Palestijnen komen dagelijks naar Israël en we hebben net weer 22.000 arbeidsvergunningen afgegeven. Alles wat er op de Westelijke Jordaanoever door Palestijnen wordt geproduceerd wordt nu via Haifa uitgevoerd omdat de route via Syrië geblokkeerd is. We werken goed samen op veiligheidsgebied.”

Hoe is het met de Arabische buren?

„Ook dat is een hoopvolle factor. De betrekkingen met de sunnitische Arabische staten zijn sinds het ontstaan van Israël in 1948 nog nooit zo goed geweest. We zijn het eens over Syrië, Iran, Hamas, IS en de Moslimbroederschap. Zij beschouwen ons niet langer als een vijand.”