Tweede Kamer stemt definitief in met Klimaatverdrag Parijs

De Tweede Kamer roept het kabinet op het Klimaatverdrag van Parijs nog voor de verkiezingen door de Eerste Kamer te loodsen. Maar daarmee is effectief klimaatbeleid nog niet gegarandeerd.

Foto Christian Hartmann/Reuters

De Tweede Kamer stemde dinsdag definitief in met het Klimaatverdrag van Parijs, inclusief een oproep aan het kabinet om alles in het werk te stellen om die ‘ratificatiewet’ nog voor de verkiezingen door de Eerste Kamer te loodsen. Maar daarmee is effectief klimaatbeleid nog niet gegarandeerd. Woensdag publiceert de Europese Commissie het tweejaarlijkse Renewable Energy Report over de mate waarin lidstaten erin geslaagd zijn om fossiele energie te vervangen in duurzame, groene energie en daarmee de CO2-uitstoot te beperken. Nederland bungelt in die lijst van Europese lidstaten onderaan, net als in het vorige rapport.

In 2020 moet minstens 14 procent van de energievoorziening duurzaam zijn, zo is in Europees verband afgesproken. In het regeerakoord spraken PvdA en VVD af om daar nog een schepje bovenop te doen: 16 procent in 2023.

Maar Nederland gaat die Europese doelstelling in 2020 waarschijnlijk niet halen, zo wordt volgens Politico Brussels in dat Europese rapport geconcludeerd. Net als Luxemburg en het Verenigd Koninkrijk, trouwens. Terwijl de meeste andere Europese landen in 2020 de 20 procent halen. Nederland scoorde in 2014 5,6 procent, in 2015 5,8 procenten hoopt in 2020 op 12,8 procent uit te komen, zo bleek eind vorig jaar uit de Nationale Energieverkenning 2016 van het ministerie van Economische Zaken.

Daarin wordt ook al de verwachting uitgesproken dat die 14 procent in 2020 niet gehaald gaat worden. 16 procent in 2023 wél. Maar dan moet het ‘voorgenomen beleid’ in de komende jaren – door een volgend kabinet – wel uitgevoerd worden, zo bevestigt een woordvoerder van het Planbureau voor de Leefomgeving. Die scherpe stijging van duurzame energieproductie komt dan goeddeels voor rekening van nog te bouwen windenergiecentrales.

Als alles volgens plan verloopt tenminste, bevestigt ook een woordvoerder van het CBS dat verantwoordelijk is voor de cijferreeksen in die Energieverkenningen. „In 2015 bungelde Nederland onderaan die Europese lijst. Vanaf 2016 ziet het er allemaal zonniger uit. Maar dan moeten die plannen wel allemaal doorgaan.”

Zelfs als Nederland erin slaagt om die 16 procent in 2023 te halen, loopt het nog achter bij de meeste Europese landen. Snelle ratificatie van de klimaatverdrag van Parijs, waar de Kamer nu om gevraagd heeft, doet daar niets aan af.