Islamitische fatsoensrakker in Indonesië moet nu incasseren

Islamitisch Verdedigingsfront

Habib Rizieq zoekt graag de aanval. Maar hij ging wellicht te ver.

Rizieq Shihab, eerder deze maand bij het politiebureau, omgeven door aanhangers en journalisten. Foto Darren Whiteside/Reuters

Heeft hij zijn hand overspeeld? De voorman van de radicaal-islamitische organisatie FPI (Islamitisch Verdedigingsfront) Muhammad Rizieq Shihab wordt verdacht van belediging van oud-president Soekarno en de Pancasila, de filosofische grondslag van Indonesië. Daarvoor kan hij vijf jaar celstraf krijgen.

Tegen Habib Rizieq werd de afgelopen weken zeker twaalf keer bij de politie een klacht ingediend. Niet alleen voor laster over de Pancasila, ook voor het verspreiden van laster over nieuwe bankbiljetten, belediging van de Sundanese taal, van de politiebaas van Jakarta en van christenen. Nu is hij in een eerste zaak officieel als verdachte aangemerkt.

Eind vorig jaar wist Habib Rizieq verschillende keren grote mensenmassa’s op de been krijgen om in Jakarta te protesteren tegen de huidige gouverneur Basuki Tjahaja Purnama, beter bekend als Ahok, een christen. Op die demonstraties kwamen tienduizenden moslims uit heel Indonesië af. Het maakte van de FPI-voorman in één klap het gezicht van de (islamitische) oppositie tegen Ahok. Die hoopt bij de verkiezingen in februari opnieuw gouverneur te worden, iets wat wordt bemoeilijkt door het feit dat óók Ahok verdachte is. Mede op aandringen van de FPI staat hij terecht wegens belediging van de Koran.

Knokploeg

De protesten van vorig jaar waren ook gericht tegen president Joko Widodo. Ahok is ‘zijn man’, hij was vicegouverneur toen Widodo zelf nog gouverneur van Jakarta was.

De FPI, eind jaren negentig opgericht, staat bekend als een knokploeg die in naam van de islam geschreven en ongeschreven regels handhaaft. Boegbeeld Rizieq (1965, Jakarta) is er vanaf het begin bij betrokken. De lijst van haatzaaien, bedreigingen en daadwerkelijk gebruikt geweld door de FPI is lang.

Zo zegde de ‘duivelse’ Lady Gaga in 2012 haar popconcert in Indonesië af na bedreigingen van de FPI. Het hoofdkantoor van Playboy Indonesia moest in 2006 na het uitbrengen van het eerste nummer naar het overwegend hindoeïstisch-boeddhistische Bali verhuizen om daar het tweede nummer uit te brengen. In Surabaya, Oost-Java, ging de FPI de afgelopen feestdagen winkels langs om te controleren of werknemers kerstmutsen of andere kerstattributen droegen – iets wat volgens hen voor moslims verboden is. Regelmatig worden winkels die alcohol verkopen, binnengevallen door aanhangers van de FPI. Het zijn maar een paar voorbeelden van hoe de FPI opereert.

Laatste reeks beledigingen

Dat Habib Rizieq en zijn organisatie toch het gezicht van de protesten wisten te worden, ligt volgens analist Rainer Heufers onder meer aan de afwezigheid van de meer gematigde islamitische partijen. Heufers is directeur van het Center for Indonesian Policy Studies. De gematigde partijen hielden zich door interne verdeeldheid te stil, aldus Heufers. „Rizieq maakte daar slim gebruik van.” Maar, zegt hij ook: „Het tij keert.”

Met zijn laatste reeks beledigingen lijkt Habib Rizieq inderdaad de verkeerde mensen tegen zich in het harnas te hebben gejaagd. Met zijn opmerkingen over het nieuwe bankbiljet van 100.000 roepia (ruim 7 euro) – er zouden communistische symbolen op te zien zijn – kreeg hij de centrale bank van Indonesië op zijn dak. Een dochter van oud-president Soekarno stapte naar de politie vanwege zijn uitspraken over de Pancasila. De politie in West-Java besluit na verder onderzoek of het de zaak overdraagt aan de rechtbank.