Trump geeft rechts-populistische adviseur plek in Veiligheidsraad, generaals juist niet

Steve Bannon

Foto AFP

De Amerikaanse president Donald Trump voegt Steve Bannon, zijn belangrijkste adviseur en oud-hoofdredacteur van de rechts-nationalistische website Breitbart, toe aan de Nationale Veiligheidsraad. Dat maakte het Witte Huis afgelopen weekend bekend. De Nationale Veiligheidsraad, een adviserend orgaan, bepaalt in belangrijke mate het buitenland- en veiligheidsbeleid van de VS. Ook de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie hebben er zitting in.

Volgens Amerikaanse media kwam het omstreden decreet, vrijdag getekend, om de immigratie uit een reeks islamitische landen te beperken uit de koker van Bannon. Tot het decreet zou zijn besloten door president Trump en een kleine kring van adviseurs. De beoogde minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson is nog niet in functie. Zijn voordracht wacht nog op goedkeuring van de Senaat.

De voorzitter van de gezamenlijke chefs van staven, de bevelhebbers van de strijdkrachten, en de directeur van de nationale inlichtingen schuiven voortaan alleen nog aan bij zittingen van de Nationale Veiligheidsraad als er zaken op hun werkterrein worden besproken. Hun invloed wordt daarmee beperkt, terwijl Bannon daarentegen een belangrijke stem krijgt.

Van Democratische zijde kwam forse kritiek op het besluit om Bannon aan de Nationale Veiligheidsraad toe te voegen. Volgens senator Tim Kaine hebben „enkele zeer dubieuze mensen” nu zitting in de veiligheidsraad, waarbij hij Bannon specifiek noemde.

Bannon maakt er geen geheim van een rechts-populistische wereldrevolte te willen ontketenen. Volgens hem sluit het establishment de ogen voor de gevaren die de joods-christelijke cultuur bedreigen, met name door ‘liberale waanbeelden’, ‘corrupte elites’ en islamitische terreur. „Ik ben een leninist”, zei Bannon in 2014 tegen website The Daily Beast. „Lenin wilde de staat vernietigen en dat is ook mijn streven. Ik wil alles in elkaar laten storten en het volledige establishment vernietigen.”