Melkweg suist weg van gat in heelal

Sterrenkunde Sterrenstelsels stromen langs grillige banen door het heelal. Ook de Melkweg. Aangetrokken door massa en weg van de leegte.

De lijnen op deze 3D-kaart laten zien langs welke wegen sterrenstelsels in ons deel van het heelal door de ruimte reizen. Het vertrekpunt is een nog hypothetisch ‘gat’ (rechts). De routes komen uit bij het zware Shapley-supercluster (links). Ook de Lokale Groep, waarin de Melkweg ligt, gaat daarheen. Tekening Yehuda Hoffman

Samen met ons Melkwegstelsel suizen we met dik twee miljoen kilometer per uur door het heelal. Deze reis door de ruimte is het gevolg van de aantrekkende werking van miljoenen sterrenstelsels in de zeer verre omtrek. Maar volgens vier astronomen uit Israël, Frankrijk en de VS is er ook een grote, overigens nog niet opgespoorde kosmische leegte in het spel. Ze hebben berekend waar dat ‘gat’ moet zijn en schrijven erover in een maandag online gezet artikel in Nature Astronomy.

De onderzoekers hebben een video over hun onderzoek online gezet:

Bij een vluchtige blik op de nachtelijke hemel lijkt de kosmos een statische bedoening. De enige beweging die opvalt – de langzame trek van de sterren langs de hemel – is ook nog eens schijn: ze is het gevolg van de draaiing van de aarde. Toch is alles in beweging.

Zo draait de aarde met een snelheid van 100.000 km/uur om de zon, en cirkelt de zon met 800.000 km/uur om het centrum van ons sterrenstelsel, de Melkweg.

Op zijn beurt beweegt het Melkwegstelsel, samen met enkele tientallen soortgenoten, met ruim 2 miljoen km/uur een bepaalde kant op – een beweging die losstaat van de uitdijing van het heelal. Tot nu toe werd aangenomen dat de beweging van deze ‘Lokale Groep’ geheel voor rekening komt van een kolossale concentratie van sterrenstelsels 700 miljoen lichtjaar hiervandaan: de Shapley-supercluster.

Duw in de rug

Een team onder leiding van Yehuda Hoffman van de Hebreeuwse universiteit van Jeruzalem heeft nu echter ontdekt dat onze Melkweg niet alleen in de richting van de Shapley-supercluster wordt getrokken, maar tegelijkertijd een duw in de rug krijgt. Niet dat zich ‘achter ons’ iets mysterieus bevindt dat een afstotende kracht uitoefent. De oorzaak ligt bij een groot leeg gebied in de ruimte dat, van ons uit gezien, bijna precies tegenover de Shapley-supercluster is gepositioneerd.

Het bestaan van deze kosmische leemte wordt afgeleid uit de ruimtelijke bewegingen van duizenden sterrenstelsels, zoals die met de Hubble-ruimtetelescoop en telescopen op aarde zijn gemeten. Deze metingen leverden een kaart op die toont hoe de sterrenstelsels in ons deel van het heelal door de ruimte ‘stromen’.

De sterrenstelselstromen zijn het directe gevolg van de verdeling van de materie in de ruimte. Sterrenstelsels vloeien naar gebieden waar zich veel materie heeft verzameld, weg van gebieden waar materie betrekkelijk schaars is. Het netto-resultaat is een patroon van stroomlijnen die (voornamelijk) uitkomen bij de Shapley-supercluster en ontspringen aan een gebied waar zich klaarblijkelijk weinig materie bevindt.

Waarnemingen moeten uitwijzen of die kosmische leemte inderdaad zo weinig materie bevat als nu wordt vermoed. Volgens de astronomen zal dat niet eenvoudig zijn: een overschot aan sterrenstelsels is makkelijker op te sporen dan een tekort.