NRC checkt: ‘130- en 120-kilometerwegen zijn even dodelijk’

NRC checkt Dat zei minister Melanie Schultz van Haegen (Verkeer, VVD) in WNL op Zondag.

Minister van Verkeer Melanie Schultz van Haegen onthult het 130 kilometerbord bij de grensovergang Zandvliet aan de A4 in 2012. Robin Utrecht/ANP

De aanleiding

Eerder deze maand mocht VVD-minister Schultz van Haegen (Infrastructuur & Milieu) aanschuiven bij het ochtendprogramma WNL op Zondag. Veel van haar beleidsmaatregelen in de afgelopen kabinetsperiode passeerden de revue.

Presentator Rick Nieman confronteerde de minister met het toegenomen aantal verkeersslachtoffers op snelwegen waar de maximumsnelheid is verhoogd tot 130 kilometer per uur. Dat aantal was in 2015 gestegen van 10 tot 32. Schultz beaamde deze verdrievoudiging, maar weersprak dat ‘130-kilometerwegen’ daarmee gevaarlijker zijn dan de wegen waar de snelheidslimiet 120 kilometer per uur is gebleven. Daar steeg het aantal doden van 26 naar 30. Ze wees op het aandeel in de totale sterftecijfers in het verkeer. „Bij wegen met 120 kilometer per uur gaat het om 6 procent en bij 130 kilometer bij uur ook om 6 procent.”

Waar is het op gebaseerd?

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu verwijst naar een brief die Schultz al in april vorig jaar naar de Tweede Kamer stuurde. Daarin maakt ze het droevige nieuws bekend dat het aantal verkeersdoden in 2015 voor het eerst in drie jaar weer is opgelopen: met ruim 8 procent, van 570 tot 621. Of dit een „eenmalige piek” betreft, kon de minister niet zeggen. Ze zei te blijven vasthouden aan de doelstelling „van maximaal 500 doden in 2020”.

En, klopt het?

In de bijlage bij deze Kamerbrief staan verschillende tabellen waarin de verkeersslachtoffers van 2015 zijn onderverdeeld in allerlei subcategorieën. Zoals naar leeftijd (de meeste slachtoffers zijn 80 jaar of ouder), naar betrokken vervoersmiddel (slechts één verkeersdode zat in een bus) en naar wegbeheerder (de meeste doden vielen op gemeentelijke wegen). Tabel 4 geeft de verdeling „naar maximumsnelheid van de weg” in de jaren 2009-2015.

Daaruit blijkt inderdaad, zoals minister Schultz op de bank bij Rick Nieman zei, dat het percentage slachtoffers op wegen met een snelheidslimiet van 130 km/uur even hoog is als op wegen waar je 120 mag: 6 procent. De hogere snelheid geldt sinds 2012 op een steeds groter deel van alle snelwegen: inmiddels al op 62 procent van het wegennet, op 21 procent van het wegennet mag 120 gereden worden. Maar: er is iets raars met deze tabel aan de hand. Het totaal aantal slachtoffers bedraagt namelijk 531 en niet de eerder genoemde 621.

Het gaat in absolute getallen om 30 doden op 120km-wegen, en 32 doden op 130km-wegen, afgerond inderdaad 6 procent van 531. Het verschil zit hem in de wijze van registratie, legt Patrick Rugebregt uit, woordvoerder van de Stichting Wetenschappelijk onderzoek verkeersveiligheid (SWOV). Het lagere getal 531 is het aantal „door de politie geregistreerde verkeersslachtoffers”. De 621 is completer – „het werkelijke getal”, zegt Rugebregt. Hier gaat het om de aantallen „uit de doodsoorzakenformulieren en rechtbankdossiers”.

In de Monitor Verkeersveiligheid 2016, die de SWOV in december publiceerde, staat een belangrijke nuance bij alle cijfers. Omdat de politie bij 161 van de 621 dodelijke verkeersongelukken in 2015 niet heeft geregistreerd op wat voor soort weg die zijn gebeurd, is een onderverdeling naar snelheidslimiet „niet zinvol”. „Vaak blijkt bijvoorbeeld niet genoteerd te worden of een dodelijk ongeval binnen of buiten de bebouwde kom heeft plaatsgevonden.”

Conclusie

Het percentage van 6 procent doden op een 130-kilometerweg is niet zozeer onjuist als wel niet veelzeggend, want gebaseerd op onvolledige gegevens. Minister Schultz kan er in elk geval niet mee aantonen of dit soort snelwegen veiliger of onveiliger zijn dan andere. We beoordelen de stelling daarom als niet te checken.