Dollar blijft ‘onze munt, jullie probleem’

Valutamarkt

De dollar zou door het dak gaan onder het bewind van Donald Trump. Dat is nog niet gebeurd, en zou wellicht ook onlogisch zijn.

Dat was een mooie binnenkomer van Ted Malloch, de beoogde nieuwe Amerikaanse ambassadeur bij de Europese Unie. „Wat ik zou doen in 2017, is short gaan op de euro”, zei hij tegen de BBC. „Ik denk dat het een munt is die niet alleen in neergang is, maar een echt probleem krijgt in de komende een tot anderhalf jaar.”

Nu heeft Malloch wel een beetje een punt: er zijn drie, en mogelijk vier, cruciale verkiezingen in de eurozone dit jaar. Maar de eerste, in Nederland, kunnen onmogelijk leiden tot een bedreiging voor de euro. Daarvoor is de omvang van eurosceptische partijen te klein. De Franse presidentsverkiezingen in mei, met in de hoofdrol Marine Le Pen, zijn veel belangrijker.

Beleggers zijn eraan gewend geraakt dat allerlei zaken die beter niet zouden gebeuren (de Brexit, Trump) in 2016 toch plaatsvonden. Evengoed kan 2017 precies andersom uitpakken: de zaken waarvoor nu gevreesd wordt, gebeuren allemaal juist niet. Ook bij de derde belangrijke verkiezingen, komend najaar in Duitsland. In wezen lijkt er vooralsnog maar één echte wild card: vervroegde verkiezingen in Italië.

Let op de Belgen-spread

En dan is er nog de oplaaiende strijd rond het monetaire beleid. Na Jens Weidmann (Duitsland), Yves Mersch (Luxemburg) en Klaas Knot (Nederland) riep afgelopen week ook het vaste Duitse bestuurslid Sabine Lautenschläger op tot een snellere beïndiging van het opkoopbeleid van de Europese Centrale Bank.

Al die aankopen van staatsschuld door de ECB houden tot nu toe de renteverschillen tussen staatsleningen van de eurolanden redelijk in toom. Maar recent beginnen deze ‘spreads’ wat op te lopen. Met name het verschil tussen Duitsland en Frankrijk wordt groter. En, opvallend, België lijkt (even) te zijn verhuisd van het veilige ‘Duitse’ kamp (waar Nederland en Oostenrijk bij horen) naar het Franse. Je kunt dit lezen als een eerste, kleine, breuklijn in het eurogebied. Of gewoon als een effect van een sneller dan voorzien einde van het ECB-opkoopbeleid.

Trumps ‘sterke’ dollarpolitiek

In de VS waait nu een eurosceptische wind. Maar het opbreken van de euro lijkt niet in het Amerikaanse belang. De nieuwe regering-Trump hecht veel waarde aan ‘eerlijke handel’, in plaats van vrijhandel. Deze week kwam, naast het kraken van handelsverdragen en het voorstellen van invoerheffingen, daar ook de ontbrekende schakel bij: de dollarpolitiek.

Trump zei al eerder invoerheffingen op Chinese producten niet los te zien van een te sterke dollar tegenover de Chinese yuan. Zijn beoogde minister van Financiën, Steve Mnuchin, zwakte dat deze week af door te benadrukken dat de VS een belang hadden bij een sterke, stabiele dollar. Precair was alleen zijn tussenzinnetje: ‘op de lange termijn’. Dat laat ruimte over voor een zwakkere dollar op de korte termijn. Het zou niet de eerste maal zijn dat de VS geen probleem maken van een zwakke dollar om hun moeilijkheden op te lossen. En hoewel de dollar verreweg de belangrijkste wereldmunt blijft (zie onderste grafiek): tegenover de belangrijkste munten ter wereld is de dollar grosso modo aan het verzwakken in de afgelopen decennia (zie bovenste grafiek).

Nu waren economen aanvankelijk eensgezind over de vooruitzichten van de dollar onder Trump. De economische stimulering door het Witte Huis zou een reactie uitlokken van de Fed, de centrale bank, die de rente sneller zou gaan verhogen. Die economische impuls, gepaard aan een hogere rente, zou de dollar opjagen. .

Maar is dat logisch voor een nieuwe president die de lijnen op het speelveld voor internationale handel opnieuw wil trekken in zijn eigen voordeel? Nauwelijks. De centrale bank zou behoorlijk onder druk kunnen worden gezet om al te snelle rentestappen achterwege te laten, wellicht in de vorm van de benoeming van nieuwe Trumpgezinde bestuursleden. Er zijn al twee vacatures in het bestuur, en in de komende twee jaar kunnen er nog vijf (inclusief de voorzitter) bijkomen.

Weg met de euro? Onlogisch

Het toejuichen van het opbreken van de euro kan nauwelijks voordeel opleveren voor een zwakke-dollarstrategie. Van de euro-restanten zou een Duits blok waarschijnlijk fors in wisselkoers stijgen. Maar de rest zou kelderen. Nog afgezien van de puinhoop die dit, ook in de Amerikaanse financiële sector, zou veroorzaken.

De dollar, intussen, is gestopt met zijn opmars. Vrijdag stond hij op 1,07 dollar per euro. Dat is nog geen drie procent sterker dan tijdens op Trumps verkiezingsdag.

Hoe verder? De valutamarkt is onvoorspelbaar. Maar als Ted Malloch, Trumps nieuwe man bij de EU, zou willen inzetten op de gevolgen van het nieuwe beleid van zijn baas, dan zou hij niet short moeten gaan op de euro, maar op de dollar. Maar goed: coherentie is dezer dagen in Washington misschien iets te veel gevraagd.