AfD’er Björn Höcke weggestuurd bij Holocaustherdenking

Nadat hij pleitte voor het breken met de Duitse herdenkingscultuur mocht Björn Höcke niet aanwezig zijn bij een Holocaustherdenking in voormalig concentratiekamp Buchenwald. Hij kwam toch, maar werd geweigerd.

Björn Höcke buiten het in voormalig concentratiekamp Buchenwald. Foto Reuters / Hannibal Hanschke

Ook de AfD legde vrijdag een krans bij de Holocaust-herdenking in het voormalige concentratiekamp Buchenwald, in de Duitse deelstaat Thüringen. Maar de omstreden fractievoorzitter van de rechts-nationalistische partij in het deelstaatparlement van Thüringen, Björn Höcke, was de toegang tot de plechtigheid geweigerd.

„Een schande, dat een volksvertegenwoordiger geweigerd wordt”, zei zijn partijgenoot Olaf Kießling, die wél was toegelaten tot de besneeuwde gedenkplaats bij Weimar. „Een catastrofe voor de vrijheid van meningsuiting in dit land.” Driekwart eeuw geleden stond hier een van de grootste concentratiekampen van de nazi’s, waar tussen 1937 en 1945 naar schatting 56.000 mensen zijn omgekomen.

Onlangs is Höcke, die tot de rechtervleugel van de AfD hoort en bekend staat als een provocateur, zelfs volgens een deel van zijn eigen partij te ver gegaan. Hij pleitte er eerder deze maand voor om te breken met de Duitse herdenkingscultuur, waarin grote nadruk ligt op de misdaden die door nazi-Duitsland zijn begaan.

Voor een zaal uitgelaten aanhangers in Dresden zei hij, doelend op het Holocaust-monument in Berlijn:

„Wij Duitsers, ons volk, is het enige volk ter wereld dat een monument van de schande in het hart van zijn hoofdstad heeft geplant.”

Als een verslagen volk

De Duitse geschiedenis zou altijd maar als ellendig en belachelijk worden voorgesteld. En de Duitsers zouden zich nog altijd als een verslagen volk gedragen, omdat er onvoldoende aandacht zou zijn voor de positieve kanten van de Duitse geschiedenis. De zaal reageerde enthousiast en scandeerde: Wir sind das Volk! Wir sind das Volk!

Maar een dag later bezorgde de rede Höcke een golf van kritiek – in de media en van vrijwel het hele politieke spectrum. Al snel werd zijn zin over het ‘monument van de schande’ in veel media weergegeven alsof hij had gezegd dat het monument zelf een schande was – wat hij wel suggereerde, maar niet gezegd had. Waarna zijn aanhang weer de geliefde klacht aanhief over de Lügenpresse, de leugenachtige pers.

Een poging van voorzitter Frauke Petry om Höcke uit de partij te zetten mislukte. Het bestuur besloot zich nader te beraden op een maatregel tegen Höcke, waarvan de aard nog onbekend is.

Hoewel Höcke in zijn toespraak had gepleit voor „een wending van 180 graden” in de manier waarop Duitsland omgaat met zijn verleden, wilde hij deze vrijdag, de dag waarop sinds 1996 in heel Duitsland de Holocaust wordt herdacht, toch aanwezig zijn bij de plechtigheid in Buchenwald. Althans, dat bleek nadat de directeur van de stichting Gedenkplaats Buchenwald bekend had gemaakt dat Höcke, vanwege zijn uitspraken, niet welkom was.

Waarop Höcke liet weten dat hij tóch zou komen. Wat bij de organisatoren van de herdenking tot ongerustheid leidde dat de plechtigheid verstoord zou kunnen worden.

Agenten langs de Blutstrasse

En zo stonden er vrijdag politieagenten langs de toegangsweg naar Buchenwald, de zogeheten Blutstrasse, die met de dwangarbeid van gevangenen uit het concentratiekamp is aangelegd. Er was zelfs een checkpoint met een slagboom, waar politiemensen even keken wie er in de auto zat. Höcke, die een zogeheten Hausverbot was opgelegd, werd daar door de politie teruggestuurd.

Enkele honderden mensen waren wel bij de kranslegging aanwezig, onder wie enkele hoogbejaarde overlevenden van het kamp, lokale politici, een paar schoolklassen en andere belangstellenden. Onder een strak blauwe lucht stonden ze in een kring op de zogeheten Appèlplaats. „We zijn blij dat we met u kunnen herdenken’’ zei de directeur van de stichting tot de overlevenden, „en niet met de heer Höcke, die we de toegang hebben geweigerd.’’

Vier moslims, oorspronkelijk afkomstig uit Pakistan, namen ook deel aan de herdenking en legden elk een witte roos bij het gedenkteken. „We willen onze betrokkenheid tonen, en onze afschuw over wat hier gebeurd is”, zei Suleiman Malik, voorzitter van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap in Thüringen. „En we kennen het gevaar dat ook nu nog bestaat, bijvoorbeeld van moslimterrorisme.” Dat Höcke had aangekondigd dat hij zou komen, noemde Malik „enigszins provocerend”.