Onzorgvuldig gehandeld bij euthanasie 80-jarige patiënte

De arts had haar heimelijk een slaapmiddel gegeven. Ook zette hij de euthanasie door terwijl de wilsonbekwame vrouw negatief reageerde.

Foto ANP/Olaf Kraak

De euthanasiecommissie heeft een arts op de vingers getikt omdat zij euthanasie pleegde bij een patiënte die dat mogelijk niet wilde. De arts staakte de uitvoering van de levensbeëindiging niet toen de vrouw tijdens de procedure afwijzende bewegingen begon te maken. Daarvoor had de arts haar heimelijk een slaapmiddel gegeven zonder dat de Alzheimerspatiënte daar vanaf wist. De vrouw had niet gezegd dat ze op dat moment stervenshulp wilde hebben. Dat staat in een rapport van de euthanasiecommissie dat begin januari gepubliceerd werd.

Het is, zover bekend, de eerste keer dat een arts op dergelijke sterke wijze op de vingers wordt getikt door de euthanasiecommissie. De commissie vindt dat er sprake was van dwang, of op zijn minst de schijn van dwang, bij de procedure. Als een arts niet volgens de zorgvuldigheidseisen van de euthanasiecommissie handelt, dan wordt het dossier doorgestuurd naar het Openbaar Ministerie (OM) en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ). Dat betekent dat er tot vervolging over kan worden gegaan. In de praktijk is dit nog nooit gebeurd.

Wilsverklaring

Vier jaar geleden werd er bij de vrouw Alzheimer geconstateerd. Zij legde toen haar euthanasiewensen vast in een wilsverklaring: ze wilde wanneer zij “daar zelf de tijd voor rijp” achtte tot zelfdoding overgaan.

Haar symptomen werden ongeveer een jaar voor de euthanasie steeds erger. Ze zou “angstig, verdrietig en onrustig” zijn geweest, staat er in het rapport. Ze werd in het ziekenhuis opgenomen omdat haar echtgenoot niet meer voor haar kon zorgen. De opname leidde tot meer stress en angstverschijnselen vanwege het “gevoel van controleverlies” bij de vrouw. Ze zou wel vaker in het ziekenhuis hebben gezegd dat zij dood wilde, hoewel ze ook regelmatig zou hebben aangegeven dat dat “nog niet nu” moest gebeuren.

Grens overschreden

De arts besloot dat zij ondragelijk leed. Na het raadplegen van twee verschillende consulenten werd de euthanasieprocedure gestart. De arts gaf de patiënte het slaapmiddel Dormicum in een kopje koffie. Daar was zij niet van bewust. Toen zij vervolgens het euthanasiemiddel toediende, reageerde de vrouw met afwijzende gebaren. De arts zette de procedure echter door.

De euthanasiecommissie neemt het de arts kwalijk dat er op dat moment niet gestopt is met het proces van levensbeëindiging. Ook het toedienen van het slaapmiddel wordt de arts aangerekend: “Arts heeft voorts bij de uitvoering een grens overschreden”, schrijft de commissie in een samenvatting. Op de andere zorgvuldigheidseisen heeft de arts wel adequaat gelet, zoals het consulteren bij andere artsen.