Legendarisch jazzcafé vindt zichzelf opnieuw uit

Jazz

Dizzy bestaat 40 jaar en dat nodigt uit tot een duik in het heden en verleden van dit roemruchte jazzcafé.

Dizzy kende de afgelopen decennia wisselend succes, maar is „een onmisbare schakel in de keten van jazzpodia”. Foto Rien Zilvold

Met een bescheiden feestje – het robijnen jubileum wordt dit voorjaar groots gevierd – nam Dizzy afgelopen weekend alvast een voorschot op de toekomst. Een toekomst die er rooskleurig uitziet, blijkt. „Het gaat goed met de jazz in Rotterdam en dus ook met Dizzy. De kracht van het jazzcafé ligt in de magie van het feit dat het al zolang bestaat. Iedereen weet waar het zit, en het was en is een café waar je in de eerste plaats voor de muziek komt. Met een totaal andere beleving dan in bijvoorbeeld een concertzaal. Daar koop je een kaartje voor kwaliteit waarvan je ongestoord kunt genieten. In de café-setting van Dizzy kunnen mensen zich vrij bewegen”, zegt Mijke Loeven. Ze is directeur van Jazz International Rotterdam en North Sea Round Town, het fringe festival van North Sea Jazz.

Dizzy, genoemd naar de Amerikaanse jazztrompettist Dizzy Gillespie met zijn bolle wangen wiens foto’s in alle soorten en maten aan de muur hangen van het jazzcafé aan de ’s Gravendijkwal, is volgens haar een van de belangrijkste jazz-brands in de stad. „Een onmisbare schakel in de keten van jazzpodia omdat het beginnende muzikanten een podium biedt om nieuwe dingen te laten horen, live vlieguren te maken, contact te leggen met het publiek en lekker te jammen. Daarmee verleidt het vooral jongere mensen, brengt hen de liefde voor livemuziek bij.”

Die jonge mensen waren vanaf het begin bepalend voor het jazzcafé en zijn dat nog steeds, zegt jazz-historicus Hans Zirkzee. „Je moet hun rol niet onderschatten. Ze volgen vaak de Codarts-jazzopleiding, komen jammen en vormen ook de vaste kern van het publiek. De opleiding in Rotterdam met onder andere wereldmuziek is altijd breder geweest dan elders om te voorkomen dat muzikanten direct in de bijstand komen. Dat trok en trekt een internationaal en jong publiek. Die jonge muzikanten spelen wat ze leuk vinden waardoor je automatisch een bredere programmering krijgt.”

Dizzy kende de afgelopen decennia wisselend succes door een combinatie van factoren, variërend van een verkeerde bedrijfsvoering, groeiende concurrentie en tegenslag door het gemeentelijke geluidsoverlastbeleid tot de economische crisis en een slechte programmering. De zaak ging tussen 2011 en 2014 zelfs tweemaal failliet maar kon een doorstart maken dankzij een crowdfundingsactie. „Dizzy blijft sympathie opwekken en is still going strong, niet in de laatste plaats dankzij de brede, dynamische programmering met zowel jong talent als arrivés. Wat dat betreft is Dizzy de meest constante jazzclub in Rotterdam”, weet Zirkzee. Hij kent de Rotterdamse jazzscene als geen ander en schreef er zelfs een boek over dat teruggaat tot het prille begin, halverwege de negentiende eeuw.

De programmering in Dizzy, dat eind 2015 werd overgenomen door Mustafa Cingöz van grand café-restaurant De Olijventuin, is in handen van Hanyo van Oosterom. Deze Rotterdamse producer, muzikant en organisator van onder andere het Numoon-festival hanteert als uitgangspunt: een crossover van jazz en wereldmuziek met thema-avonden zoals coming stars op donderdag en bands on tour op zaterdag. Low profile blijven is volgens hem het belangrijkste. „Een jazzcafé moet goed voelen en moet een inspiratieplek zijn voor zowel bezoekers als jong talent en de oude garde. Daarom brengen we hen met elkaar in contact.”