Chinese ‘goudmijnen’ sluiten massaal

Golf

In China werden de laatste maanden talloze golfclubs gesloten, wegens corruptie, illegale landverkopen en de vervuiling van het milieu.

Hideki Matsuyama in oktober 2016 op de achttiende hole van het WGC-HSBC Championstoernooi op de banen van Sheshan International Golf Club in Shanghai. Foto Ng Han Guan/AP

De golfsport mag hij dan „een bron van verderf” vinden, maar in China is het een publiek geheim dat president en partijleider Xi Jinping geen slechte amateurgolfer is. Hij verwierf in de zeventien jaar als partijsecretaris van de zuidwestelijke provincie Fujian een soepele slag, vertelde de voormalige Taiwanese topsporter en golfcoach Li Xianzong vorig jaar tegen de Taiwanese televisie.

In de ‘grote rectificatie’ van de golfsport is dat een saillant detail waarover geen Chinees medium mag en kan berichten. Of er onder de 176 clubs die in de afgelopen weken en maanden zijn gesloten ook greens bevinden waar Xi ooit een balletje heeft geslagen, blijft dus een onbeantwoorde vraag.

Al even pikant is het feit dat hij het balspel leerde van een beroemde Taiwanees. In de jaren ’90 waren er simpelweg geen goede coaches op het vasteland en op Taiwan, op het eiland pal tegenover Xi’s Fujian, wel. Xi was beslist niet de enige partijbestuurder met een talent voor golf. Zijn techniek moet inmiddels wel verroest zijn, want in de Communistische Partij is het lidmaatschap van een golfclub sinds oktober 2016 verboden en dus dodelijk voor een loopbaan.

Caddie Wang Yu van de Sheshan Golfclub in Shanghai heeft van collega’s gehoord dat Xi ook in de korte tijd dat hij in 2007 de partijbaas was van de kapitalistisch ogende metropool ook wel eens een rondje maakte langs de 18 holes van deze eliteclub. Dat wil het bestuur van deze vereniging, waar de honderd leden jaarlijks 230.000 euro lidmaatschapsgeld moeten betalen, natuurlijk niet bevestigen en het klinkt ook niet erg geloofwaardig. Wie opklimt tot partijleider van de CPC weet als geen ander waar zich valkuilen bevinden.

Een telefoongesprek met een clubmanager wordt even later zelfs abrupt afgebroken als de arrestatie, eerder deze week, van een van de bekendere leden ter sprake komt. Xia Xinghua was tot begin deze week plaatsvervangend hoofd van de Chinese burgerluchtvaartdienst. Xia wordt er volgens het staatspersbureau Xinhua van verdacht de partijdiscipline te hebben geschonden door in kantoortijd en ook na het nieuwe verbod op een golfclublid-maatschap te gaan golfen op de banen van Sheshan, waar hij dankzij de hulp van andere leden die zijn contributie betaalden toegang tot had. Doodzondes in drievoud.

Alleen rijken en expats

Het verhaal van de golfsport in China is het verhaal van de geschiedenis van de afgelopen honderd jaar. Grote steden als Shanghai hadden aan het begin van de vorige eeuw clubs waar alleen zeer rijke Chinezen en expats toegang tot hadden. Terwijl zij in de internationale concessies toernooien speelden, crepeerden in de straten rondom de clubs bejaarden en kinderen.

Onder Mao Zedong, die als student en jong partijlid in Shanghai verbleef, werd de sport verbannen want „decadent en westers”. Mao noemde de sport „groene opium”. Onder zijn pragmatische opvolger Deng Xiaoping mochten er weer golfbanen aangelegd worden om buitenlanders (en hun kapitaal) aan te trekken. Formeel werd Mao’s verbod overigens nooit opgeheven. Sterker nog, er volgde in 2004 een nieuw verbod dat op grote schaal ontdoken werd. In dat jaar beschikte China over 176 clubs, waarvan tien legaal. Zes jaar later waren er meer dan 600 die schuilgingen achter namen als Yangshan Ecologisch Project (op Hainan) of Zhengzhou Private Residences.

Zoals zo vaak in China trokken lokale bestuurders zich weinig aan van de in Beijing opgestelde verbodsbepalingen, want grond verkopen (in werkelijkheid leasen) is de belangrijkste bron van inkomsten. „De berg is hoog en de keizer is ver weg” is niet voor niets een bekend gezegde.

Boeren moesten wijken

Na de financiële crisis van 2008 en 2009 in het westen was er zelfs sprake van een explosie omdat voor internationale exploitanten China de enige groeimarkt was. Provincies en steden, vooral in het warme zuiden, verwelkomden hen met open armen omdat de buitenlanders (hotelketens, projectontwikkelaars en sportbedrijven ) over veel geld beschikten. In Guangzhou en op Hainan werden probleemloos miljoenen dollars per hectare betaald. Boeren en andere dorpelingen die moesten wijken, werden afgescheept met bescheiden bedragen en vaak met harde hand verwijderd. Voor plaatselijke bestuurders was de aanleg van golfbanen een goudmijn. Golfbanen zijn ook vaak de lokkertjes om kopers van nabij of op de terreinen gelegen villa’s aan te trekken. Lokale besturen verdienen dan niet alleen aan de lease van de grond, maar ook aan de verkoop van zand en bouwmaterialen waar zij staatsmonopolies op hebben. Dat daarbij nieuwe wetten op het gebied van waterverbruik, illegaal gebruik van landbouwland en het gebruik van pesticiden werden geschonden is een bekend fenomeen in China.

„Het gaat onze leiders helemaal niet om de golfsport op zich, maar om alle kwalijke bijverschijnselen zoals corruptie, milieuvervuiling en illegale landverkopen die grote sociale spanningen veroorzaken”, vat Han Lie, directeur van het Golfonderwijs en Onderzoekscentrum van de Universiteit voor Bosbouw, de uitwassen samen.

Han Lie ontkent dat de autoriteiten de golfsport uit China willen verdrijven. „Nee, de golfsport heeft beslist een toekomst in China, ook de PGA Tour China gaat gewoon door”, denkt hij.

Han Lie wijst op de groeiende populariteit van de sport bij de Chinese middenklasse, de stijgende omzetten van bepaald niet dure golfclubs en het Olympische succes van golfster Feng Shanshan die in Rio het brons won. Terwijl thuis haar sport werd verguisd door de autoriteiten, konden zij en haar teamgenoten rekenen op alle financiële steun van de overheid. De internationale jacht op medailles woog toen toch zwaarder. Maar of dat zo blijft, is voor de Chinese topgolfers die door de media worden genegeerd, een grote vraag.

Naschrift 20 september 2017: Uit intern onderzoek bleek dat NRC niet kan instaan voor de journalistieke integriteit van dit verhaal. Lees hier meer informatie.